Johannette Zomer trok stoute schoenen aan om haar wensrol Mélisande te zingen.

Soms moet je als zangeres de stoute schoenen aantrekken. Een gok wagen. Dat is wat de Nederlandse sopraan Johannette Zomer deed, toen ze met Guus Mostart -leider van de Nationale Reisopera- een gesprek had over haar toekomstplannen. Goede operabazen doen dat op zijn tijd -praten met zangers die vaker bij hun gezelschap optreden om erachter te komen wat voor de zanger in kwestie én voor het operagezelschap interessante opties zouden kunnen zijn. Soms stellen die intendanten in zo'n gesprek de zanger een rol voor waar ze zelf nog nooit aan gedacht hadden en af en toe uiten zangers een hartenwens die net op het goede moment blijkt te komen.

Johannette Zomer had een tijd terug zo'n gesprek met Mostart. ,,Guus en ik waren aan het brainstormen over mijn mogelijkheden. De rol van Mélisande in Debussy's opera 'Pelléas et Mélisande' speelde al een hele tijd door mijn hoofd. Het is voor een zangeres als ik, die zich voornamelijk beweegt in de vroege muziek en het operarepertoire uit de barokke en klassieke periode, niet vanzelfsprekend om die rol voor te stellen. Ik heb nog nooit een hoofdrol gezongen in een opera die na 1800 gecomponeerd is en 'Pelléas et Mélisande' stamt uit 1902. Maar ik dacht: ik gooi een balletje op, je weet maar nooit. Guus reageerde direct positief en zei tot mijn verrassing dat Debussy's opera bij de Reisopera in de planning stond voor de nabije toekomst. Guus kent mij goed -voorzingen hoefde ik niet meer- en hij zag kennelijk meteen de mogelijkheden van mijn stem in de rol van Mélisande. 'Laten we het proberen', zei hij.''

En vanavond is het zover. De Nationale Reisopera presenteert met Johannette Zomer als Mélisande een nieuwe productie van 'Pelléas et Mélisande' in de Arnhemse Stadsschouwburg. Een belangrijk debuut voor Zomer. Ook al haar collega's in de productie zingen hun rollen voor de allereerste keer. Peter te Nuyl regisseert en Ed Spanjaard, 'Pelléas'-expert pur sang, staat aan het hoofd van het Gelders Orkest.

Je mag nu als Mélisande aan het eind van de opera op de scène sterven. Heb je het als operazangeres gemaakt als je in een hoofdrol dood mag gaan?

Zomer kijkt even alsof ze de vraag niet helemaal begrijpt en begint dan te lachen. ,,Zo had ik nog niet bekeken. Ik ben als operapersonage al een paar keer doodgegaan. Twee keer als Euridice in de 'Orfeo'-opera's van Monteverdi en Gluck, maar zo aan het eind, als tragische heldin in een grote opera, inderdaad nog nooit. In de enscenering van Peter te Nuyl sterf ik aan het slot overigens niet op een traditionele manier. En weet je, ik zag mezelf eigenlijk helemaal niet als een echte operazangeres. Ik stond lang op het standpunt dat opera helemaal niks voor mij zou zijn. Toen zag ik in het Muziektheater in Amsterdam de 'Pelléas et Mélisande'-productie van De Nederlandse Opera en ik dacht: Hé! Als dit ook opera is, dan wil ik me er wel in verdiepen. De opera van Debussy heeft me toen erg aangegrepen.''

,,Ik ben als zangeres begonnen als mezzosopraan en Mélisande is een rol waar je veel gebruik moet maken van de lagere regionen van je stem. Mélisande is geknipt voor mij, maar toen ik de rol daadwerkelijk kreeg, dacht ik ook wel even: Oeps, nou moet ik het wel waarmaken. Ik vond het in eerste instantie nogal moeilijk om een ingang te vinden, maar ik voelde wel meteen dat het klopte dat ik destijds in het Muziektheater zo gegrepen was geweest. Ik was opgewonden dat ik eindelijk met de rol aan de slag kon, maar tijdens het studeren vroeg ik me af en toe wel af of ik het nou wel moest doen. Hoort allemaal bij de twijfel en onzekerheid die aan dit beroep kleven.''

Wie is die geheimzinnige Mélisande nou eigenlijk? Ze duikt zomaar ineens op, huilend in het bos, trouwt met Golaud, wordt verliefd op diens broer, baart een dochter en verlaat de wereld weer even mysterieus als ze hem binnenkwam.

,,Mélisande is absoluut geen eenvoudig personage om te doorgronden. Ik heb op een moment echt gedacht: Vind ik haar wel aardig? Het proces dat ik met regisseur Te Nuyl doorgemaakt hebt, voelde echter heel organisch en ik kreeg vrij snel het gevoel dat het zou gaan lukken. Met de Mélisande die we nu hebben, kan ik prima leven. Je kunt heel snel in een slachtofferrol blijven hangen met dit Mélisande-meisje, maar van Te Nuyl hoeft ze niet alleen maar slachtoffer te zijn. Mélisande mag van hem ook kwaad worden en daar knapt het karakter erg van op, vind ik. Ze krijgt daardoor veel meer kleuren. Mélisande is in deze enscenering niet alleen maar antagonist, maar ook aanstuwer. Net als alle andere personages trouwens. Te Nuyl heeft een zin uit het oorspronkelijke toneelstuk van Maurice Maeterlinck, die niet door Debussy getoonzet is, in de productie opgenomen. Golauds vader Arkel zegt daar zoiets als dat de personages in het verhaal de misdaad met z'n allen hebben gepleegd. Niemand is hier vrij van schuld. Zo geeft Geneviève mij een duwtje richting haar zoon Pelléas, achter de rug om van haar andere zoon Golaud.''

,,Mélisande is een getraumatiseerd iemand, met wie veel meer aan de hand is dan we vermoeden. Ze vertelt niets, we weten helemaal niets over haar. Ze leeft in een soort grijze zone waarmee de zwart-witte Golaud niets heeft. Hij kan haar niet aan. Misschien begrijp ik Mélisande ook niet helemaal, maar ik moet wel in het personage kunnen geloven. In mijn hoofd moet het van A tot Z kloppen, wil ik het goed kunnen spelen. Nu, met de extra kleuren die Te Nuyl haar gegeven heeft, lukt dat heel goed en vind ik haar een prettig persoon.''

Dus deze Mélisande voldoet niet aan de clichés van het ongrijpbare meisje met het lange haar?

,,Nee. In deze productie wordt alleen maar met symbolen gewerkt. Er wordt weinig benoemd. De beroemde lange haren van Mélisande, die ze uit de toren laat hangen zodat Pelléas ze kan strelen, zijn afwezig. Dit is het'', zegt Zomer terwijl ze op haar kortgeknipte koppie wijst. ,,We hebben zelfs nog even overwogen om mij een pruik op te zetten met nog korter haar. Juist omdat er niets benoemd wordt, ga je meteen op zoek naar de diepere lagen van het gebeuren.''

Zomer was zich niet echt bewust van de traditie waarvan zij nu onderdeel wordt. Uit Nederland kwam ooit een hele beroemde en internationaal geroemde Mélisande in de persoon van sopraan Erna Spoorenberg.

,,Ik heb de opname van Spoorenberg nooit gehoord'', zegt Zomer verontschuldigend, ,,maar dat ga ik nu zeker doen. Ik probeer zo min mogelijk vooraf te luisteren naar anderen. Ik heb wat gehoord van de opnamen van Elisabeth Söderström en Anne Sofie von Otter, maar die waren al zó verschillend.''

Zomer hoopt dat men verrast zal zijn door haar 'onverwachte' Mélisande. ,,Je wordt in deze rol toch anders beoordeeld dan wanneer je Mozarts Pamina zingt of zo. Ik hoop dat ik de rol hierna nog op andere plaatsen mag zingen, ook al is het alleen maar om ergens in te vallen. Een rol wordt zoveel beter als je hem een tijdje laat rusten. Opera doen vind ik inmiddels hartstikke leuk. Spelend zingen vind ik de ultieme manier van zingen. Het geeft je vrijheid, je denkt minder aan de techniek van het zangproces. Als je de goede bewegingen mag maken, ga je bijna als vanzelf beter zingen. En uiteindelijk ligt Mélisande niet zo ver af van de muziek van Bach, Hündel en Mozart. Ik hoef voor Mélisande niet ergens een extra la open te trekken. Daar ben ik ook zelf prettig door verrast.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden