Ik heb een droom

Johan Koppenol: Laat het einde van de studie Nederlands aan de VU een wake up call zijn

Johan Koppenol Beeld Jorgen Caris

“Ik ben echt een onderwijsman en heb altijd met veel passie colleges Nederlands gegeven aan de VU. Het gaat me dan ook zeer aan het hart dat de opleiding hier stopt, maar het heeft geen effect op mijn dromen.”

“Ik onthoud ze ook niet en slaap als een marmot. Een van de weinige dromen die ik me wel herinner is een terugkerende lucide droom waarin allerlei verhaallijnen door elkaar lopen, tegen een decor dat iets weg heeft van Piranesi of tekeningen van Dirkje Kuik. Er gebeurt van alles in die droom, heel ingewikkeld, toch zit het goed in elkaar en op een bepaald moment weet ik: dit is het perfecte plot voor een boek. Maar de opwinding verdwijnt zodra ik wakker word: opeens zie je alle gaten en tekortkomingen.

Ik heb weleens geprobeerd die droom op te schrijven. Als student heb ik zelfs een tijdje een dromendagboek bijgehouden, in navolging van Frederik van Eeden, een fanatiek dromer. Hij fascineerde mij en heeft aan de wieg gestaan van mijn leven als neerlandicus. Toen ik op de middelbare school ‘De kleine Johannes’ las besefte ik voor het eerst hoe een boek je op een andere manier, van een afstand, naar jezelf kan laten kijken. Ik zag: zo werkt literatuur, het leert je dingen over jezelf en de wereld.

In het diepe springen

Mijn horizon verbreedde zich later nog meer dankzij mijn leermeester aan de universiteit van Leiden, Karel Bostoen. Zijn literatuurlijsten waren niet misselijk. Met hem deden we echt onderzoek, we hadden geen idee wat eruit zou komen.

Daar heb ik zoveel van opgestoken. Ik gun mijn studenten ook om eens in het diepe te springen, maar de ruimte dingen te laten mislukken is volledig uit ons academisch onderwijs weggefilterd. Het hele systeem is inmiddels gebonden aan financiële regels, aan visitaties. Een papierwinkel aan onderwijsdossiers. Bij alles moet ik van tevoren bedenken: dit wordt een tentamenvraag, dit is het modelantwoord. Maar waar gaat het nou eigenlijk om? Om wat er in de groep gebeurt. Mijn leraar Latijn vond leren het mooiste Nederlandse woord. Anders dan in het Engels, dat onderscheid maakt tussen to learn en to teach, is leren zowel ontvangend als gevend. Zo moet onderwijs zijn: student en docent in gesprek met elkaar, je brengt elkaar verder.

Laat onze situatie een wake up call zijn voor andere universiteiten. Het is het moment om na te gaan: wat waren mijn idealen, wat zou ik willen? Mijn droom is om het hele onderwijs opnieuw te bedenken en alles achter ons te laten. Zoals ik vroeger deed in een nachtdroom waarin ik, na veel problemen en gedoe, mezelf uit een moeras wist te bevrijden door weg te fladderen. Ik stel me voor hoe ik met een aantal collega’s, zonder salaris, een andere academie voor de humaniora zou stichten. Met aandacht voor het Ware, Goede en Schone.”

Johan Koppenol (1965) is hoogleraar oudere Nederlandse letterkunde aan de Vrije Universiteit Amsterdam. De bachelor Nederlands, met nu zes eerstejaars, stopt in 2020 voor nieuwe studenten. De opleiding is niet meer rendabel, volgens de VU.

In de interviewrubriek ‘Ik heb een droom’ vraagt de redactie van Trouw aan bekende en minder bekende mensen waar ze over dromen, overdag of ’s nachts.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden