Jonge gelovigen in de kou

Christelijke jongeren uit heel Europa bijeen in Rotterdam voor een ontmoeting van de Franse broederschap Taizé, deze winter. © anp

Jongeren die geloven missen de juiste leiders. Jonge katholieken klagen over hun ongelovige ouders, jonge moslims over ongewortelde imams. Dat blijkt uit onderzoek. Alleen protestants-christelijke jeugd beschikt over een kundig netwerk.

Afvallige rooms-katholieke ouders staan argwanend tegenover religieus enthousiasme bij hun kinderen. Jonge rooms-katholieken daarentegen noemen hun ouders 'een verloren generatie op het gebied van geloof'. Dat blijkt uit het onderzoek 'Jongeren en hun geloof' van Forum, instituut voor multiculturele vraagstukken, dat deze week is gepubliceerd.

De jeugd mist de ouderen in de kerk. Van oudsher, stelt het onderzoek, waren het mensen van een vroegere generatie die jongeren betrokken bij de parochie, het kerkkoor en gespreksgroepen. Maar jonge katholieken voelen zich nu in de kou staan.

De laatste decennia van de vorige eeuw keerden veel rooms-katholieken zich af van kerk en geloof. Ook al was dat in veel gevallen geen absolute breuk - de veertigers en vijftigers gingen niet meer naar de kerk maar bleven in naam wel rooms-katholiek - toch missen Nederlandse rooms-katholieke jongeren deze generatie om het goede voorbeeld te geven. Hoewel de ouders hun kinderen in de praktijk geen strobreed in de weg leggen, begrijpen ze weinig van het fanatisme dat hun kroost in religieus opzicht aan de legt.

Bij protestants-christelijke jongeren ligt dat precies andersom; hun ouders bieden de kinderen volop de gelegenheid om hun geloof te ontwikkelen. De meesten namen hun nazaten al van jongs af aan mee naar de kerk. Volgens de kinderen zijn hun ouders er juist trots op als zij in religieus opzicht in hun voetsporen treden.

Uit het onderzoek 'Jongeren en hun geloof' blijkt verder dat niet alleen jonge rooms-katholieken desgevraagd hun nood klagen bij de onderzoekers. Ook gelovige moslimjongeren zijn ontevreden. Zij stellen de kwaliteit van het religieuze onderwijs aan de kaak dat wordt gegeven in de moskee.

Jonge moslims pleiten voor Nederlands sprekende imams die niet - zoals nu - alleen weten wat er speelt in het land van herkomst maar die ook een idee hebben van de de cultuur en maatschappij in dit land. Pas dan zouden ze met begrip kunnen reageren op de geloofsvragen van jonge moslims die opgroeien tussen twee culturen, stellen de ondervraagden. Ook jonge hindoes zijn op zoek naar aansprekende, Nederlandse religieuze leiders die op een deskundige manier informatie kunnen verstrekken over geloofsvragen die jongeren bezighouden.

Ook als ze behoorlijk orthodox zijn leidt het geloof bij christelijke en hindoejongeren zelden tot problemen met de Nederlandse samenleving. Dat ligt anders voor joodse en islamitische jongeren. Zij hebben, naar eigen zeggen, vaak te maken met vooroordelen over hun religie. In sommige gevallen wordt negatief of zelfs agressief gereageerd. In de praktijk geldt: hoe meer het geloof uiterlijk zichtbaar is - denk aan hoofddoeken en keppeltjes - hoe meer de jongeren te maken hebben met discriminatie.

De meeste jongeren uit het onderzoek zijn het erover eens dat zij in principe voldoende worden beschermd door, en ruimte krijgen van de Nederlandse overheid en instituties om hun geloof te beleven. Vooral moslim- en joodse jongeren merken op dat er in de praktijk nogal wat te verbeteren valt. Er is teveel tolerantie voor intolerantie, vinden ze. Subtiele discriminatie wordt naar hun idee onvoldoende herkend en niet genoeg bestraft.

Gelovige jongeren van alle religieuze gezindten tekenen aan dat de voortschrijdende secularisatie van de maatschappij niet moet leiden tot (verder) afnemende tolerantie ten opzichte van andersdenkenden. Nu al zeggen orthodox-protestantse gelovigen dat ze steeds negatieve reacties krijgen op het feit dat zij hun kinderen niet laten vaccineren tegen infectieziekten. Islamitische en joodse jongeren zeggen last te hebben van negatieve beeldvorming door oorlogen en aanslagen die in het buitenland plaatsvinden: het Midden-Oostenconflict en internationaal islamitisch terrorisme wordt hen direct en persoonlijk aangerekend.

Ongeacht hun gezindte lijken gelovige jongeren op elkaar als het gaat om de rol die hun religie speelt in hun identiteit en in het leven van alle dag: alle jongeren zeggen steun te ervaren van hun geloof en richten hun dagelijks leven in in overeenstemming met hun geloofsprincipes. Orthodox georiënteerde jongeren leggen daarbij meer nadruk op het naleven van voorschriften en geboden dan de wat vrijere types. Hoe orthodoxer de jongeren, hoe groter de behoefte aan informatie over het geloof en de leefregels, ge- en verboden. Protestants-christelijke jongeren komen daarbij ruimschoots aan hun trekken; voor hen bestaat een wijdvertakt aanbod van structuren en organisaties. Moslimjongeren komen er in dat opzicht bekaaid vanaf; zij moeten het grotendeels zelf uitzoeken met hun imam omdat jongerenorganisaties zo goed als niet bestaan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden