ColumnJan Beuving

Je kunt stilte niet horen, maar spreken kan zij wel

Trouw had lezers gevraagd de stilte te beschrijven, die door de coronacrisis nu vaker te horen is. Ik vroeg me af of je stilte wel horen kúnt. Het natuurkundige antwoord is vermoedelijk nee.

Stilte is de afwezigheid van geluid. Geluid is het trillen van iets, meestal lucht. Horen is het trommelvlies dat door geluidstrillingen in beweging wordt gebracht. Als er geen geluid is, trilt lucht noch trommelvlies. De stilte kun je dus niet horen. Een onbevredigend antwoord. Want de stilte valt wel op. Als je de radio of televisie aan hebt op de achtergrond, en er is een technisch mankement waardoor het geluid wegvalt, hoor je dat vaak onmiddellijk, ook als je niet aan het luisteren was. Je hoort dus dat het geluid is opgehouden. Maar weer die vraag: hoor je dat?

Als we aannemen dat het geluid in één oneindig kort moment verdwijnt, is het natuurkundig zo dat je eerst iets kon horen, en toen niet. Je kunt dus niet horen dat het geluid er niet meer is.

En toch hoor je het! Zoals vaak is het hier, denk ik, de taal die onzorgvuldiger is dan de waarheid. Preciezer is het te zeggen dat je registreert dat het geluid dat er was, er niet meer is.

‘Ik hoor de stilte’, kun je dus niet zeggen. (Misschien dat stilte daarom soms oorverdovend wordt genoemd.) Maar je kunt wel zeggen: ik hoor niks. Dat is immers iets anders: je zegt niet dat er geen geluid is, maar dat jouw trommelvliezen niets detecteren.

We moeten dus onderscheid maken tussen de absolute stilte (er is geen geluid) en de relatieve of, liever gezegd, menselijke stilte (ik hoor niks). Misschien is het in die menselijke stilte dat je je gedachten beter opmerkt. De stilte kan dan sprekend zijn. Stilte is een mooi woord, dat al begint met st: het maant de uitspreker ervan meteen tot zijn eigen inhoud.

In de literatuur laat de stilte vaak van zich horen. Of het nu Paul Simon is die over de sound of silence zingt, de psalmdichter die ‘De stilte zingt U toe, o Here’ schrijft, of Dylan Thomas die ‘Onder het Melkwoud’ begint met de beschrijving van een slapende stad: ‘[…] de stille straten en het gekromde vrijers- en konijnenwoud hinken onzichtbaar naar de sleezwarte, trage, zwarte, kraaizwarte, sloepdobberende zee.’ (Onverwoestbare vertaling van Hugo Claus.)

Maar je kunt de stilte ook overdrijven, zoals uit het volgende versje blijkt:

Toen de muis de kaas rook had hij toegehapt,
maar de val was ongenadig dichtgeklapt.
Het geluid stierf weg, de muis stierf evenzo.
In de stilte steelt de stilton nu de show.

Bestaat er wel absolute stilte op aarde? Zou er één plek zijn waar je helemaal geen geluid kunt waarnemen? Ik denk het niet. Er zijn altijd nog restanten van de oerknal (die ironisch genoeg op het allereerste moment zelf niet te horen was, omdat er nog niets was om te laten trillen). Misschien kun je op aarde wel een ruimte vacuüm maken en daarbinnen is het dan stil. Maar goed, je kunt vervolgens niet in die ruimte gaan zitten om ernaar te luisteren. 

We zullen het met de menselijke stilte moeten doen en die kan ook indrukwekkend zijn.

Maandag is het 4 mei, en zijn er twee minuten van menselijke stilte. Ik vind het altijd prachtig dat die stilte begint met de acht slagen van de kerkklok. Juist dat geluid accentueert het andere zwijgen. Je hebt het misschien wel nodig. Als je maandag om acht uur het geluid van de televisie uitzet, zou dat heel gek klinken: je zou niet horen dat het stil(ler) geworden was.

Maar de mooiste stilte komt onverwacht. Als je schaatst op natuur-ijs, vechtend tegen de wind die om je oren fluit, zwier je soms links of rechtsaf en heb je ineens de wind in de rug. De suizende koelte die je dan overvalt – wat zou ik die graag weer eens horen.

Lees ook: 

Eerder columns van Jan Beuving

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden