Journalist worden is weinigen gegeven

Een baan bij de radio of een landelijke krant? Dat privilege is slechts een paar van de tweehonderd jongeren gegund die zich jaarlijks aanmelden voor de studie journalistiek. Werken voor de tv, reportages maken? Iets meer kans, maar het is een harde wereld. Daar moet je tegen kunnen. Het is een standaard waarschuwing voor de honderden geïnteresseerden die zich jaarlijks melden voor de School voor Journalistiek in Utrecht. Met andere woorden: de meeste afgestudeerden worden geen journalist, maar eindigen als voorlichter bij een ministerie, gemeente of multinational.

Journalistiek is een studie die niet geheel aansluit bij de vraag vanuit de markt. Krantenoplages dalen gestaag, grote reorganisaties staan op stapel. Terwijl journalistenopleidingen allemaal de afstudeerrichting dagblad aanbieden. Bij actualiteitenrubrieken is het vechten om een plekje. Waarom nemen journalistenopleidingen jaarlijks veel mensen aan, terwijl ze geen rekening houden met de krimpende vraag?

De toegenomen marktwerking in het onderwijs is deels het antwoord. Hogescholen en universiteiten beconcurreren elkaar. Ze hopen op zoveel mogelijk inschrijvingen. Zo'n honderd nieuwe studies per jaar worden om die reden in het leven geroepen (game architecture and design, technische geneeskunde en musicology research om er maar een paar te noemen). Terwijl niet duidelijk is of de afgestudeerde daadwerkelijk kans heeft een baan te vinden in deze richtingen.

Werkgeversorganisaties VNO- NCW en MKB Nederland maken zich terecht zorgen over deze ontwikkeling. In een deze week gepubliceerde nota, onder meer verstuurd naar de hbo-raad, het ministerie van OCW en de Kamer, pleiten ze voor een betere afstemming tussen hogescholen en bedrijfsleven. Hbo's opereren op dit moment veel te autonoom. Er wordt uitsluitend ingespeeld op de wensen van de student, terwijl niet wordt onderzocht waar bedrijven behoefte aan hebben, luidt de kritiek.

Jongeren vallen daardoor nodeloos buiten de boot op de arbeidsmarkt omdat ze studies hebben gekozen waar geen werk in te vinden is. Gezien de oplopende werkloosheid onder jongeren – deze week werd bekend dat 13,9 procent van de 15- tot 23-jarigen werkloos thuis zit – is dat een ongewenste ontwikkeling. Landelijk moeten bedrijfsleven en hogescholen, in een speciale raad, gaan bekijken waar de markt behoefte aan heeft. Blijven, ondanks waarschuwingen vooraf, studies zonder arbeidsmarktperspectief veel studenten trekken, dan moet een numerus fixus ingesteld worden, vindt VNO- NCW.

Een goed plan. Nog beter zou zijn de studie, die kennelijk zo tot de verbeelding spreekt bij jongeren, aan te passen aan de wensen van de markt. Neem journalistiek. Oud-hoofdredacteur van deze krant Frits van Exter schreef onlangs op de opiniepagina dat journalisten geen handelaren in bedrukt papier zijn, maar een behoefte aan informatie behoren te vervullen. Journalistiek, zo schrijft Van Exter, is in de eerste plaats het vaststellen van feiten die er voor mensen toe doen. Een terechte constatering. Studies journalistiek moeten daar rekening mee houden. Dus niet zozeer opleiden tot dagblad-, tv- of radiojournalist. Afgestudeerde journalisten moeten breed inzetbaar zijn, digitale media kunnen in dat lijstje niet ontbreken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden