Jij bént toch Rondom 10? Je kúnt toch niet weg

¿Straks zetten ze er een hippe homo neer met zo¿n kek vierkant montuurtje, of een jonge vrouw met een kort rokje. Die kunnen inhoudelijk ook heel goed zijn hoor.¿ (FOTO MARK KOHN) Beeld Mark Kohn
¿Straks zetten ze er een hippe homo neer met zo¿n kek vierkant montuurtje, of een jonge vrouw met een kort rokje. Die kunnen inhoudelijk ook heel goed zijn hoor.¿ (FOTO MARK KOHN)Beeld Mark Kohn

Cees Grimbergen moet weg bij Rondom 10. De managers van de NCRV willen het discussieprogramma vernieuwen. „Imago is blijkbaar belangrijker dan kwaliteit.”

Maaike Bos

Hij pakt een Engels dropje uit de pot in de kamer van de eindredacteur. Cees Grimbergen heeft geen eigen kamer op de kleine redactie van ’Rondom 10’ in het Hilversumse gebouw van de AVRO, KRO en NCRV. De televisiepresentator, bekend om zijn grote gebaren en volgens sommigen te meeslepende manier van praten, spreekt buiten de camera’s rustig en met zachte stem. „Gisteravond fietste ik op een doodlopend fietspad door een verlaten stukje Utrecht. Stapt er een Marokkaanse jongen uit een auto met vier jongens. Ik vroeg maar iets. ’Zoek je de weg?’

’Nee’, zei hij. ’Hee, jij bent van Rondom 10’.

’Ja’

’Je moet weer eens wat aan Marokkanen doen.’

’Ik doe het nog maar even, daarna ben ik weg’, zei ik.

’Maar jij bént toch Rondom 10? Je kúnt toch niet weg. Wij kijken altijd naar je.’”

Grimbergen zegt het met lichte trots. In de ruim tien jaar van zijn presentatorschap bij Rondom 10 heeft het journalistieke praatprogramma op zaterdagavond zich ontwikkeld tot een plek waar „gewone mensen van vlees en bloed” discussiëren over de nieuwsfeiten die ze aan den lijve ondervinden. Ook Marokkaanse Nederlanders komen met regelmaat in de studio – Grimbergen zette het islamdebat al vroeg op de agenda.

Deze week werd bekend dat de NCRV-managers het programma willen vernieuwen en begin 2010 het freelance-contract van Grimbergen niet verlengen. Bovendien wil de omroep het aantal presentatoren verkleinen.

„Vernieuwen ja. Verjongen hebben ze niet gezegd. Ik ben ook niet boos”, zegt Grimbergen terwijl hij uit het raam naar de bomen kijkt. „Wel teleurgesteld. Het gaat de NCRV niet meer om journalistieke, inhoudelijke afwegingen maar om een nieuw imago. Zou ’vernieuwen’ het programma beter maken? De redactie wordt niet eens gevraagd mee te praten over verbeteringen. Dit gaat niet om wat wij zijn, maar om wat we lijken te zijn voor het publiek. Volgens de NCRV zien kijkers mij als ’serieus, saai en gereformeerd’ en dat is een verkeerd imago. Zo is het tegen mij gezegd en daarom moet ik vertrekken. Ik ben wijs genoeg om te zien dat dit management-denken ook binnen de NCRV en de publieke omroep is opgerukt.”

Al in 2005 maakte Rondom 10 een uitzending over de opmars van de manager in Nederland en de ergernis daarover. „In hun manier van denken is kwaliteit, aandacht en zorg niet belangrijk, maar imago en kwantificeerbare resultaten. Het werkklimaat verslechtert daardoor juist, vond een grote meerderheid aan leerkrachten en verpleegkundigen in een groot NCRV-onderzoek.”

Dat speelt nu bij de christelijke omroep zelf, vindt hij. „Wij waren nota bene de eerste journalisten die die ergernis signaleerden, juist doordat we veel rondlopen bij scholen, bedrijven, ziekenhuizen en hulpverleners. Zo zoeken wij onze onderwerpen – met aandacht. Wij gaan in de moskee op de knieën, zingen mee in de schouwburg met de unie van vrijwilligers, hangen met Marokkaanse jongeren rond in het uitgaansleven. We zijn veel op straat, weg van de airco-kantoortuinen.”

Met Grimbergen doet de NCRV een betrokken en veelzijdig journalist de deur uit. Hij kiest voor kwaliteit, niet dogmatisch voor principes. Van huis uit katholiek, werkt hij voor de protestantse NCRV, „en voor de TROS zou ik Rondom 10 ook maken.” Hij rookt, maar hooguit vijf stuks per week. „Na de uitzending móet ik op de A2 van Amsterdam naar Utrecht een sjekkie wegpaffen.” Sommigen vinden hem geweldig, anderen irritant vanwege zijn grootse gebaren en gezichtsuitdrukkingen die elk onderwerp heftig doen lijken. „Dat is de energie van de live uitzending. Ik wil geen zapmomenten”, zegt hij erover. Zijn gedrag is opgevallen, blijkt uit de ongeveer vijftig reacties nadat zijn gedwongen vertrek bekend werd.

„Zijn ze nu helemaal gek geworden bij de NCRV?”, vraagt iemand. En: „Zelden zo’n goede presentator van een debatprogramma gezien. Niet elke verandering is een verbetering.”

Grimbergen is de vierde presentator van Rondom 10, het langst lopende praatprogramma op de Nederlandse televisie. Henk Mochel was afwisselend met Hans Sleeuwenhoek de eerste presentator sinds 1982. In de jaren negentig nam Violet Falkenburg het over. Grimbergen: „Ik bén niet het programma, het is niet rondom mij geboetseerd. We hebben er vanaf mijn begin in 1999 wel drie jaar over gedaan om de sfeer, traditie en toon van Violet af te schudden. Zij deed vooral empathische interviews en had meer medisch-ethische onderwerpen. Sinds ik er werk, hebben we het programma journalistieker gemaakt. We gaan uit van feiten, in een goede, scherpe tekst op camera. Vervolgens laat ik de mensen aan het woord, en daarnáást heb je dan de ontroering, de verwarring. Als die loskomt in de live-uitzending denk je ’verdorie, dat was een goede aflevering’.”

Hij geeft toe, elke week spelen zijn eigen emoties ook een rol. Kan hij dan nog kritisch blijven? „Ik ben elke week geraakt. Maar je kunt heel goed kritisch luisteren naar het feitelijke betoog en tegelijk de gevoelslaag in dat betoog in je opnemen”, reageert hij. Hij vermijdt de ongemakkelijke vragen niet. In een aflevering over lichamelijk en geestelijk gehandicapte kinderen vroeg hij de ouders wat het leven van hun kind nog waard is. „Als de toon goed is en de oprechtheid van de interviewer buiten kijf staat, kun je de meest impertinente vraag stellen. Ik zie in discussieprogramma’s tegenwoordig te vaak een prettig gesprek met een gast en interviewer die elkaar behagen. Pauw en Witteman zag ik laatst hun gasten zoenen aan het eind van hun uitzending. Het is kritiekloze behaagzucht.”

Ook een doorn in zijn oog: de taal. „Die nota-taal, en dat onzorgvuldig taalgebruik. Het is zo liefdeloos.”

Want Grimbergen houdt van zijn vak. „Journalistiek werk is toch te mooi om het een opgave te noemen? Het omgaan met mensen, en vormgeven aan de dilemma’s van deze tijd – dit werk is mijn psychisch inkomen. Mag ik geld betálen om dit werk te doen, in plaats van vorstelijk betaald te worden?”

Zijn liefde voor het directe vak toont nu de keerzijde.

„Ik ben bewust nooit chef of manager geworden. Ben er wel voor gevraagd. Ik zou doodziek worden van die vreugdeloze vergaderingen. Maar als je kiest om geen manager te worden, heb je niets te zeggen en beslissen anderen over je.” Hij is even stil. „Ik moet niet zeiken, ik heb gewoon een freelance-contract tot het einde van dit jaar, meer niet.”

Heeft hij na al die jaren niet meer krediet opgebouwd? „Klopt wel een beetje. Wat kan ik doen? Ik maak gewoon nog de aflevering van vandaag en de laatste elf in het najaar. Ik ben ook blij dat ik meer dan tien jaar krediet kreeg. Ze krijgen mij er niet onder. En onze topredactie blijft scherp en zorgvuldig. Straks zetten ze er een hippe homo neer met zo’n kek vierkant montuurtje, of een jonge vrouw met een kort rokje. Die kunnen inhoudelijk ook heel goed zijn hoor. Ik zou ze ook in de plaats zetten van een ouwe man van 58 met wallen onder zijn ogen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden