'Judiths dood was een knock-out, een vuile klap'

Vijftien jaar geleden werd de vrouw van Wouter Looten (nu 44) vermoord tijdens een zakenreis naar Vietnam. In zijn boek, een handleiding voor weduwnaren, beschrijft hij hoe hij zijn leven weer op de rit kreeg.

Wouter Looten

Wouter Looten (Arnhem, 1967) groeide op in het Brabantse Veghel. Na een heao-studie in Arnhem, waar hij zijn eerste vrouw Judith ontmoette, werkte hij in Nederland als vertegenwoordiger voor Coca- Cola, als accountmanager voor Wilkinson Sword, en als commercieel manager voor dagblad De Gelderlander.

Samen met zijn huidige vrouw Olga was hij een jaar lang eigenaar van Beach Club El Zocolo in Spanje. Daarna werkte hij als field sales manager voor L'Oreal in Nederland, als sales manager voor Keune Haircosmetics in Frankrijk en als country manager voor Omnigreetings in datzelfde land.

Sinds anderhalf jaar woont en werkt Looten in Florence. Over de dood van zijn vrouw schreef hij 'The Widowers' Manual' (Morgan James Publishing) en geeft lezingen en sessies over levensbepalende veranderingen. Zijn boek is (in het Engels) als paperback en ebook te bestellen bij de Duitse site van Amazon (www.amazon.de) die gratis in Nederland bezorgt.

Les 1

Pijn slijt niet

"Ik zat op kantoor toen ik de auto van mijn vrouws collega het parkeerterrein op zag rijden. Vreemd, dacht ik, want ons bedrijf doet helemaal geen zaken met hen. Een fractie van een seconde later voelde ik: foute boel. Zonder iets te zeggen liep ik de trap af. Mijn vrouws collega kwam op me af. Toen sprak hij de drie meest verwoestende woorden van mijn leven: Judith is dood.

Ik kende Judith van mijn studie. Anderhalf jaar eerder waren we getrouwd. Een perfecte dag in een geweldig kasteeltje, met een stralende zon en een bruid die eruitzag als een prinses. Ik was gelukkig, het leven lachte ons toe.

Tot half elf was die woensdagochtend er een als alle andere. Met dat verschil dat Judith niet thuis was, maar op zakenreis in Vietnam. Ze had me op maandag nog enthousiast gebeld: geweldig had ze het gevonden om te zien hoe het aardewerk dat zij ontwierp voor een tuindecorateur, daar in het Verre Oosten uit de ovens kwam. Ik was blij voor haar. Op donderdag zou ze terugvliegen, maar eerst wilde ze met twee collega's nog souvenirs kopen op een toeristische markt. Terwijl ze daar was, rende er uit vanuit het niets een man op haar af die haar doodstak. Ze was 26 jaar, ze was mijn vrouw, ze was een dochter, een vriendin en ineens was ze dood.

Je vergist je, zei ik tegen Judiths collega. Wat zég je nou eigenlijk? Ik heb haar eergisteren nog gesproken, ze komt morgen naar huis. Dit is allemaal één groot misverstand.

Vanaf dat moment had ik het gevoel alsof mijn hoofd in een grote plastic fles werd gestopt. Ik zag wel dat mensen tegen me praatten, maar ik verstond ze niet, ik hoorde alleen maar geruis en ik dacht: alles is weg, er is niets meer. Onophoudelijk zoemde door mijn hoofd: wat moet ik nu doen, wat moet ik nu doen? Wát moet ik nu doen?

Vijftien jaar lijkt een lange tijd, maar als ik erover praat, voelt het als gisteren. Niet als vandaag, maar als gisteren. Pijn slijt niet. De wanhoop en het enorme gat dat werd geslagen zijn door de jaren heen gevuld met hoop en nieuwe levenservaringen. Maar de pijn is er nog altijd."

Les 2

Leven is soms angstaanjagender

dan de dood

"Na een paar maanden zag ik familie en vrienden hun dagelijkse routine weer oppakken. Het nieuwtje van Wouter de Weduwnaar raakte er een beetje af. Ik zag mensen zich kapot ergeren omdat ze in een file stonden, ik zag mensen geïrriteerd raken omdat ze de verkeerde rij voor de kassa hadden gekozen. Ik dacht: waar maakt iedereen zich in hemelsnaam zo druk om? Mij maakte het allemaal niet meer uit. Alles liet me koud. Je moet jezelf bij elkaar rapen, zei ik tegen mezelf. Maar er viel niets bij elkaar te rapen. Er was niets kapotgevallen. Het werkt niet zo dat je de stukken van de vloer veegt, hier en daar wat lijm smeert en hoppa, daar staat weer iets. 'Iets' is er niet meer. Er zit niets anders op dan 'iets' nieuws te maken - maar ik had werkelijk geen idee hoe dat moest.

En dat maakte me woest. Een maand na Judiths dood stuurde iemand me naar een psychiater. Wat kan ik voor je doen, vroeg de beste man. Ik wil mijn vrouw terug, zei ik. Dat kan ik niet regelen, zei hij. Dan ga ik weer, zei ik. En ik ging. Onbeschoft, maar ook dat interesseerde me toen helemaal niets. Ik was vol van mezelf, ik zat in een bubbel die tot de rand was gevuld met Wouters wanhoop. Daar kon niets anders bij.

Er was een tijd dat ik dacht dat eruit stappen moediger was dan doormodderen. Leven is soms angstaanjagender dan de dood. Ik hoopte van harte dat een dokter me zou zeggen dat ik een tumor zo groot als een tennisbal in mijn hoofd had en dat ik nog maar drie weken 'hoefde'.

Tegelijkertijd wilde ik voelen dat ik wél leefde, dat de adrenaline door mijn aderen pompte. Ik crosste op de motor door Europa, ik beklom de Alpen, ik stond als Spiderman op een richel platgedrukt tegen een berg. Ik tartte de dood: kom mij dan ook maar halen als je durft.

Toen ik met mijn zus in New York was, op bezoek bij een nichtje, wachtte ik in de hal tot zij klaar waren voor vertrek. Ineens voelde ik een kus op mijn wang, maar er was niemand. Dat is Judith, dacht ik, ze neemt afscheid van me. Ze zegt dat zij haar weg gaat, en dat ik de mijne moet bewandelen. Ik wist dat ze gelijk had. Ik wilde het leven weer écht voelen, er weer deel van uitmaken, liefhebben, aandacht schenken, proeven. Niet op een bezeten manier, maar in kalmte, in aandacht, in balans. Ik was buiten het leven geplaatst of ik had mezelf buiten het leven geplaatst, en ik wilde er weer in. Ik begreep ineens: dat is de enige manier om verder te gaan. Ik had geen idee hoe dat moest, maar ik voelde dat dat besef cruciaal was; de eerste stap."

Les 3

Je kunt niet aan jezelf ontsnappen

"Toen Judith net was overleden, zeiden mensen tegen me: je bent nog jong, je komt vast weer iemand tegen. Daarmee beledigden ze me diep. Het was een ontkenning van mijn pijn, van mijn verdriet - en daarmee namen ze mij wéér een gekoesterde schat af.

Viereneenhalf jaar na Judiths dood ontmoette ik Olga, een Italiaanse die in Parijs werkte voor een grote hotelketen. De vonk sloeg over. Na drie maanden ging ik op mijn knieën, nog eens drie maanden later trouwden we in Las Vegas. In zeseneenhalve minuut was het geregeld. Ik was altijd al behoorlijk zwart-wit, maar na Judiths dood werd ik fatalistisch; de mens heeft geen enkele invloed op zijn lot, je weet nooit hoe het loopt. Dus als ik jou leuk vind en jij mij, dan doen we het en we doen het snel.

Mijn familie reageerde verbijsterd. De tijd was er niet rijp voor, het was niet respectvol naar mijn verleden met Judith, het zou een klap zijn voor haar familie. Nu pas begrijp ik dat mijn familie zichzelf een taak had toebedeeld: zorgen voor Wouter. En ineens pikte iemand hun baantje in, stootte hen van hun plaats. Veranderingen zijn altijd moeilijk, weet ik inmiddels. Destijds maakte het me kwaad: jullie wilden toch dat het weer goed met me ging? Nu gaat het goed met me en gunt niemand me dit geluk!

Ik voelde me heen en weer geslingerd tussen Olga aan de ene kant en mijn familie aan de andere. We hebben onze spullen gepakt, onder het mom: Olga is zwanger en wil graag bij haar familie zijn. We verhuisden naar Italië. Ook in Italië vond ik geen rust. Na anderhalf jaar verhuisden we naar Spanje om een strandbar te beginnen. Met nul ervaring verdienden we een jaar lang goed geld. We verkochten de boel toen ik opnieuw een baan in Nederland kon krijgen. Dagen van zes uur in de ochtend tot acht uur 's avonds maakte ik. Olga kwijnde weg, in dat vreemde land met die vreemde taal. Toen zij een baan in Parijs aannam, vertrokken we weer. En sinds anderhalf jaar wonen we in Florence.

Al die verhuizingen, al die banen - het was een vlucht. Altijd hoopte ik dat het op een andere plaats beter zou zijn. 'Die Nederlanders zijn zo stug, daar kom je niet tussen, laten we naar Frankrijk gaan'. 'Die Parijsenaars zijn zo stug, daar kom je niet tussen, kom, we vertrekken naar Italië'.

Sommige mensen vond het stoer wat ik deed: steeds de boel weer inpakken, steeds weer opnieuw beginnen. Maar dat was het niet. Je kunt niet aan jezelf ontsnappen. Omstandigheden veranderen niet, mensen zijn overal hetzelfde. Je kunt alleen zelf veranderen. Als je je vrouw niet wilt zien wegkwijnen, moet je niet zulke lange dagen maken. Zo simpel is het. Als je je niet doorlopend wilt ergeren, hou je ermee op; dat is een besluit dat je kunt nemen.

Toen Judith net dood was, wilde ik alleen positieve dingen horen. Niet van: dit lukt niet, of die is ziek, of dat is naar. Die licht hysterische hang naar optimisme heb ik niet meer. Het leven is zoals het is. Het gaat er niet om wat je krijgt, het gaat erom wat je ervan maakt en wie je wordt. Soms is het even niet leuk; oké, dan is het even niet leuk. Het draait om voelen wat er te voelen is, om niets uit de weg te gaan. Soms ben ik intens verdrietig om alles wat er is gebeurd. Een half uur later stap ik op mijn motor, rijd door Florence om mijn dochter Meggie van school te halen, en voel ik me heel gelukkig. Het draait om balans, en ik heb het idee dat ik het elke dag een klein beetje beter snap."

Les 4

Deel je ervaringen

met anderen

"Er zijn mensen die jaren intensief met me hebben gewerkt en van niets weten. Ik hou niet van verhalen met een triest einde en ik ging ervan uit dat andere mensen ook niet op een zielig verhaal zitten te wachten.

Niettemin zat ik na al die jaren nog steeds vol van wat me was gebeurd. Alsof iemand probeerde een volle fles water in een te klein glas te kieperen - ik liep over. De beste manier om het glas te legen, is het water eruit te gieten door je ervaringen te delen met anderen, weet ik nu. Het lucht me op als ik erover praat, ik voel me beter als ik mijn verhaal vertel. Het komt recht uit mijn hart, en anderen voelen en waarderen dat.

Toen ik op de bodem zat, dacht ik wel eens: ik wou dat er een handleiding was, gereedschap, dat iemand me kon vertellen hoe, wat, waar ik kan beginnen aan een weg naar boven. Misschien loopt er wel ergens een man rond die, net als ik destijds, amechtig probeert de stukken op te rapen die er niet meer zijn. Misschien is mijn verhaal wel waardevol voor andere mensen, misschien kan ik ze weer zicht geven op waar het zo'n beetje om draait.

Mijn verhaal heeft helemaal nog geen einde. De dood van Judith was een knock-out, een ongelofelijk vuile klap. Maar míjn leven is niet opgehouden. Ik liep met Judith een bepaalde route en ik werd gedwongen een ander pad te kiezen, maar dat is óók een weg, een heel mooie zelfs. Met Olga heb ik de liefde teruggevonden. Tien jaar geleden werd onze prachtige dochter Meggie geboren. Ik heb het leven terugveroverd op de dood."

levenslessen

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden