'Jonge straatrovers weten niet wat ze slachtoffers aandoen'

null Beeld anp
Beeld anp

Straatrovers worden steeds jonger, constateert de Haagse politie. Ouder dan vijftien zijn ze in veel gevallen niet. Deze jeugdige delinquenten ontdoen bejaarden, leeftijdsgenoten en andere 'makkelijke slachtoffers' eenvoudig van portemonnee, telefoon of handtas. Soms met verbaal of fysiek geweld. Een zeer zorgelijke ontwikkeling, zeggen experts. Maar hoe landelijk is dit probleem?

Jeannine

Van de circa honderd verdachten die dit jaar in Den Haag voor een straatroof zijn aangehouden, is zeker tachtig procent veertien of vijftien jaar, blijkt uit gegevens van de politie. "Ze zien het als een makkelijk delict", zegt een woordvoerder van het korps Haaglanden. "Om het wat populair te zeggen: ze jagen elkaar op. Het is pure stoerdoenerij. Voor de buit doen ze het niet. Soms komt het zelfs voor dat ze een mobieltje jatten en die vervolgens in de bosjes gooien." De problemen met deze jonge straatrovers werden in 2012 al gesignaleerd. Het korps maakte een aantal rechercheurs vrij die zich enkel op straatrovers richten. De aanpak wierp zijn vruchten af, maar dat er nog veel moet gebeuren werd ook inzichtelijk: de jeugdcriminaliteit daalde met 19 procent, maar het aantal straatrovers werd wel steeds jonger.

Of er sprake is van een landelijke trend is moeilijk te zeggen. Bij de nationale politie ontbreekt het aan cijfers en regiokorpsen Rotterdam en Midden-Nederland herkennen zich niet in de situatie die Haagse collega's omschrijven. "Het gros van de rovers is hier rond de 20 jaar. Er zitten wel jongere rovers tussen, maar het is echt niet zo dat we elke week 13-jarigen oppakken", aldus een woordvoerder van het korps Midden-Nederland. Alleen in Amsterdam reageren agenten bevestigend, maar ook daar heeft het korps geen cijfers paraat over deze jeugdige groep delictplegers.

Criminoloog Henk Ferwerda van onderzoeksbureau Beke doet al jaren onderzoek naar straatroven en jeugdbendes. Maar de situatie in Den Haag doet ook hem versteld staan. "Een straatroof is een ernstig delict met een hoge drempel. Normaal gesproken is het geen startdelict, omdat je daar toch echt 'guts' voor moet hebben. Je wordt immers gezien, hebt contact met je slachtoffer en vaak gaat het gepaard met fysiek en/of verbaal geweld."

Ferwerda kan dan ook niet zeggen dat hij zich herkend in de informatie van de Haagse agenten. "Dit is een heel Haags verhaal", stipt hij aan. "Ik heb hier geen landelijk onderzoek naar gedaan. Maar eerder onderzoek wijst uit dat straatrovers over het algemeen veel ouder zijn. Ze gaan gecalculeerd te werk en doen het absoluut niet voor de kick. Het gaat ze toch echt om de buit en om het doorverkopen daarvan. Ze willen iets aan de roof overhouden."

Maar, zegt hij, wat in Den Haag gebeurt is zeer zorgwekkend. "Het is vooral het gemak waarmee deze jongens dit soort zware misdrijven plegen. Deze jongens hebben geen besef van de impact op zichzelf en hun slachtoffers. Ze hebben geen idee wat een straatroof voor zo'n bejaarde vrouw betekent. Die durft daarna wekenlang niet meer de straat op te gaan. Daarbij weten ze ook niet hoe ernstig het delict is en wat voor straf ze er zelf voor kunnen krijgen." Ferwerda juicht de aanpak in Den Haag dan ook toe. Langdurig en geconcentreerd beleid tegen jeugdcriminaliteit heeft in het verleden al bewezen succesvol te zijn, aldus de criminoloog.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden