Jeugdwerkloosheid vergt maatwerk in het mbo

De arbeidsmarkt verandert, jongeren komen slecht aan het werk. Investeer daarom in hun opleiding, betogen Andries de Grip en Marc van der Meer.

De economische crisis heeft de arbeidsmarkt in haar greep. De groei wil maar niet aantrekken, en met name de jeugdwerkloosheid is met 15 procent onaanvaardbaar hoog. Volkomen terecht dus dat met de WerkWeek tegen Jeugdwerkloosheid extra aandacht wordt gevraagd om 122.000 jongeren aan het werk te krijgen.

Economen waarschuwen dat vooral banen in het middensegment van de arbeidsmarkt kwetsbaar zijn. Er wordt onvoldoende geïnvesteerd en routinewerk in administratieve en financiële functies worden gemakkelijk geautomatiseerd. Daardoor zullen mogelijk 500.000 banen op niveau mbo-2 en -3 verdwijnen, en ook niet meer terugkomen.

undefined

Werk wordt complexer

Uit cijfers van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) blijkt inderdaad de grote werkloosheid voor schoolverlaters van de twee laagste mbo-niveaus. Bijna de helft van de schoolverlaters op het laagste niveau beroepsopleidende leerweg heeft geen werk (46 procent). Op niveau 2 beroepsopleidende leerweg is dat 22 procent.

Maar van de schoolverlaters met een techniekdiploma op niveau mbo-4 is 10 procent werkloos, wat vergelijkbaar is met hbo- en wo-afgestudeerden. En mbo'ers, die naast hun opleiding in een bedrijf werken, blijven na hun diplomering vrijwel allemaal aan het werk.

Het is niet zo dat het mbo geen perspectief op werk meer biedt. De ROA-prognoses verwachten juist dat de werkgelegenheid op het middenniveau tot 2018 stabiel blijft. Er verdwijnen veel banen, maar er komen ook veel banen bij.

Tegelijk stijgt het gevraagde kwalificatieniveau. In de techniek is er sprake van 'hbo-isering', zo blijk uit de Arbeidsmarktmonitor Metalektro. Want het werk wordt complexer en de lat wordt steeds hoger gelegd. Het is daarom van groot belang dat schoolverlaters met mbo 1 en 2 die dat kunnen, doorstromen naar een hoger niveau. Nu het kabinet weer gaat investeren in het onderwijs, zijn er leer- en werkroutes nodig met voldoende praktijkgericht onderwijs.

Ruim een jaar geleden bracht de Sociaal Economische Raad (SER) het rapport 'Handmade in Holland' uit. Dat pleit voor een herwaardering van vakmanschap en voor innovatie op de arbeidsmarkt. Dat moet nu stevig ter hand worden genomen.

Ook het ondernemerschap in kleine bedrijven moet worden versterkt, om banen te scheppen in zowel ambachtelijke als hoogwaardige technologische sectoren. Dat is extra relevant nu uit nieuwe inschrijvingen blijkt dat de beroepsopleidende leerweg in het middelbaar beroepsonderwijs met tienduizend leerlingen groeit tot 381.000, terwijl de beroepsbegeleidende leerweg met 23.000 leerlingen daalt, naar 102.000.

Bedrijven gaan meer terughoudend met het beroepsonderwijs om. Ze werken ook steeds vaker in ketens en netwerken, waarbij ze personeel over en weer kunnen inzetten, met soms een grote 'flexibele schil' van medewerkers met tijdelijke contracten of uitzendkrachten. Dit alles stelt nieuwe eisen aan de taakuitvoering, het databeheer, de procesbesturing en ook aan het milieugebruik en de veiligheid van medewerkers.

undefined

Goed communiceren

Voor handel, horeca en schoonmaak had je vroeger lang niet altijd een opleiding nodig. Nu moeten medewerkers tenminste op mbo-niveau gecertificeerd zijn. Bovendien moeten zij in steeds meer functies goed kunnen communiceren met klanten en collega's, de problemen die zich op het werk voordoen zelf kunnen oplossen en initiatief nemen als dat nodig is. Dat stelt veel nieuwe eisen aan werkenden. Structurele upgrading van vakmensen vraagt niet om uniforme recepten, maar om gedifferentieerde leerpaden. Investeringen in het beroepsonderwijs moeten maatwerk mogelijk maken.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden