Recensie

John Malkovich in het Concertgebouw, met briljante teksten en een spannend plot

John Malkovich in het Concertgebouw Beeld ronald knapp
John Malkovich in het ConcertgebouwBeeld ronald knapp

Muziektheater
John Malkovich and friends
Just Call Me God
***

Van alle Nederlandse orgels is dat van het Koninklijk Concertgebouw stellig het bekendst. Immers: tijdens de concerten kijken wekelijks duizenden mensen naar het imposante front ervan. Maar slechts weinigen van die concertgangers zullen weten hoe het klinkt, want het Maarschalkerweerd-orgel wordt uiterst sporadisch in concerten gebruikt.

Des te opmerkelijker was dat dit bijna altijd zwijgende orgel woensdag een hoofdrol speelde in een programma dat ook verder atypisch voor de Concertgebouwprogrammering was. De voorstelling ‘Just call me God – A dictator’s final speech’ was een (Engelstalig) theaterstuk met als cast – naast het orgel, bespeeld door de Oostenrijkse organist Martin Haselböck – de Amerikaanse acteur John Malkovich en de Duitse actrice Sophie von Kessel. Het was door tekstschrijver Michael Sturminger en Martin Haselböck (muziekconcept) ontwikkeld in opdracht van de Elbphilharmonie, de gloednieuwe concertzaal van Hamburg.

Het stuk gaat over de laatste dag uit het leven van de moordlustige dictator Satur Diman Cha van de denkbeeldige republiek Circassia, een mix van de keizers Nero en Bokassa. Ten val gebracht verschuilt hij zich in de protserige concertzaal die hij ondergronds heeft laten bouwen. Daar gijzelt de halfkrankzinnige dictator, briljant gespeeld door Malkovich, een Amerikaanse tv-journaliste (Von Kessel) en de organist ‘The reverend Mr. Bach(arach)’ (Haselböck). Er ontstaat een machtsstrijd tussen de gewapende dictator en de verbaal weerbare journaliste. Satur Diman Cha doet vrijwel niets anders dan brallerige toespraken houden, waarbij hij zich op orgel laat begeleiden. De briljante teksten en het verrassende plot, in combinatie met het overtuigende acteerwerk zorgden voor een spannende, soms hilarische voorstelling, aangevuld door een technisch overigens zeer gebrekkige videoprojectie.

Vooral de opening was angstaanjagend realistisch: in een verduisterde zaal stormden militairen gewapend met mitrailleurs en felle zoeklichten schreeuwend over het podium en door de gangpaden. Even dacht ik aan het Parijse Bataclan-drama.

Gedurende een groot deel van de voorstelling klonk orgelmuziek, eerst puur, later overstuurd en aangevuld door elektronische klanken en manipulaties, overgaand in angstaanjagend dreunende muziek. Haselböck speelde overwegend bekende orgelliteratuur, qua keuze soms iets te clichématig, zoals de voorspelbare Toccata in d van J.S. Bach. Meestal speelde hij slechts fragmenten van bestaande stukken van Bach, Franck, Wagner en Messiaen, om vervolgens vaak neuzelig te blijven door-improviseren. Zijn literatuurspel klonk doorgaans gejaagd, nerveus en rommelig. Onduidelijk was of dit de dramaturgische bedoeling was. Want welke organist, gegijzeld door een gewapende krankzinnige, zou onder die omstandigheden wel in alle rust en precisie kunnen musiceren?

Herhaling: 18/3 Oosterpoort, ­Groningen

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden