Jongen of meisje, dat maakt niks uit, je heet toch Kees

Op 23 december 1943, bijna vijftig jaar geleden, overleed Theodorus Johannes Thijssen, zoals Theo Thijssen voluit heette, aan de complicaties van een longontsteking. In juni was hij 66 geworden, hij werkte op verzoek van uitgever Van Dishoeck aan een herdruk in de nieuwe spelling van 'Jongensdagen', zijn enige kinderboek uit 1909. Thijssen had zelf geen hoge verwachtingen van deze herdruk: “Eerlijk gezegd dacht ik, dat deze uitgave zo dood als een pier was! Enfin, in deze tijd is alles anders.”

Thijssens eigen voorkeur ging uit naar 'Het grijze kind', zijn roman uit 1927, meer nog dan naar 'Kees de jongen' uit 1923. “Dat is mijn liefste boek geworden. O, ik houd ook veel van 'Kees', al was het alleen maar omdat-ie het best verkocht is, maar 'Het grijze kind' ligt mij het naast aan het hart.”

Toch is 'Kees de jongen' ongetwijfeld het bekendste boek van Theo Thijssen, de Amsterdamse onderwijzer, vakbondsman en latere politicus. Zijn roman, met de twaalfjarige Kees Bakels in de hoofdrol, de uitvinder van de zwembadpas, is deze week opnieuw herdrukt, in een prachtband tesamen met 'Barend Wels' en 'Jongensdagen'. Gedrieen vormen zij het eerste deel van het 'Verzameld Werk' van Thijssen, een meerjaren project van Athenaeum-Polak & Van Gennep en uitgever Thomas Rap.

Eind volgend jaar komt deel twee uit, met 'Schoolland' en 'De gelukkige klas'. Thijssens favoriete roman 'Het grijze kind' verschijnt in het derde deel van het 'Verzameld Werk' waarin ook 'Egeltje' en 'Het taaie ongerief' worden opgenomen. In het vierde en laatste deel van Thijssens literaire nalatenschap staan 'Een bonte bundel', 'In de ochtend van het leven', zijn laatste roman uit 1941, enkele ongepubliceerde verhalen, alsook de oerversie van 'Kees de jongen', zoals die in feuilletonvorm verscheen in De Nieuwe School, het rebelse blad voor onderwijzers dat Thijssen zelf had opgericht.

Met de verschijning van het eerste deel van het 'Verzameld Werk' gaat een derde wens van de stichting Theo Thijssen in vervulling: na een standbeeld op de Lindengracht, een museum in Thijssens geboortehuis aan de Nieuwe Leliedwarsstraat, alle twee in de Jordaan, wordt nu ook een literair monument opgericht in de vorm van vier kloeke delen dundruk. Alleen de publikatie van de biografie laat nog op zich wachten. De historicus Peter-Paul de Baar, samen met Rob Grootendorst de bezorger van het 'Verzameld Werk', denkt nog ruim een jaar nodig te hebben voor de voltooiing.

Helemaal voldaan is de stichting echter niet. Haar geluk is pas compleet als Theo Thijssen ook officieel wordt bijgezet in de literatuurwetenschap. Want dat ontbreekt er nog aan: Theo Thijssen is nog teveel een randfiguur, vindt de stichting. Een onderwijzer die ook romans schreef, maar geen echte schrijver, laat staan een groot literator. Zo is in Amsterdam wel een straat naar Theo Thijssen vernoemd, maar die ligt in het pedagogenkwartier waar ook Montessori en Pestalozzi geeerd worden en niet in de schrijversbuurt.

Het komt wel vaker voor dat kunstenaars zich niet gewaardeerd voelen, maar Theo Thijssen had daar geen last van. Zijn boeken werden bij zijn leven vele malen herdrukt. “Wat hebben we toch een plezier van die oude Kees!” schreef Thijssen in 1942 aan zijn uitgever. “Het mag dan nooit een schlager geweest zijn als sommige andere boeken, het heeft toch alle allure van een blijvertje.”

Hij zag zichzelf eerder als een onderwijsman, iemand uit de dagelijkse praktijk, - 'Leef in school, leef in je klas' -, ook toen hij allang vakbondsbestuurder was en vanaf 1933 voor de SDAP in de Tweede Kamer zat. Zijn boeken dienden ter illustratie van een aantal opvoedkundige en psychologische ideeen die hem voor ogen stonden. Zo schreef Thijssen 'Jongensdagen', zijn enige kinderboek, min of meer op bestelling. Hij had zoveel kritiek op bestaande kinderboeken, die hij te braaf en te zoetsappig vond, dat hij door zijn collega's voelde uitgedaagd. De tekeningen waren van Jan Sluijters, toen nog een onbekend kunstenaar, later een van de voormannen van het fauvisme.

Over waardering en herkenning heeft Theo Thijssen overigens nooit te klagen gehad. Welke schrijver wordt vijftig jaar na zijn dood nog gelezen? Van zijn bekendste boek 'Kees de jongen' heeft Gerben Hellinga in 1970 een toneelbewerking gemaakt, die in het seizoen 1970-1971 met groot succes werd gespeeld door Toneelgroep Centrum. Hellinga kwam op het lumineuze idee om de figuur van Kees Bakels door twee mensen te laten spelen: een als de dromer en een als de praktische held. In de musicalversie van Margrith Vrenegoor, op muziek van Willem Breuker, die deze maand in Leiden in premiere ging, is die tweedeling gehandhaafd. Kees Bakels wordt gespeeld door Joep de Bont en Wim Bouwens, die hun spel mooi op elkaar hebben afgestemd. Beiden zijn even zichtbaar verliefd op Rosa Overbeek, de dochter van de banketbakker uit de Reestraat.

Maar ook in de literatuur leeft Kees Bakels voort. In zijn roman 'Het leven is verrukkulluk' uit 1961 van Remco Campert vindt Kees Bakels, dan al een oude grijsaard, zijn Rosa terug in het theehuis in het Amsterdamse ondelpark. Zij valt hem om de hals, kust hem twee, drie keer naast zijn mond en fluistert: 'Fijnerd, lieverd!'

Het eerbetoon van Campert aan Thijssen is geen toeval. Met wijlen Simon Carmiggelt en Willem Wilmink is Campert van mening dat Theo Thijssen een groot schrijver is, en 'Kees de jongen' een klassieker. Tijdens de presentatie van het 'Verzameld Werk' afgelopen maandag in De Krakeling in Amsterdam schaarde Kees Fens, criticus en hoogleraar Nederlands aan de Katholieke Universiteit in Nijmegen, zich openlijk aan hun zijde. Fens vertelde dat hij vroeger ook een 'Kees de jongen' is geweest, zoals elk kind op die leeftijd. “Wij allemaal, jongen of meisje, heten Kees.” Als kleine jongen droomde Fens zich een toekomst als rekenwonder, tekenaar en voordrachtskunstenaar, maar het liep anders. Dat vond Fens geen bezwaar: “Wij zijn geen van allen geworden wat we gedroomd hadden en daarom lezen we Theo Thijssen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden