Jonge Franse wereldster op het klavecimbel

klassiek


Jean Rondeau


Bach 'Goldbergvariaties'


****


Op de grote concertpodia wemelt het van aanstormend talent, met name pianisten en violisten. Als het om oude muziek gaat, zijn onder de instrumentalisten jonge wereldsterren echter dun gezaaid. De 25-jarige Franse klavecinist Jean Rondeau is een van die weinigen, en wat voor een! Deze weken maakt hij een tournee door Nederland en België met repertoire dat hij nog niet eerder live gespeeld heeft: Johann Sebastian Bachs 'Goldbergvariaties'.


Voor zijn eerste concert, woensdag, was de barokke Oud-Katholieke schuilkerk te Delft - slechts twee jaar jonger dan Bachs in 1741 gecomponeerde variaties - akoestisch en stilistisch de ideale locatie.


Rondeau ontpopte zich als een ingetogen musicus, die alles in het werk stelde Bachs aria met dertig variaties op een begrijpelijke en lyrische wijze te verklanken. Voor klavecinisten is dit technisch zeer lastige klavierwerk comfortabeler te realiseren dan voor pianisten die zich dit barokwerk hebben toegeëigend. Een klavecimbel heeft immers twee manualen. Daarop kunnen de handen in de technisch zo verraderlijke passages waarin de muzikale lijnen elkaar kruisen, elkaar onder- of bovenlangs passeren; zoals twee elkaar tegemoetkomende treinen op afzonderlijke sporen.


Het werd vanaf de eerste tonen van Rondeau's geïmproviseerde prelude, genieten van het zorgvuldige en expressieve toucher, waarmee hij de beperkte dynamische schakeringen die het klavecimbel heeft, uit te vergroten. Rondeau betoonde zich een virtuoos: de haperingen, die zo gemakkelijk kunnen optreden, waren minimaal. Nergens was sprake van het geratel, dat sommige Bach-uitvoeringen op klavecimbel én piano vermoeiend kan maken. Alles kreeg expressie, alles betekenis. Meer dan de virtusositeit, maakte dat muzikale aspect deze uitvoering zo bijzonder.


Bewonderenswaardig waren zijn trillers en ragfijne loopjes in de variaties 14, 20 en 28. Voor de delen die op één manuaal uitgevoerd worden, koos Rondeau ervoor deze steeds op het onderste klavier te spelen, gekoppeld aan het bovenste. Dat levert een relatief luide klank op. Tegelijk werd hierdoor het klankbeeld op den duur wat eenvormig. Vooral de twee langzame, harmonisch enigmatische mineurvariaties 15 en 21 hadden meer diepgang kunnen krijgen als deze op ongekoppelde manualen zouden zijn gespeeld.


Nog in: Dorpskerk Bloemendaal (15), Muziekgebouw aan 't IJ A'dam (17), St. Augustinuskerk Middelburg (10/2).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden