Jeugdzorg zit in zijn maag met Slavische kinderbende

door Bart Zuidervaart

De kinderen liegen, zijn onhandelbaar en hebben geen identiteitspapieren. De Raad voor de Kinderbescherming zit omhoog met zes zeer jeugdige buitenlandse zakkenrollers.

Zijn ze negen, tien of elf jaar oud? De Raad voor de Kinderbescherming weet het niet precies. De jongetjes zelf beweerden onmiddellijk na hun arrestatie dat ze jonger zijn dan twaalf. En dat is verdacht, vertelt Richard Bakker van de Kinderbescherming. „Dan kunnen ze namelijk niet strafrechtelijk worden vervolgd. Hun verklaringen zijn duidelijk ingestudeerd. De kinderen zijn waarschijnlijk geïnstrueerd door volwassenen.”

De politie arresteerde de bende twee maanden geleden in het centrum van Amsterdam. Daar maakten de jongetjes zich veelvuldig en op professionele wijze schuldig aan zakkenrollerij. Sindsdien zitten ze vast in een gesloten jeugdinrichting van de Raad voor de Kinderbescherming. Bureau Jeugdzorg ontfermt zich over hen.

De jongens spreken Roemeens, maar of ze daadwerkelijk uit Roemenië komen, is nog niet met zekerheid vastgesteld. De Kinderbescherming en de Roemeense autoriteiten proberen al twee maanden tevergeefs de identiteit van de jongens te achterhalen. „We wachten op het verlossende telefoontje uit Roemenië”, zegt Bakker, „want dan kunnen ze terug naar hun geboorteland”.

Inmiddels hebben zich zes mannen bij de Kinderbescherming gemeld die allen zeggen familie te zijn van de jongens, variërend van vader, tot oom en neef. „Maar bewijzen kunnen ze dat niet”, vertelt Richard Bakker, en dus zitten de jongetjes nog altijd vast.

Het Openbaar Ministerie in Amsterdam heeft contact gehad met justitie in Milaan, Rome en Parijs om hun gedrag te vergelijken met jeugdbendes die daar actief zijn geweest. Het vermoeden bestaat dat de jongens een training tot zakkenrollerij hebben gevolgd en vervolgens door mensenhandelaren werden gedwongen in verschillende Europese steden te werken.

Het onderzoek loopt, is zo ongeveer het enige wat de persvoorlichter van het OM kan vertellen. „Zolang we hun exacte identiteit niet hebben achterhaald, is het lastig om een eventuele georganiseerde bende achter deze jongens te ontmaskeren.”

Volgens de Raad voor de Kinderbescherming misdragen de jongens zich behoorlijk in de inrichting. Het zouden brutale kinderen zijn, die het ’stoer vinden dat ze achter slot en grendel zitten’. „Ze zijn vooral verbaasd dat ze in Nederland zo lang vastzitten”, zegt Bakker. Dat duidt erop dat ze ook in andere landen hebben vastgezeten en toen vrij gemakkelijk weer op straat stonden.

De Kinderbescherming houdt de jongens vast om te voorkomen dat ze hun oude werk oppakken, maar ook om ze zo te beschermen tegen eventuele afpersers. Dat mag voor maximaal drie maanden. Daarna brengt de Raad voor de Kinderbescherming advies uit aan de rechter en „moeten we uitvoerig laten weten waarom we een verlenging van de voorlopige voogdijmaatregel willen”, zegt Bakker.

Het ligt volgens hem voor de hand dat de rechter dan oordeelt dat de voogdijmaatregel wel wordt verlengd, maar dat ze uit de gesloten inrichting moeten. De Kinderbescherming zal dan ook het contact met de zelf verklaarde familieleden ’intensiveren’ om hun ware identiteit te kunnen achterhalen. „Maar zolang we hun bedoelingen niet kennen, geven we de kinderen niet mee”, zegt Bakker.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden