'Jeetje, wat een prutser is die Anniek'

De eerste baan legt de basis voor later. Actrice Anniek Pheifer (1977) begon in 'Orestes', een stuk van het Nationale Toneel in Den Haag. Zij is de komende tijd te zien in de voorstelling 'De storm van Shakespeare', ook bij het Nationale Toneel.

"Na mijn afstuderen aan de Toneelschool vroeg Agaath Witteman, de regisseur van mijn afstudeervoorstelling, me voor het stuk 'Orestes' van het Nationale Toneel. Het was best een chique eerste baan. Ik was 22 en zat gelijk bij een van de grootste toneelgezelschappen van Nederland.

We repeteerden in het oude ABN Amro- gebouw aan de Kneuterdijk in Den Haag. Een imposant gebouw met marmeren vloeren en klassieke zuilen. Elke dag, acht weken lang, waren we daar te vinden.

Het stuk ging over wraak, eigenlijk gaat het bij de Grieken altijd over wraak. De moeder had de vader vermoord, en nu wilde de zoon - Orestes - zijn vader wreken. Op zijn beurt vermoordde Orestes zijn eigen moeder, en ook haar minnaar. Ik speelde een dubbelrol: naast Helena - de moeder - speelde ik ook Hermione, de dochter. Maar het stuk ging voornamelijk over het lot van Orestes en zijn zus Elektra.

Je werkt heel intensief samen. Je denkt mee over scènes. Tijdens het repetitieproces hebben we daarnaast met de groep veel mythologie behandeld. Agaath gaf ons allemaal een eigen dag. Dan was het bijvoorbeeld Helena-dag, en hingen we alles wat we over Helena wisten aan de muur. Zo kreeg je inzicht in je eigen personage, en ook in wat je relatie was tot de rest van de personages.

Ik moest scènes spelen met jongens die het allemaal leken te weten. Dat vond ik wel eens lastig. Eén moment kan ik mij nog goed herinneren: Michel Sluysmans, nu mijn beste vriend, speelde Orestes. Hij stond hartstikke lekker te spelen. Maar als ik aan het woord was, meende ik aan zijn gezicht te kunnen aflezen: 'Jeetje, wat een prutser is die Anniek'. Totaal onzeker werd ik ervan. Op een gegeven moment had ik het niet meer, en riep ik: 'Ik kom er niet uit! Ik weet niet wat ik aan het doen ben!'

Agaath onderbrak me en zei: 'Dat is juist heel goed. Het niet weten. Heel mooi!' Ik was haar op dat moment ontzettend dankbaar. Opeens realiseerde ik me dat ik mijn onzekerheid en mijn gevoel van niet-weten kon gebruiken. Als ik het weer eens niet weet, hoor ik haar woorden nog altijd.

Er kwam veel publiek af op de voorstelling. Het stuk was ook populair onder leerlingen, zij hadden van die CKV-bonnen. Ik weet nog dat ik op de wc zat - in mijn Griekse kostuum - en dat ik naast mij een meisje hoorde zeggen: 'Dit is zo ontzettend saai man! Hier ga ik echt geen CKV-verslag over schrijven.' Ik kon er wel om lachen.

Voor het eerst was het serieus werk, het was de echte wereld. Er kwam publiek en ik kreeg betaald. Ik was trots op die eerste voorstelling. Na al die jaren werk ik nog steeds voor hetzelfde theatergezelschap. En nog altijd ben ik daar trots op."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden