JOOP VAN DEN ENDE

De Honeymoon Quiz. Goede Tijden Slechte Tijden. De Soundmix Show. Quizzes, soap, entertainment: hij produceert het en gros, in Aalsmeer. Maar hij steekt ook acht miljoen eigen geld in een Nederlandstalige musical. "Hij houdt echt van theater." Inhoudelijk moet het wat om het lijf hebben. "Ik word zenuwachtig als ik twee en een half uur lang naar een lullig verhaaltje moet kijken."

Joop van den Ende (50) lacht verlegen wanneer hij Haenens oordeel krijgt voorgelegd. "Ik merk steeds dat ik bij theatermensen die mij niet kennen, begrip moet veroveren. Ik kan me best voorstellen dat ze denken 'Wat is dat eigenlijk voor vreemde man?' Ze associeren me toch vooral met Andre van Duin en Henny Huisman, de Honeymoonquiz, 'Goede Tijden Slechte Tijden'. En dan zit ik daar met hun te praten over theater, toch een heel ander genre. Ik ga die knokpartij graag aan. Ik vind het leuk om anderen te bewijzen dat ik dat ook kan."

Inmiddels heeft Van den Ende al tientallen theaterprodukties geproduceerd. Hij wenst een breed scala aan interesses en activiteiten te blijven ontplooien. Geen of-of, maar en-en. "Ik heb de drang om alles te doen." Een opera, een populair liedje, een goedgeschreven toneelstuk, van alledrie kan hij intens genieten. En neem soap-series. Hij houdt van soap en is er trots op dat het hem is gelukt mensen als Olga Madsen en Rogier Proper voor 'Goede Tijden Slechte Tijden' aan te trekken en dat er elke dag een aflevering te zien is. In Engeland bij voorbeeld komen vergelijkbare series niet vaker dan drie keer per week op het scherm. En wat zeiden Madsen en Proper, toen ze zich voor het eerst serieus in soap verdiepten?: 'Wat is dit een moeilijk genre!'

Ofwel: een documentaire over Picasso maken is volgens hem gemakkelijker dan het bedenken van een soap-serie of een quiz. Want Picasso's leven en werk vormen van zichzelf al zo'n interessant onderwerp, dat je wel heel onnozel moet zijn om dat in een documentaire te verknoeien. "Begrijp me goed, ik stel Picasso niet op een lijn met soap. Maar iets nieuws bedenken en daar dan vervolgens vorm aan geven is ontzettend moeilijk."

Zaterdagmiddag, drie uur. Een uur later dan afgesproken komt Van den Ende in t-shirt binnen, net terug van de plotsklapse brand die de make-up kamer van zijn Aalsmeerse studiocomplex verkoolde en een gat in een van de werkkamers smolt. Afgezien van een pareltje zweet op het voorhoofd, is de tegenslag hem niet aan te zien.

Hij raakt sowieso niet snel in paniek - "ik ben goed in regelen" - en de verantwoordelijkheid voor de pakweg 700 mensen die per seizoen bij zijn bedrijf in dienst zijn, van wie 250 vast, bezorgt hem geen slapeloze nachten. "Ik heb een eigen bedrijf gecreeerd om onafhankelijk te zijn, geld te verdienen om die dingen die ik wil te kunnen doen. Ik raak alleen van slag, als mensen me teleurstellen."

Zo te horen verwacht hij niet dat dit hem zal overkomen met het team dat hij voor zijn nieuwste waagstuk, 'CyranoDe Musical', bijeen heeft gebracht. Om er maar een paar te noemen: zijn uitvoerend producent Robin de Levita, die al elf jaar bij hem werkt, is 'een kanjer', en voor regisseur Eddy Habbema en decorontwerper Paul Gallis heeft hij niets dan lof.

"Eddy wilde Paul er graag bij hebben. Ik kende zijn werk niet, daarom ben ik naar de tentoonstelling gegaan die het Nederland Theater Instituut aan hem heeft gewijd. Ik zag toen dat Paul een hele goeie was."

Met zichtbaar genoegen stelt hij vast dat hij er steeds vaker in slaagt talenten om zich heen te verzamelen.

"De samenwerking is niet altijd gemakkelijk, goede mensen zijn vaak buitengewoon kritisch. Dat is lastig, maar de kwaliteit van het geheel wint er bij."

En hij zelf, is hij ook lastig?

Korte stilte.

"Ik ben voorspelbaar. Een Vis. Zorgzaam. Creatief. Het gaat mij er om een zo hoog mogelijke kwaliteit te bereiken. Bij een ingewikkeld genre als musical probeer ik te zoeken naar de optimale combinatie van mensen en factoren. Dat is nog geen garantie voor succes, maar je komt er wel dichtbij."

Paul Gallis, vast verbonden aan Toneelgroep Amsterdam en veelvuldig werkzaam bij vooral buitenlandse operahuizen, is op zijn beurt zeer te spreken over Joop van den Ende:

"Er kan heel veel bij hem. Hij houdt echt van theater. Natuurlijk wil hij wel argumenten horen waarom je iets wil veranderen waardoor het meer gaat kosten, maar hij stelt zich absoluut niet benauwd op. Op een gegeven moment vond ik dat het decor niet tot zijn recht kwam, daar moest iets aan gebeuren. Hij liet zich door mij overtuigen, zei 'doe maar'. Dat kost dan wel 30 000 gulden extra, en dat betaalt hij uit eigen zak."

Het gevolg van die genereuze houding, ontdekte Gallis, is dat hij zich nu mede verantwoordelijk voelt voor het budget. Zo heeft hij laatst een kleine ingreep achterwege gelaten, dat scheelde weer 12 500 gulden.

Bij elkaar gaat 'Cyrano-De Musical' zo'n acht miljoen kosten. Daar zit geen stuiver subsidie bij, alleen 250 000 gulden sponsorgeld. Die investering is nodig, verklaart Van den Ende, om deze grootschalige, oorspronkelijk Nederlandse produktie - gebaseerd op het toneelstuk 'Cyrano de Bergerac' van Edmond Rostand; libretto Koen van Dijk, muziek Ad van Dijk - naar buitenlands kwaliteitsniveau te tillen. Op die manier hoopt hij de voorstelling ook over de grenzen te kunnen verkopen, want in Nederland alleen vallen de gemaakte kosten niet terug te verdienen. "Een produktie van deze omvang moet 69 weken voor volle zalen spelen voordat er uberhaupt sprake kan zijn van winst."

Terwijl de bezoekster nog naduizelt, spreekt de producent alweer enthousiast over de op handen zijnde drastische verbouwing (kosten 22 miljoen, voltooiing 1 augustus 1993) van het Circustheater in Scheveningen tot vast musicaltheater. Daarmee gaat een lang gekoesterde wens in vervulling van de man die tussen zijn veertiende en achttiende als assistent-decorbouwer in de Amsterdamse Stadsschouwburg drie opera's per week hielp opbouwen.

Eindelijk zal hij beschikken over een theater waar musicals kunnen worden doorgespeeld zolang er publiek op af komt.

"'Les Miserables' gaf me niet alleen ontzettend veel voldoening omdat het gelukt was een mooie produktie te maken, het succes bewees ook dat het in Nederland mogelijk is een musical lang op het programma te houden."

Het produceren van Nederlandse versies van bestaande buitenlandse musicals als 'Les Miserables, 'Barnum', 'Cabaret', 'Sweet Charity' en 'Funny Girl' beschouwt Van den Ende als een oefening voor 'Cyrano-De Musical'.

Vorig jaar al liep hij rond met het plan voor een musicalversie van Rostands tragi-komedie (1897) rond de welbespraakte held met de buitenmaatse neus. Zijn liefde voor dit stuk dateert uit het begin van de jaren zeventig, toen hij de legendarisch geworden voorstelling met Guus Hermus als Cyrano en Ko van Dijk als regisseur produceerde - en er bijna aan failliet ging.

"Inhoudelijk biedt het voor een musical dramatisch interessante mogelijkheden. Ik heb gemerkt dat Engelse musicalmakers ook op zoek zijn naar dramatisch stevig materiaal. Amerikanen daarentegen gaat het meer om de show. Maar ik word er zenuwachtig van, als ik tweeeneenhalf uur naar een lullig verhaaltje moet kijken."

De directie van Carre wist van zijn plan en legde hem het kant-en-klare concept voor waarmee Koen van Dijk en Ad van Dijk waren binnengestapt: 'Wat vind je hiervan?' Al zag Van den Ende dat hun concept beter was dan het zijne "ik zat te veel vast aan Rostands bloemrijke taal, hun versie was soberder" -, hij was er niet van overtuigd dat ze de oorspronkelijke tekst moesten loslaten. Er is lang over gestreden, maar nu is hij om.

"Tegenwoordig begrijpt het publiek veel sneller wat je bedoelt, je hoeft minder uit te leggen. Ik vind het knap dat het die jongens is gelukt ondanks de grotere soberheid de poezie te behouden. De kracht van het verhaal blijft in de volledig gezongen tekst recht overeind."

In het nieuwe musicaltheater wil Van den Ende vooral te investeren in eigen produkties, zoveel mogelijk gemaakt door zijn eigen mensen, en van een kwaliteit die zich met het buitenland kan meten.

Ook Seth Gaaikema kreeg bij het schrijven van het script van Van den Ende's volgende project, 'De Drie Musketiers', de opdracht: het moet in het buitenland verkocht kunnen worden. De tekst is inmiddels klaar, het komende jaar zal er nog aan geknutseld worden. Klaas van Dijk is aangezocht als componist, de regie zal berusten bij de Vlaming Franz Marijnen, begin jaren tachtig bejubeld en verguisd als artistiek leider van het RO Theater in Rotterdam. Na zijn vertrek naar het buitenland, waar hij zich hoofdzakelijk als opera-regisseur profileert, heeft hij de laatste jaren in Nederland slechts sporadisch een gastregie gedaan.

"Ik had voorstellingen van hem gezien bij het RO, maar ook de 'Ik, Jan Cremer'musical. Voor mij was het de eerste keer dat ik in Nederland echt iets zag gebeuren. Ik wilde graag met hem werken, heb hem opgebeld. Vervolgens hebben we hem en de mensen van Carre een uur van het materiaal voorgespeeld. Hij reageerde enthousiast. Deze week vindt de eerste lezing plaats en wordt het team samengesteld."

Op die manier wil Van den Ende op theatergebied internationaal zijn vleugels uitslaan. Met de televisietak van zijn bedrijf is dat al gelukt, hij levert steeds vaker produkties aan het buitenland. Hij somt op: "Spanje, Griekenland, Portugal, Duitsland, Italie. En Engeland, de BBC en Granada Television. De twee grootste tv-producenten van Europa zijn Nederlanders, John de Mol en ik." Hij straalt.

Hij heeft er lang over gedaan om zo ver te komen. Eigenlijk loopt het pas de laatste vijf jaar soepel.

"Ik ben zakelijker geworden. Voor die tijd stortte ik me als een cowboy in ieder avontuur. Maar nu zal ik niet snel ergens aan beginnen dat het bedrijf mogelijk in gevaar brengt."

Dat bedrijf omschrijft Joop van den Ende als een hechte groep, in de richting van een familie.

"Daarbinnen vind ik het heerlijk jonge mensen een kans te geven. Van de 250 mensen die bij mij in vaste dienst zijn, zijn er vijftig jonger dan dertig. Maar laatst heb ik ook iemand van 55 aangenomen. Die man heeft zo'n know-how, dat mag niet verloren gaan. Anderen kunnen daar iets van opsteken, ik hecht veel waarde aan een meester-leerling relatie. Zelf leer ik ook nog steeds van Mary Dresselhuys. Een paar maal per jaar eten we met elkaar. Ik kom dan altijd thuis met het gevoel dat ik helemaal opnieuw moet beginnen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden