Jonge Surinamers leven tussen droom en werkelijkheid

Volop optimisme bij veertig jaar onafhankelijkheid, al zijn de zorgen nooit ver weg

Op de Surinaamse ambassade doen ze er vandaag niets aan. Geen receptie, geen festiviteiten ter viering van veertig jaar onafhankelijkheid van Nederland, meldt een medewerker van de diplomatieke vertegenwoordiging in Den Haag.

Gezien de al jarenlang bekoelde politieke en diplomatieke relatie tussen het voormalige moederland en de ex-kolonie is er ook weinig reden voor een feestje op de ambassade, een post waarvoor de regering-Bouterse geen ambassadeur afvaardigt. Suriname heeft slechts een 'tijdelijk zaakgelastigde' in Den Haag.

De viering en herdenking van de onafhankelijkheidsdatum 25 november gebeurt op andere plekken in Nederland, binnen de gemeenschap van 350.000 Surinaamse Nederlanders. Zoals de Srefidensey Day in Amsterdam-Zuidoost, op scholen en met een feestavond. Ook in andere steden komen Surinamers bij elkaar.

In het Rijksmuseum in Amsterdam is de hele dag een voorleesestafette van 28 witte en zwarte Nederlanders. Zij dragen het klassieke boek 'Wij slaven van Suriname' van vrijheidsstrijder Anton de Kom volledig voor.

Van de Surinaamse Nederlanders die in de vijf jaar na de onafhankelijkheid de oceaan overstaken, vestigde de helft zich in de vier grote steden. Hun kinderen zoeken het tegenwoordig vooral in voorsteden, zoals Almere en Zoetermeer, becijfert het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) in een gisteren verschenen studie. Die goed opgeleide tweede generatie staat er beter voor dan haar ouders in 1975. "Qua werk doen ze het beter dan andere immigranten. Bovendien trouwen ze vaker met autochtonen. Ze zijn meer doorsnee. En dan zie je dat ze in een nieuwe wijk een huis gaan huren of kopen en daar een gezin stichten", zegt Jan Latten, hoofddemograaf van het CBS en hoogleraar sociale demografie aan de Universiteit van Amsterdam.

Tegenwoordig verhuizen elk jaar nog zo'n 1700 mensen van Suriname naar Nederland. En jaarlijks gaan ongeveer 2000 Nederlanders van Surinaamse afkomst terug.

de Verdieping

Al veertig jaar een koele relatie

Opinie 21 Commentaar

Suriname is niet alleen een jonge natie, de helft van de inwoners is ook jonger dan dertig. Correspondent Pieter Van Maele ziet een ambitieuze generatie met grote dromen, die zich tegelijk zeer bewust is van de beperkingen van haar land.

Fulgor Esajas (22), werkt met jongeren

Fulgor Esajas werkt voor een Amerikaanse ngo die vroege schoolverlaters een beroep aanleert, zodat ze uiteindelijk toch hun weg naar de arbeidsmarkt kunnen vinden. In Suriname zijn er elk jaar zo'n vijfduizend nieuwe drop-outs, de helft van alle scholieren. Een torenhoog aantal.

Esajas woont in hartje Flora, een notoire probleembuurt van Paramaribo met veel armoede. "Elke dag zie ik de gevolgen van gebrekkig onderwijs, eenoudergezinnen en het gebrek aan rolmodellen. Toch ben ik heel optimistisch over de toekomst van mijn land. Ik hou zielsveel van Suriname. Ik zie zo ontzettend veel potentieel in de vele jongeren die ik dagelijks ontmoet. De jeugd barst van het talent, maar mist aandacht en begeleiding. Het ontbreekt bovendien aan eigen initiatief, aan actieve burgerparticipatie. Surinamers zijn passief, we wachten tot de overheid onze problemen komt oplossen. We moeten leren zelf zaken aan te pakken."

Esajas: "Geloof me, we komen er wel. Suriname staat als land nog in zijn kinderschoenen. Veertig jaar oud, waar praten we eigenlijk over? Nederland bestaat al eeuwen. Het is daarom ook niet fair beide landen met mekaar te vergelijken. We kunnen natuurlijk wel veel van Nederland leren. Maar daarheen verhuizen? Nooit! Hier in Suriname wil ik zijn, als een voorbeeldfiguur voor mijn generatiegenoten."

Julio Irokromo (30), topambtenaar

Julio Irokromo woont in Bernharddorp, een inheems dorp een uur ten zuiden van Paramaribo. "Mijn moeder is Indiaanse, de roots van mijn vader liggen op Java. Een Surinaamse mengelmoes", lacht hij.

Irokomo is pas dertig, maar heeft als waarnemend hoofd voorlichting van het ministerie van communicatie al een flinke klim in de ambtenarenhiërarchie achter de rug. "Ik hoop dat ik vlot zal worden benoemd tot afdelingshoofd. Het werk is geweldig, geen dag is hetzelfde en mijn collega's zijn leuk. Het motiveert me allemaal om carrière te blijven maken in de ambtenarij."

"Er zijn zeker problemen in Suriname, onze munt is net gedevalueerd. Je kan daarover klagen, of je kan de mouwen opstropen en werken aan de toekomst. Ik kies voor dat laatste. Wat er ook gebeurt, ik zal altijd van Suriname houden."

De overheid is de grootste werkgever van het land. De ondoorgrondelijke bureaucratie en corruptie van ambtenaren zijn veel inwoners van Suriname een doorn in het oog.

Irokromo: "Het klopt dat er rotte appels zijn. Mijn positie dank ik aan mijn opleiding en het werk dat ik lever, niet aan politieke vrienden. Ik wil mijn landgenoten tonen dat er ook goede ambtenaren zijn, die daadwerkelijk ten dienste staan van de samenleving."

Abigail Ramparichan (23), grondstewardess/model

"Ik ben opgegroeid in de buurt van Hoofddorp. Twee jaar geleden heb ik me definitief in Suriname gevestigd", vertelt Abigail Ramparichan, die werkt als grondstewardess voor de Surinaamse Luchtvaartmaatschappij. Daarnaast doet ze modellenwerk. "Al kan je daar in dit land niet van leven, integendeel. De meeste mensen verwachten dat je gratis voor hun camera komt poseren."

Waarom ze voor Suriname koos? "Natuurlijk omdat mijn roots hier liggen, maar ook voor het mooie weer en de vrijheid. In Nederland speelt het leven zich binnen af, hier kan ik er makkelijk met mijn dertien maanden oude dochtertje eens tussenuit wanneer we daar zin in hebben."

Al baart de toekomst haar misschien toch wat zorgen. Ramparichan: "Ik probeer te blijven geloven dat het goed komt met Suriname, al was het maar om niet te beginnen wanhopen. De economie gaat snel achteruit, alle prijzen in de winkel zijn omhoog gegaan... Het is soms best demotiverend. Begrijp me niet verkeerd: ik heb helemaal geen spijt van mijn terugkeer naar Suriname. Soms wel eens heimwee: naar mijn familie, naar mijn vrienden, naar shoppen in Amsterdam. Het is altijd fijn weer eens in Nederland te zijn. Al ben ik steeds weer net zo blij wanneer ik daarna terug in Suriname ben."

Joel Jacott (19), piloot in opleiding

Al zo lang hij zich dat kan herinneren, droomt de boomlange Joel Jacott ervan vliegtuigpiloot te worden. "Ik wil met kleine vliegtuigjes het regenwoud in. Er zijn maar weinig plekken ter wereld waar je dat beter kan doen dan hier. Dat maakt Suriname voor mij een perfect land om in te leven."

Hoewel hij goed op weg is - Jacott is een van de vijf gebrevetteerde zweefvliegers van Suriname én mag binnenkort zijn allereerste gemotoriseerde solovlucht vliegen - blijken de lokale onderwijsmogelijkheden alweer te beperkt. "Wil je een vliegbrevet voor meermotorige vliegtuigen behalen, dan moet je les volgen in de Verenigde Staten. Velen die de luxe van het buitenland hebben geproefd, willen daarna niet terugkeren naar een ontwikkelingsland als Suriname."

Jacott kan die keuze wel begrijpen, al wil hij het zelf anders doen. "De laatste tien jaren zijn de Surinamers zeker rijker geworden. We rijden in blinkende auto's en gaan naar de gloednieuwe bioscoop die we nu hebben. Toch ben ik niet echt positief over de toekomst. Suriname staat stil, de economie is een puinhoop en de politici zijn corrupt. We moeten meer produceren, aan landbouw doen en inzetten op toerisme. Ik denk liever niet aan alle kansen die we laten liggen, het verpest alleen maar mijn humeur."

Rachel Kartodikromo (24), rechtenstudent

Rachel Kartodikromo, studente internationaal recht aan de universiteit van Paramaribo, heeft een duidelijk doel voor ogen. "Ik wil binnenkort de diplomatie in. Suriname vertegenwoordigen op het hoogste niveau, bij de Organisatie van Amerikaanse staten of de Verenigde Naties", vertelt ze.

Onder haar arm draagt ze een dikke pil over politieke theorieën, verplichte lectuur in het tweede bachelorjaar. "De naleving van mensenrechten, daar schort het in Suriname nog aan. Zaken als de Decembermoorden slepen zich decennia voort, zonder uitzicht op een oplossing. De rechten van holebi's worden niet ten volle gerespecteerd. We zijn als land nog lang niet waar we wezen moeten, en dat niet alleen op financieel vlak. Aan de verdere ontwikkeling wil ik persoonlijk een steentje bijdragen, en via de diplomatie kan dat."

Alleen: na het bachelordiploma houden in eigen land de onderwijsmogelijkheden op. "Wie zich ten volle wil ontwikkelen, die moet nog steeds naar het buitenland. Jammer is dat, want zo verdwijnt veel kennis. Binnenkort vertrek ik zelf ook voor een semester naar Canada."

En dan zijn daar nog de tentakels van de politiek, die Suriname volledig in haar greep heeft. "Wil ik mijn droom verwezenlijken, dan moet ik waarschijnlijk ooit ook lid worden van een partij. Lastig is dat. Het blijft onmogelijk in dit land hogerop te raken zonder de juiste politieke vrienden."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden