Jemenieten kunnen geen kant meer op

Vervoer van burgers naar het ziekenhuis lukt niet meer en de artsen raken door hun voorraden heen

Tientallen militairen met buikwonden, beschoten kinderen en hoogzwangere vrouwen komen dagelijks het overvolle ziekenhuis binnen van Qa'atabah, een district in Jemen. De frontlinie is nog maar drie kilometer verwijderd van het gebied, waardoor het aantal slachtoffers toeneemt. Jemenieten lijden al maanden onder onophoudelijk geweld, sluipschutters, bombardementen, ontvoeringen, plundering en diefstal.

"Ik leef bij de dag. Nu de frontlinie zo dichtbij is, is iedereen alert. Ieder moment kunnen er gevechten uitbreken", vertelt Nora Echaibi (39) telefonisch. Ze is teamleider bij Artsen zonder Grenzen. Drie maanden geleden vloog zij naar Jemen om leiding te geven aan doktoren en verpleegkundigen op de spoedeisende hulp in het ziekenhuis in Qa'atabah. Het is een van de weinige ziekenhuizen in Jemen die nog functioneren. Zo'n 70 procent van de ziekenhuizen is gesloten omdat het personeel is gevlucht. Echaibi: "Dagelijks zie ik mensen verhuizen naar de dorpen in de bergen. Veel mensen zijn ontheemd."

Sinds de sjiitische Houthi-rebellen grote delen van Jemen hebben ingenomen, is het een grote chaos. Er zijn meer dan 1400 mensen gedood en bijna 6000 gewond geraakt sinds maart. De Verenigde Naties schatten dat 80 procent van de burgers in Jemen humanitaire hulp nodig heeft. Zo'n 21 miljoen Jemenieten zitten zonder schoon water en 12 miljoen hebben te weinig eten. Saoedie-Arabië heeft de meeste luchthavens gebombardeerd en een zeeblokkade ingevoerd, waardoor Jemen al weken niets kan in- en uitvoeren. Huizen zijn leeg en winkels zijn dicht.

Unicef, de kinderrechtenorganisatie van de Verenigde Naties, houdt een blog bij met persoonlijke verhalen van Jemenieten. Daarop staat beschreven hoe kinderen in de noordelijke hoofdstad Sanaa met kruiwagens en jerrycans op straat rijden langs granaatscherven, op zoek naar water. Moeders struinen in vuilnisbelten naar voedsel.

Ook in de zuidelijke havenstad Aden moeten mensen overleven. Enkele weken terug vonden er luchtaanvallen plaats. Um Mohammed en haar gezin overleefden het, vertelt de moeder op de Unicef-blog. Maar nu de meelfabrieken zijn vernietigd, weet de moeder zich geen raad. Haar kinderen raken ondervoed. "Omdat we geen geld hebben, lijden we altijd honger", zegt ze. "De winkels die nog open zijn, hebben hun prijzen drastisch verhoogd."

Ook het tekort aan brandstof is een gevaar voor de samenleving, vertelt Echaibi. "Als er geen brandstof is, werken waterpompen niet en ontstaat een groot tekort aan water. Het telefoonnet verslechtert en reizen is erg duur, wat ongunstig is voor medische slachtoffers. Gewonde militairen worden door collega's naar ons toegebracht. Maar burgers worden aan hun lot overgelaten."

Sommige slachtoffers liggen uren op straat dood te bloeden. Mensen durven hen niet te helpen, maar vaak is er ook geen brandstof om gewonden naar de spoedeisende hulp te brengen.

"Zwangere vrouwen moeten gedwongen bevallen zonder medische hulp, omdat er geen vervoer is naar het ziekenhuis. We krijgen verschillende oproepen van vrouwen die een keizersnee nodig hebben. Maar er zijn er maar weinig die daadwerkelijk kunnen komen. Van honderden andere vrouwen hebben we geen idee hoe de bevalling is afgelopen", vertelt Karline Kleijer, emergency manager bij Artsen zonder Grenzen in Nederland.

Volgens Kleijer zijn de noden in het land te groot, waardoor de medische hulpverlening het niet bij kan houden. Er zijn te weinig hulpverleners en te weinig middelen om ziekenhuizen draaiende te houden en om mensen te verzorgen.

Van psychische hulp is al helemaal geen sprake, omdat er een taboe op rust. Maar volgens Echaibi is het wel noodzakelijk. "Na een luchtaanval zoals drie weken geleden, weet ik dat er veel slachtoffers binnenkomen die acuut moeten worden geholpen. Hierdoor neemt de angst en stress toe bij burgers. Er is dan grote paniek op de afdeling. Vrouwen beginnen te huilen en raken nog meer gestresst. Zij maken zich ook zorgen om hun achtergelaten gezinnen", vertelt Echaibi.

Leven in Jemen is volgens Echaibi een kwestie van overleven en aanpassen aan de situatie per dag. Een toekomstperspectief is er niet. Ondertussen probeert Um Mohammed met eigengemaakte etenswaren het hoofd boven water te houden. Maar de rek is er bijna uit. "Mijn kinderen en ik zijn zo angstig. God weet hoe lang we dit aankunnen. We hebben alles al verloren, behalve onze waardigheid."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden