Judoka Anicka van Emden: 'Je moet niet zeuren, maar je inzetten om iets beter te maken'

Judoka Anicka van Emden won op de Olympische Spelen in Rio de Janeiro de bronzen medialle. Beeld anp

Op de trap richting de wedstrijdhal wordt Anicka van Emden aangeklampt. “Yes, kom er zo aan”, zegt de voormalige judoka. “Eerst even een interview.” Het zijn de mensen van Bewegen tegen Kanker, de stichting waar ze sinds kort ambassadeur voor is.

Van Emden, die na haar bronzen plak op de Olympische Spelen in Rio een punt zette achter haar carrière, doet op de internationale Grand Prix-wedstrijd in Den Haag namens de stichting een Meet and Greet met judoliefhebbers. Ze heeft wat olympische kleding meegenomen om te verloten.

Vijf meter verderop tikt een jonge fan op haar schouder. Of ze een handtekening mag. “Tuurlijk”. Het kind komt terug met een marker waarmee een witte judoband van een krabbel wordt voorzien. “Ik kan hier geen meter lopen zonder mensen gedag te zeggen”, lacht ze.

Van het zwarte gat na de topsport was bij Van Emden (30) geen sprake. Ze ging meteen fulltime aan de slag in het Haaglanden Medisch Centrum, op de afdeling radiologie. Daarnaast zette ze zich in voor de atletencommissie van de judobond, en sinds februari voor de atletencommissie van sportkoepel NOC-NSF.

Zeuren

Ze vindt het belangrijk om de stem van de sporter te laten horen. Dat gebeurt veel te weinig, vindt ze. “Je kunt wel gaan zeuren dat alles niet goed is. Maar je kunt je er ook voor inzetten om iets beter te maken. Dat heb ik geprobeerd bij de judobond. Alleen wilden we dit”, Van Emden maakt een groot gebaar met haar handen, “en kregen we dit”, terwijl ze haar duim en wijsvinger dicht bij elkaar houdt.

Wat wel gelukt is, zijn betere afspraken over sponsors op kleding. Van Emden zette zich ook in om de selectiecriteria voor de Olympische Spelen duidelijker op papier te krijgen. Dat onderwerp ligt haar aan het hart, omdat ze zelf werd gepasseerd voor de Spelen van Londen terwijl ze vond dat ze meer recht had om te gaan dan haar concurrente. “Het enige wat erover in de statuten stond, was dat de technische staf bepaalt wie er mag gaan. Daar kun je als sporter niets mee. Ik ben nog bij een advocaat geweest, maar had geen poot om op te staan. Nu is er in ieder geval een A4-tje waar wat selectiecriteria op staan.”

Niet gelukt: het tegenhouden van de centralisatie, die na veel vertraging en ruzie na Rio toch is voltrokken. De beste judoka’s trainen nu op Papendal, in plaats van bij de regionale clubs zoals voorheen. De atletencommissie was daar fel op tegen.

IJskast

Vooral over de manier waarop de eerste vorm van dat plan werd gepresenteerd, was Van Emden boos. Typisch geval van managers uit het bedrijfsleven die dingen doordrukken zonder voldoende verstand van zaken. “Wij kregen te horen dat we binnen acht maanden tijd allemaal op Papendal moesten zitten. Ik heb Ben (voormalig technisch directeur Ben Sonnemans, red.) meteen opgebeld om te vragen of hij soms mijn salaris ging betalen. Ik werkte twaalf uur per week in het ziekenhuis naast het judo, dat zou niet meer kunnen als ik moest verhuizen.”

Het plan ging voorlopig in de ijskast, Sonnemans vertrok. Henry Bonnes, die nu weer weg is, zorgde onder veel protest dat de centralisatie er toch kwam. Van Emden maakt hoofdstuk Papendal niet meer mee. Zij stopte. Ze is wel gaan kijken en vindt dat het voor de jeugd beter is geworden. Ze twijfelt of het voor de gearriveerde sporters wel de beste aanpak is. “Alle onrust hielp niet mee. Als sporter moet je alleen maar aan sport hoeven denken.”

Het kan geen toeval zijn dat de bronzen plak van Van Emden de enige medaille was die in Rio werd gehaald, de slechtste prestatie voor het olympisch judo in Nederland sinds 1988 in Seoul, waar de teller ook op één keer brons bleef steken.

Het judo moet het nu zonder Van Emden zien te redden, ze legde haar taak als voorzitter van de atletencommissie twee weken geleden neer omdat ze te druk is met haar werk. Voor NOC-NSF blijft ze wel actief. Ze houdt zich, vanwege haar medische achtergrond, bezig met de zorgverzekering van topsporters.

In het ziekenhuis maken ze wel eens grappen over haar judoachtergrond, als het haar niet lukt om een dopje van een infuus af te draaien. Van Emden laat haar vingers met dikke knokkels vol artrose zien, de erfenis van haar judocarrière. “Die fijne motoriek ben ik kwijt.”

Lees ook: Alle hoop is nu gericht op de judotalentenfabriek op Papendal

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden