'Je moet de wijsheid verdelen'

Rotterdam en cultuur, Coen Schimmelpenninck van der Oije heeft in het begin nog wel eens moeten uitleggen hoe de Maasstad toch voor 2001 tot Culturele Hoofdstad kon worden uitgeroepen. Maar die ongein is al lang over. Rotterdam barst van de cultuur, vindt de dagelijks bestuurder van '2001'.

Haro Hielkema

De secretaris/penningmeester van de stichting die het evenement over twee jaar organiseert, kan het weten, want hij kent het culturele leven in de stad. Rotterdammer van origine is-ie niet, zegt hij, bijna verontschuldigend. Zijn functies geven wel aan hoe zeer hij ermee verbonden is geraakt. In 1985 kwam hij uit Gelderland, waar hij streekarchivaris en museumdirecteur in Zutphen was en later inspecteur voor de archieven bij de provincie.

In Rotterdam werd hij gemeentearchivaris. ,,Een van de overwegingen om hierheen te komen was dat mijn voorgangers zeer actief waren. Hier is men met geluid begonnen. Daarvóór werden ook al affiches verzameld, terwijl nog geen enkele instelling dat systematisch deed. Het archief van Rotterdam had dus een goeie naam, toen ik hier kwam.''

In 1994 werd Schimmelpenninck van der Oije directeur van het Historisch Museum, een jaar later kreeg hij er ad interim dezelfde baan in het Maritiem Museum bij. Tot 1996 combineerde hij die drie functies - ,,maar dat was minder erg dan het leek'' -, daarna droeg hij het gemeentearchief over aan een ander. Bij de musea zou hij de mogelijkheden voor (meer) samenwerking onderzoeken, ook met het archief. Er bloeide zelfs een idee op om voor vier Rotterdamse musea een superdirectoraat te creëren en ook een verbintenis tussen het Rotterdamse Maritiem Museum en het Scheepvaartmuseum in Amsterdam was kortstondig in beeld.

Uiteindelijk ging het feest niet door en Schimmelpenninck van der Oije was er niet rouwig om. In samenwerking zat voordeel genoeg, vond hij. Daar hoefden de musea hun autonomie niet voor op te geven: ,,Je kunt niet ongestraft één directeur door drie instellingen laten delen. In de praktijk ga je daar niets op vooruit. Je moet dan toch een tussenlaag van locatie-directeuren creëren. En dat is weer geld-geld-geld - terwijl ik dat juist zo graag naar de instellingen zie gaan. Het zijn muizen waar je over praat, ook geen olifanten. Het zijn heel behoorlijke instellingen, die ieder hun aandacht verdienen.''

Samenwerking kan ook met goede afspraken worden bereikt, was zijn advies. Daar wordt inmiddels aan gewerkt. Musea en archief zijn druk doende hun bestanden in de computer te zetten. ,,Op die manier weet je wat je in huis hebt, je collega's kunnen snel je inventaris raadplegen en gebruikers hebben gemakkelijk inzage in de collectie. Het is niet meer nodig dat een museum en een archief allebei hetzelfde dure boek aanschaffen.''

Vroeger bestreden musea en archief elkaar soms te vuur en te zwaard (,,Op veilingen bood men vrolijk tegen elkaar op voor een topografische atlas''), nu wordt volgens Schimmelpenninck van der Oije 'de wijsheid verdeeld.' En zelf doet hij daar aan mee: per 1 september wordt hij in het Historisch Museum opgevolgd door Hans Walgenbach, die nu nog leiding geeft van het Centrum Beeldende Kunst in Rotterdam. Hij blijft directeur van het Maritiem Museum (waar de naam Prins Hendrik uit de titel is geschrapt, omdat het briefpapier zo vol raakte) en stort zich daarnaast op de voorbereidingen voor '2001'.

En dat is nodig ook, zegt hij. Ruim een jaar geleden werd Rotterdam aangewezen als Culturele Hoofdstad in 2001 en dat is kort dag. Afgelopen najaar trad Schimmelpenninck van der Oije als bestuurder aan, om de band met de kunst- en cultuurwereld in de stad aan te trekken. ,,Ik realiseerde me dat het werk, naarmate de tijd vordert, steeds drukker zou worden. Dan moet je daar ook voluit in kunnen meedraaien. Het Historisch Museum heeft een grotere organisatie en is ingewikkeld, omdat het verschillende locaties heeft. Omdat in Rotterdam het historische decor ontbreekt, is het ook een stuk moeilijker om je koers te bepalen: wat is nou typisch historisch voor deze stad? Als directeur heb je al je tijd nodig om een goed tentoonstellingsbeleid vorm te geven. Bij het Maritiem Museum is je missie veel helderder.''

Het vertrek uit het Gemeentearchief kostte hem de meeste moeite. ,,Niet alleen omdat het ging verhuizen naar een nieuw pand op de Hofdijk: ik voelde me net Mozes die het beloofde land alleen maar te zien kreeg, maar er niet binnen mocht gaan. Bovendien zit mijn grote liefde in de inhoud van het werk, niet in abstract management. Wat dat betreft geniet ik van het Maritiem Museum, daar ben je met de stad en de haven bezig - dus heel concreet.''

Hij komt niet van Rotterdam, zegt hij nogmaals. Maar de stad fascineert hem. Omdat het een ongewone stad is, zegt hij. Gebombardeerd in de oorlog en daarna compleet veranderd. ,,Dat is niet iets wat je een stad toewenst, zo'n breuk met het verleden. Het betekent dat de cultuur van Rotterdam anders is dan bij de meeste andere steden. Het is niet helemaal toevallig dat er in Rotterdam veel meer ruimte voor experimenten zijn. Het ligt gemakkelijker om dingen te proberen: de ene keer lukt het beter dan de andere keer. Daar moet je ook niet mee zitten.''

Schimmelpenninck van der Oije denkt dat er in Rotterdam meer kan, omdat de stad niet zo aan tradities gebakken zit. En omdat het een havenstad is, waar meer vrijheid is. ,,Alles kon in Rotterdam altijd, alles was welkom. Op cultureel gebied was de stad een alleseter. Dat komt ook omdat men de tijd had gekend - vlak na de oorlog - dat er helemaal niets was.''

Bij de organisatie van het evenement Culturele Hoofdstad zal Rotterdam zeker geen inhaalslag proberen te maken om gaten in het culturele leven te vullen. Er komen ook geen eenmalige spektakels, waarvan het geld als vuurwerk in de lucht oplost en alleen in de herinnering blijft voortleven. ,,Onze inzet is dat Rotterdam er na 2001 ook nog plezier van heeft. In andere steden eindigt zo'n evenement op oudejaarsdag, waarna de bezoekersaantallen in eéé klap met honderdduizenden teruglopen. Wij hebben liever dat je de initiatieven die je neemt, daarna in de stad blijft terugzien.''

Vijftig miljoen is het bedrag om aan '2001' te besteden. In welke richting de activiteiten gaan, wordt dit najaar duidelijk. De nadruk ligt op de jeugd en op de multiculturele aspecten van de stad. 'Rotterdam heeft vele steden', bedacht directeur Bert van Meggelen. De invulling volgt.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden