Jonge Surinamers kiezen voor change

Aanstaande dinsdag kiest Suriname een nieuw parlement. Schrijver Clark Accord bezoekt zijn geboorteland en proeft de verkiezingskoorts. Sinds de vorige ronde, vijf jaar geleden, deed zich een aardverschuiving voor. „Er duikt een nieuw fenomeen op in de Surinaamse politieke geschiedenis: de zwevende kiezer.”

’Ik ga naar de vergaderingen en luister naar de sprekers”, zegt de vrouw die is afgekomen op de familiedag van de partij voor Democratie in Ontwikkeling en Eenheid, DOE. „Zo bepaal ik op wie ik ga stemmen. Ik vind dat DOE het goed doet in de debatten. Dus.....” Met een korte pauze weet ze de spanning erin te houden, om op luide toon verder te gaan: „... stem ik bewust op DOE.”

Triomfantelijk kijkt de jonge vrouw om zich heen. Haar zwarte rok zit als gegoten om haar weldadig gevormde heupen, het bovenlijf in in een wit partij T-shirt gepropt. De zwarte letters D-O-E volgen de vormen van haar lichaam. Om haar schouder hangt nonchalant een zwarte nep-Versacetas van doorschijnend plastic. Haar korte gerelaxte haren springen brutaal onder het witte partijpetje uit. Om haar mond ligt een verbeten trek. Haar ogen staan vermoeid. Ze vormt het middelpunt van een groep vrouwen met DOE-T-shirts aan; sommigen houden een partijvlag omhoog. Zij wil geen ’besmette leider’ zijn. „Vijf jaar geleden ben ik op mijn knieën gegaan en heb God gevraagd ons een goede leider te sturen, iemand die rust uitstraalt. En het voornaamste: iemand die het land opdraagt aan God, voor vooruitgang en ontwikkeling.” De vrouwen knikken instemmend. Nu straalt ze.

Mijn opmerking dat ook Desi Bouterse van de Nationale Democratische Partij (NDP) christen is, vindt bij haar geen genade. „Je moet niet zéggen dat je christelijk bent, je moet het uitdragen. Kijk.....” Ze pauzeert even, haalt met gevoel voor drama diep adem. „Neem nou Misiekaba”, zegt ze, doelend op de nummer twee op de lijst van Bouterse’s NDP. „Een heel goede christen. En voorganger. Ik luister graag naar zijn preken op de radio. Maar hij is van een partij waar hij dingen moet verdedigen die in mijn ogen niet ethisch zijn”

Voor haar voldoet DOE-lijsttrekker Carl Breeveld wel aan de verwachtingen. Hij heeft zich bewezen met ’Man mit man’ – een organisatie die mannen op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid wijst –, in zijn werk met hangjongeren en als huwelijkscounselor.

Een dag later blijkt dat veel jongeren er anders over denken. Die voelen meer voor de Mega Combinatie (MC) van lijsttrekker Desi Bouterse. Volgens een poll voor het populaire Surinaamse actualiteitenprogramma Panorama is de MC in het grootste district, Paramaribo, goed voor 41 procent van de stemmen; een maand geleden stond de partij er iets minder rooskleurig voor.

In Suriname heerst verkiezingskoorts. Op weg van de luchthaven naar Paramaribo wordt dit al snel duidelijk. De tv op het dasboard van het airco-gekoelde minibusje staat luid aan. Amerikaans aandoende spotjes volgen elkaar op. Aan de kwaliteit van de filmpjes is te zien dat politieke partijen kosten noch moeite sparen om de kiezers aan zich te binden. Wat opvalt is het aantal jonge parlementariërs in spe, zelfverzekerd en vlotgebekt. Aan hun woorden is te merken, dat Suriname op politiek gebied voor grote veranderingen staat. En dat er een nieuwe generatie politici staat te trappelen om het roer over te nemen, van hun voorgangers van wie de gemiddelde leeftijd ver boven de zestig ligt. Zonder uitzondering hebben ze de blik gericht op de toekomst en snakken ze naar de broodnodige verandering. Change , schreeuwen ze luid en duidelijk uit.

Het lijkt de meeste Surinamers niet uit te maken uit welk nest de verandering komt of wie er aan het hoofd staat van die politieke partij. Als die change maar komt. En daar willen ze hun steentje aan bijdragen.

Nooit eerder telden de kieslijsten in dit land, met een bevolking die voor zeventig procent onder de dertig jaar is, zoveel jonge mensen. Tel daar de 40.000 jongeren bij die op 25 mei voor het eerst naar de stembus mogen en het is te begrijpen dat wie de jeugd heeft, een toekomst heeft als politieke partij. Vroeger vormden ouderen de stonfutu’s , de steunpilaren van de politieke partijen. Stemmen gebeurde veelal langs familielijnen. Je koos voor de partij waar je ouders en grootouders op stemden. „Je ging dood voor je partij”, luidt de Surinaams uitdrukking. Avond aan avond riepen partijen hun aanhangers op voor massabijeenkomsten, om elkaar de spierballen te laten zien.

Tijdens de vorige verkiezingen, in 2000, was ik ook in Suriname. Toen proefde ik de sfeer tijdens een van de bijeenkomst van het Nieuw Front. Het aantal mensen op deze eerste meeting in Grun djari, het hoofdkwartier van de partij, was overweldigend. Op het terrein kon er geen mens meer bij. En op straat zwol de menige alsmaar aan. De duisternis was reeds ingevallen en de laatste restjes daglicht hadden de hemel boven de daken in vuur en vlam gezet. Opeens naderde uit de verte een zee van vlaggen. Met de rode hemel als achtergrond kwam de stoet steeds dichterbij. Door het laaghangende licht leken de oranje vlaggen die de menigte meedroeg in brand te staan. Het beeld was zo overweldigend dat de haren op mijn armen rechtop stonden.

„De VHP komt eraan”, hoorde ik iemand achter me roepen. Hij doelde op de Hindoestaanse partij binnen het Nieuw Front. Enthousiasme deed zijn stem overslaan. Hoofden keerden zich in de richting van de naderende stoet. Sommige mensen sloegen elkaar op de schouders. Van de gezichten was een mengeling van ongeloof en trots af te lezen. „Onze broeders van de VHP komen eraan”, schalde het uit de luidsprekers. „Maak plaats zodat ze ook het terrein op kunnen. Ik heb gehoord dat ze met tachtig bussen in aantocht zijn. U heeft het goed gehoord. Tachtig bussen, tachtig bussen!”

Uit de boxen klonk het strijdlied van het Nieuw Front „We was ding. We was ding. We was ding gwe – we maken ze in!”, galmde het over de deinende massa en de enorme vlaggen. De menigte zong uit volle borst mee. De sfeer was uitgelaten.

Een oudere vrouw, iets verderop, sloeg haar armen rond een lantaarnpaal. Op de opzwepende maat van de muziek danste ze tegen de paal aan. Omstanders keken geamuseerd toe. „Moesje heeft voorlopig haar bekomst”, riep iemand die achter haar stond. Een daverend lachsalvo was zijn deel. Onverstoorbaar ging de vrouw verder. Het zweet liep in dikke stralen langs haar hals, waar het werd opgevangen door haar groene partij-halsdoek.

„Wij, het volk van Suriname, willen een betere toekomst. Voor onze kinderen, onze oudjes en voor de ambtenaren”, kraaide een oudere man, aangestoken door de overwinningsroes. Geamuseerd keek ik in zijn richting. Onze blikken kruisten elkaar. Hij was, zei hij, een ’geboren en getogen NPS’er’ – aanhanger van de partij van Ronald Venetiaan, waar het Nieuw Front mee samenwerkt. „En ik sterf ook NPS. Mi dring ing nanga bobimerki , meneer” – hij had het met de moedermelk meegekregen. Om zijn woorden kracht bij te zetten sloeg hij met zijn vlakke hand op zijn borst.

Tien jaar later heeft zich een aardverschuiving voorgedaan. De stonfutu’s, de steunpilaren, hebben plaatsgemaakt voor een vrij nieuw fenomeen in de Surinaamse politieke geschiedenis: nog nooit waren er zo veel zwevende kiezers. Voor het eerst vinden er televisie-, radio- en publieksdebatten plaats, waarin politici met elkaar de degens kruisen, veelal jongere parlementariërs. De meesten draaien er hun hand niet voor om omdat ze nationaal en internationaal al ervaring hebben opgedaan, als leden van het jeugdparlement, een gedegen politieke scholing. Ze zijn gewend om hun mening met argumenten onderbouwd te verdedigen.

De ontevredenheid over het beleid van de Nieuw Frontregering is groot, maar veel kiezers – jong en oud – bepalen pas op het laatste moment op wie ze gaan stemmen. Daarbij bieden de openbare debatten uitkomst. Zo hoorde de jonge Marcel, die bijklust als chauffeur, tot vorige week bij het kamp van de zwevende kiezers. „Ik wist echt niet op wie ik moest stemmen. Ik heb altijd Nieuw Front gestemd, maar deze keer wist ik het niet meer zo goed. Ze hebben hun mond vol van stabiliteit. Maar mijn zakken voelen het niet. Als ik deze hossel (illegale bijverdienste) niet doe naast mijn baan, zal ik pinaren (armoe leiden).”

Volgens Marcel zijn de politici blijven hangen in het verleden. „Alsof de tijd stil is blijven staan in 1980.” In 1980 pleegde Bouterse een bloedige staatsgreep. „Wij jongeren hebben daar geen boodschap aan. We willen ontwikkeling en vooruitgang zien. Je kan niet een heel land gijzelen, om iets wat al zo lang geleden gebeurd is. Dan hadden ze lang geleden moeten afrekenen met Bouterse. Die kans hebben ze gehad. Hem desnoods het passief en actief kiesrecht moeten afnemen. Maar zij hebben ook boter op hun hoofd. Ook binnen hun gelederen zitten criminelen en moordenaars. Wat Bouterse heeft gedaan is in ieder geval lang geleden gebeurd. Ik heb het niet meegemaakt. Wat sommige gasten binnen het Nieuw Front uitgespookt hebben is van niet zo lang geleden. Dus die vlieger van integere leiders gaat voor beide kampen niet op.”

Op tv laat een groep jonge hiphoppers in gele partijkleding een politieke boodschap horen. „Toch ga ik niet op de NDP stemmen”, zegt Marcel. Op wie dan wel? „Op DOE. Ze zijn scherp en bleven het best overeind tijdens de debatten, vooral Desmond Plet bij het jongerendebat van vorige week in de congreshal. Wat me het meest aanspreekt, is hun standpunt over onderwijs. Alleen met een geschoolde bevolking komt dit land vooruit.”

Een paar dagen later zit ik tegenover Desmond Plet, 28 jaar oud, nummer drie op de lijst van DOE. Zijn achtergrond als sportbegeleider is hem niet aan te zien. Met zijn enorme lijf en priemende ogen dwingt hij respect af. „DOE doet niet aan massameetings, show en concertfeesten, zoals de andere partijen”, opent Plet het gesprek. „We hebben er het geld niet voor en door alle show eromheen, vervaagt de boodschap. Wij moeten het hebben van een-op-eengesprekken, huisbezoeken en wijkvergaderingen en sinds kort van de debatten op tv. Maar nu we het goed doen worden we niet meer gevraagd.” Hij lacht. „We beginnen op te vallen. Voor het eerst sinds lang maakt een kleine partij weer kans het parlement in te komen. Als de voortekenen ons niet bedriegen komen we met drie zetels binnen. Dit is omgerekend naar de Nederlandse situatie gelijk aan negen Kamerzetels”, rekent hij me voor. „Net zoveel als de PVV tijdens de vorige verkiezingen.” Daarmee lijkt DOE dus de grote verrassing van deze verkiezingsronde.

De opiniepeilingen van een paar dagen later bevestigen Plets verwachting. De aanhang van DOE groeit van bijna acht naar ruim twaalf procent in een maand.

Harish Monorath (29), advocaat en docent aan een hbo, verwacht dat DOE de hooggespannen verwachtingen niet zal waarmaken. Plet en de zijnen afficheren zich te veel als christelijke partij in een religieus divers land, zegt de jonge politicus. Monorath, rap van de tongriem gesneden, staat hoog op de lijst van de Mega Combinatie, waar de NDP deel van uitmaakt. Volgens hem maakt DOE zich met zijn afwijzing van homoseksualiteit ’helemaal onmogelijk’. „Kijk, dat zijn niet de issues waar dit volk op zit te wachten.” Door zijn plaats op de lijst zal Monorath zeker het parlement binnenkomen. „Wat de mensen belangrijk vinden is wie de beste papieren heeft om het armoedevraagstuk op te lossen. En dan moet je bij de Mega Combinatie zijn. Sommige mensen verdienen omgerekend 200 euro per maand. Dat is nog geen zeven euro per dag. Hoe kun je daar nou van leven? Hoe kun je een leuk meisje mee uitnemen voor dat bedrag?”

Volgens Monorath heeft de huidige regering in drie termijnen de armoede niet kunnen oplossen, terwijl er voor miljoenen aan goud het land uitgaat. „We hebben aardolie, hout, noem maar op. Wel, het wordt tijd voor mensen die wel capabel zijn om die job te klaren.”

Monoraths collega Melvin Bouva is accountmanager bij Telesur, columnist en jongerenactivist en straks met zijn 27 jaar een van de jongste parlementariërs in de geschiedenis van Suriname. „We snakken naar verandering”, zegt de charismatische politicus die door velen wordt getipt als de volgende leider van de NDP. „Dat zal met opnieuw vier jaar Nieuw Front in de regering nooit het geval zijn. Een mooi voorbeeld zijn de verkiezingslijsten. De jongste persoon bij hen op de lijst van Paramaribo, Patricia Etnel, staat op de elfde plaats.” Wie de Surinaamse realiteit kent, zegt Bouva, weet dat dat een ’haast onverkiesbare plaats’ is. „De Mega Combinatie heeft vier personen van eind twintig, begin dertig vlak onder meneer Bouterse geplaatst. Die komen alle vier binnen. Dat is verandering. Jongeren weten dat.”

Patricia Etnel (33, beleidsmedewerker op het ministerie van buitenlandse zaken) weet zelf ook dat ze nauwelijks kans maakt, volgende week. Maar voor haar telt de ervaring die ze nu opdoet. Bij de volgende verkiezingen geniet ze dan meer ’respect’. „Ik ga niet voor eigenbelang, maar wil dat mijn partij groter wordt. Dat is een langetermijnvisie.” En de Nieuw Frontkandidate vraagt zich hardop af hoe Bouterse, een ’besmette leider’, zo populair kan zijn onder jongeren.

Maakt het wat uit dat Desi Bouterse terechtstaat voor de decembermoorden uit 1980, vraag ik Melvin Bouva. Bouva en de hele Mega Combinatie zitten er niet zo mee. „Meneer Bouterse is iemand met vaderlandsliefde en een duidelijke visie. Natuurlijk, de juridische zaak loopt, en daar heb ik mijn bedenkingen bij. Maar de vraag of je wel of niet je stem kan geven aan de partij omdat meneer Bouterse verdachte is, is nu absoluut niet aan de orde. Nu zijn we bezig om de verkiezingen te winnen. Dat is het belangrijkste doel. Als we dat hebben gehaald, is er een nieuwe situatie, waar we later mee dealen. Waar wij naar streven is een beter Suriname.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden