'Je moet met musici de kroeg induiken'

de schepping

Als de sololijn eenmaal af is, denk ik: het ergste is achter de rug. De grote vorm van het stuk en de sfeer die eruit moet spreken zijn er. Als ik daarna in de orkestratie duik, stuit ik op detailkwesties. Dan gaat het om tienduizend kleine beslissingen op een dag. Een kort loopje ergens achterin bij de houtblazers dat hup voorbijvliegt, daar kan ik heel lang mee bezig zijn. Ook in dat riedeltje moeten de noten perfect kloppen. Dat de solopartij er dan al ligt, is eigenlijk noodzakelijk, die geeft de richting aan en vormt de ruggegraat van het stuk."

"Orkestreren houdt ook in: praktische overwegingen toepassen. Ik wil de musici ruimte gunnen. Voor een trompet een demperwisseling voorschrijven die binnen anderhalve maat in een snel gedeelte uitgevoerd moet worden, daar maak je geen vrienden mee. Ik vind dat je daar rekening mee moet houden en niet alleen maar je eigen wilde plannen erdoor moet duwen. Je kunt niet iemand het podium opsturen terwijl hij zich niet comfortabel voelt in zijn rol. Dat wil niet zeggen dat iets makkelijk speelbaar moet zijn, maar enige logica en haalbaarheid zijn noodzakelijk.

"Ik heb een tijdje aan Harvard lesgegeven. Vóór mij waren daar de componisten Bryan Ferneyhough en Helmut Lachenmann. De cultuur die er heerste: 'You must make musicians hate you.' Dat is iets waar ik geen klap van begrijp. Je moet juist bevriend raken met musici en met ze de kroeg induiken. Dan kom je erachter welke hoge noot haalbaar is op hun instrument en wat voor muziek er bij hun karakter past. Dat is alleen maar leuk en verrijkend.

"Bij dit celloconcert werkte het iets anders, ik kende Ivan Monighetti niet persoonlijk. De Biënnale nodigde mij uit, en vervolgens heb ik op YouTube kort naar een aantal filmpjes gekeken waarop Ivan speelde. Dan heb je vrij snel door: die gozer kan spelen, dat is het probleem niet. Je komt erachter bij wat voor soort muziek het instrument onder zijn handen gaat glimmen. We hebben elkaar tijdens het compositieproces een paar keer ontmoet, en dan speelde ik de orkestpartij op de piano."

Je schrijft graag voor stem, hielp dat bij dit celloconcert?

"Het fijne aan een cello is dat hij geen adem hoeft te halen, de lijn kan eeuwig doorlopen. Bij dit concert heb ik tegen mezelf gezegd: durf dat instrument te laten zingen! Ik rommel veel achter de piano en probeer van alles uit. Ik schrijf in het begin nauwelijks een noot op, maar krabbel veel woorden en flarden op die een idee geven van wat ik op een bepaald moment wil horen. Dat zijn trefwoorden, onzintaal, grammaticaal onjuiste zinnen die naderhand op m'n lachspieren werken, maar toch kan ik er iets mee definiëren voor mezelf. Om het administratief een beetje overzichtelijk te houden, schrijf ik de ideeën in noten uit op de computer. Dat uitschrijven vind ik niet zo fijn, dan neemt zo'n compositie een definitieve vorm aan. Zolang die er niet is, kan ik nog alle kanten op. En zodra de steen in de vijver is gegooid, ga ik twijfelen. Is dit het nu?

"Ik wilde dit celloconcert niet te dik instrumenteren, een cello is kwetsbaar in combinatie met een orkest. Het punt is dan wel dat die paar zwarte vlekjes op het muziekpapier, de noten, er alles bij elkaar zo mager uitzien. Dat de musici straks zeggen: is hij daar nu zo lang mee bezig geweest? Door die fase moet ik altijd even heen. Dat heeft met geloof in jezelf te maken. Dan ziet het er maar knullig uit, maar ik weet dat het goed gaat klinken. Eenvoud is in zekere zin verdacht, helemaal in hedendaagse muziek. Soms ben ik geneigd het diffuus en gelaagd te maken, omdat ik vind dat er niet genoeg noten op zo'n pagina staan. Ik weet ondertussen vrij aardig wanneer ik onzindingen aan het doen ben waarvan ik lang het idee heb gehad: die maken het muzikale verhaal interessanter. Achteraf denk ik dan even vaak: het wordt er vager en saaier door, de kern verdwijnt. Toeters en bellen ergens ophangen om de menigte om de tuin te leiden, werkt absoluut niet.

"Schubert vond ik vroeger helemaal niets. Toen ik twintig was, beoordeelde ik dat als naieve, sentimentele muziek. Een beetje wat men bij moderne kunst vaak heeft: dat kan iedereen wel. Maar nu: die man was een absoluut genie. Nog minder noten en hij had de stilte uitgeschreven. Met een heel eenvoudige zanglijn een heel universum oproepen, dat onnadrukkelijke, dat is een oerkracht.

In de partituur van het celloconcert vinden we weinig speelaanwijzingen, veel wordt vanzelfsprekend verondersteld. Slechts een paar keer staat er dat de cellist zijn stok als een slagwerker op de snaren moet laten vallen, of 'overdreven snaardruk'.

"Alles wat je voorschrijft, moet passen in de dramatiek van het stuk. Moeilijkheden of gekke trucjes zijn geen doel op zich. Ik daag de musici wel graag uit. Van alle instrumenten is de cello het meest diverse, en uitermate geschikt voor hedendaagse muziek. Je kunt erop strijken, kloppen enzovoorts. Ik wil dat dan ook, maar niet om aandacht te vragen of omdat ik zo nodig theatraal wil doen. Ik heb tussendoor een paar keer stiekem wat muziek gestuurd naar cellisten die ik ken, om even te checken of ik op de goede weg zat. Zij haalden er een paar miskleunen uit met dubbelgrepen die niet handig waren.

"Het begin: een zucht - meteen een statement. Ik wist zeker dat dit het begin moest zijn. De noten van het derde deel had ik als eerste af, maar die klonken niet als een begin. In mijn aantekeningen noemde ik het begin van de cello in het eerste deel een barokke zucht. Al die herfsttinten die om het instrument heen hangen, dat melancholieke in die toon, heerlijk. Ik wist niet dat ik drie delen zou gaan schrijven, op een gegeven moment voelt een deel als af, en dan weet je of er wel of niet nog iets op moet volgen. Als ik de opdracht had gekregen om een driedelig werk te schrijven, had dat me geblokkeerd.

"Tijdens het celloconcert werkte ik aan twee andere stukken, voor het najaar van 2017. Uit een soort escapisme was ik tussendoor met die andere composities bezig. Ook om het leed en de problematiek van het concert te bagatelliseren: er zijn wel ergere dingen in het leven. Even een uitstapje maken helpt altijd. Een half uurtje, niet langer, anders voelt het als ontrouw en dan ben ik er te veel uit."

Op het programma staat ook het celloconcert 'Tout un monde lointain...' van Dutilleux, een werk dat inmiddels tot de canon van de celloconcerten behoort. Is dat eng?

"Nee, eerder eervol. Ik laat me daardoor niet intimideren. Ik doe wat ik kan, en dat doe ik naar beste vermogen. Wat men daarna vindt van een stuk, moet men zelf weten. Ja, ik zeg dat nu wel zo luchtig, het is natuurlijk een heel raar spel: kunst maken, creatief zijn, maar ik leef er wel van. Ik leef er niet alleen voor maar ook van. Je kunt een slecht stuk schrijven, maar niet drie keer achter elkaar. Brood op de plank speelt altijd mee, niet op de voorgrond, maar toch. Wat als over een jaar de telefoon niet meer gaat met 'Rob, wil je een stuk voor ons schrijven?'. Die gedachte houdt me geregeld bezig. Maar tot nu toe is de telefoon steeds weer gegaan. Ik zit al een paar jaar in een stroom van opdrachten, bijna te veel. Mijn moeder vindt het allemaal geweldig: je kunt maar beter bezig zijn dan duimen zitten draaien, jongen. Tegelijk moet de accu optimaal geladen zijn voor het creatieve proces, en soms dreigt die leger te raken.

"Ik weet dat ik dingen kan, maar soms verbaas ik me erover dat andere mensen dat niet ook kunnen en doen. Als het eenmaal loopt met een compositie, dan komt de muziek vanzelf. Ik ben vaak onzeker, dat is een grondhouding. Ik weet dat er een componist in mij zit, maar die is niet van maandag tot en met vrijdag op afroep beschikbaar. Ik ken de euforie van een goed idee, maar die piek heeft altijd een diep dal naast zich: is dit nu goede muziek die je hebt geschreven? Beetje mager, beetje dit, beetje dat."

Je houdt van het theater, de opera, je bloeit op bij tekstmateriaal en mooie gedichten, liefst uit vervlogen tijden. Is dat de reden van de archaïsche titels bij de delen?

"De titels ontstonden vanuit het eerste deel, daarbij moest ik zo denken aan de melancholieke toon van de cello dat ik 'Melencolia' koos, dat woord komt van een drieluik van Albrecht Dürer. Uiteindelijk paste ik al zijn titels toe. Het esoterische gevoel van het slotdeel ging mooi samen met het beeld Hieronymus tussen zijn boeken: 'Der heilige Hieronymus im Gehäus'. Het tweede deel heb ik geschreven op 'Ritter, Tod und Teufel'."

Wanneer componeer je, de hele dag door?

"In principe ben ik een avondmens. De goede ideeën, plannen waar ik echt enthousiast over ben, komen als het rustig wordt in huis. Op mijn werkplek is het stil, we zijn omringd door velden en hebben geen buren. De echt creatieve arbeid houd ik niet langer dan twee, drie uur vol. De tijd eromheen is altijd verbrokkeld, dan moet die naar school gebracht worden, dan belt die, er is altijd wat. Als ik niet meer vooruitkom, ga ik de tuin in. Die is enorm groot en het is altijd wel ergens een puinhoop. Dan ga ik takken ruimen of met de hond spelen. Opeens weet ik dan: natuurlijk, zo moet het, hoe kon ik twijfelen over die maat?"

Celloconcert Rob Zuidam: 27 oktober in het Muziekgebouw aan 't IJ tijdens de Cello Biënnale Amsterdam; 28 oktober in de Doelen, Rotterdam. Ivan Monighetti speelt de solopartij en het Rotterdams Philharmonisch Orkest staat onder leiding van Joshua Weilerstein.

Rob Zuidam schreef ook het verplichte werk voor de deelnemers aan het Nationaal Cello Concours, gelieerd aan de Biënnale. 'Air' duurt vier minuten en is tijdens de diverse concoursrondes te horen t/m 27 oktober, eveneens aan 't IJ. Info: cellobiennale.nl

In de serie 'De Schepping' vertellen kunstenaars hoe hun werk tot stand komt. Componist Rob Zuidam (1964) kreeg van de Cello Biënnale Amsterdam de opdracht om een celloconcert te schrijven, en maakte een driedelig werk dat in première gebracht wordt door de Russische cellist Ivan Monighetti.

'Ik weet dat in mij een componist zit, maar die is niet van maandag tot en met vrijdag op afroep beschikbaar'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden