Jordanië vreest voedselrellen

Armen in Jordanië kunnen deze ramadan de vasten voor niets breken. De inflatie is hoog en van de groei profiteert vrijwel niemand.

Zo’n keurige rij zie je zelden in het Midden Oosten, zeker niet tijdens de ramadan als de mensen hongerig en ongeduldig van het vasten zijn. Maar op het Hashemieten Plein in centraal Amman staan zo’n tweehonderd mensen braaf te wachten op hun gratis maaltijd.

De linkertent is voor de vrouwen – zonder uitzondering met hoofddoek. Rechts staan de mannen; de ouderen onder hen met de traditionele rood-witte kifaya, de jongeren gekleed in t-shirts van Amerikaanse rappers.

Op de tenten staat het logo van het telecombedrijf dat de maaltijd sponsort, maar Aboe Ghaed dankt liever God voor de kip en rijst waarmee hij de vasten breekt.

Zonder liefdadigheid betwijfelt hij of hij deze ramadan veel vlees zou eten. De prijs van kip is de afgelopen maanden verdubbeld, net als van zuivel, dadels en sommige groenten. Zijn loon is niet gestegen, klaagt hij, iets dat de andere mannen aan zijn tafel ongevraagd bevestigen.

Als bouwvakker verdient Aboe Ghaed 250 dinar (230 euro) per maand, voorheen net genoeg om zijn familie van zeven te onderhouden. „De ramadan is altijd moeilijk. De kinderen willen cadeautjes, de hele familie komt langs. En dit jaar valt de ramadan ook nog samen met het begin van de school. Het is een ramp.”

Het is niet alleen de inflatie in Jordanië, dit jaar 6,25 procent, die de prijzen omhoog drijft. Over de hele wereld zijn de prijzen van basisgoederen immers gestegen. Tijdens de ramadan worden de prijzen vaak nog eens extra opgeschroefd, deels vanwege de toegenomen vraag, deels vanwege woeker.

De verontwaardiging over de prijzen, op straat en in de media, heeft ook het paleis bereikt. Koning Abdoellah van Jordanië kondigde maatregelen aan om de prijzen van basisgoederen laag te houden, desnoods via directe subsidie.

In 1989 braken in Jordanië meerdaagse rellen uit vanwege de stijging van de prijs van brood. Toen gaf de vader van Abdoellah, Hoessein, het volk met een vrijere pers en een gekozen parlement meer inspraak.

Abdoellah doet het anders. Zo mochten boeren in Amman hun spullen zonder middelman aan de klant verkopen en werden de overheidswinkels, met hun lagere prijzen voor ambtenaren, toegankelijk voor iedereen.

Hoewel de Jordanese economie in 2006 groeide met 6,4 procent, leeft 15 procent van de bevolking onder de officiële armoedegrens van twee dollar per dag. Volgens berekeningen van non-gouvernementele organisaties ligt het werkelijke percentage echter op 30, en is de relatieve armoede de afgelopen jaren verdubbeld.

Behalve de stijging van de voedselprijzen, verdubbelde de prijs van onroerend goed in de afgelopen jaren. Ook kwam een einde aan de gesubsidieerde olie uit Irak en Saoedi-Arabië.

Enkele andere landen in het Midden Oosten, die meestal ook geen grote olievoorraden hebben en in een vergelijkbare fase van economische liberalisering verkeren, laten dezelfde trend zien. In Egypte, Tunesië en Katar is de inflatie enorm en zijn de prijzen tijdens de ramadan eveneens flink toegenomen.

„Je ziet nu overal in de regio dat het gat tussen rijk en arm groeit”, zegt Faisal Hakki, econoom van de Arab Advisors Group in Amman. „Maar inmenging in de markt door de overheid is niet de oplossing. Het verhoudt zich slecht met het economische liberaliseringbeleid, dat al jaren volwaardige aansluiting bij de wereldmarkt nastreeft.”

Door privatisering en het afslanken van de overheidsbureaucratieën raakten veel Jordaniërs hun baan kwijt. „Die moeten nu op eigen benen staan. En alleen de rijksten hebben geprofiteerd van grote buitenlandse investeringen in sommige sectoren als de bank- en telecomsector”, stelt Hakki vast.

Dat deze ontwikkeling niet zonder risico is in een land dat een grote stroom (Iraakse, en in mindere mate Libanese) vluchtelingen heeft opgenomen en voor de helft wordt bevolkt door Palestijnen, beseft de overheid heel goed, aldus Hakki.

Om te voorkomen dat economische problemen een etnische dimensie krijgen, lanceerde de overheid een campagne om een collectieve indentiteit te stimuleren : ‘Kullina Urdani’ (wij zijn allemaal Jordaniërs).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden