Je bent pionier of je bent het niet

'Grondgebonden' geiten, 'onkruiddruk' en 'ontsmet zaad': speciaal verslaggever Vincent Bijlo leerde een boel nieuwe termen. Samen met fotograaf Rob Huibers trekt Bijlo voor de Verdieping maandelijks naar bijeenkomsten, samenscholingen, verenigingen en partijen. Vandaag: de ecologische Kerstmarkt.

Er vliegen krassende kraaien over het land van biologische boerderij Charlottehoeve in Soest als wij uit onze Saab stappen. Onze duurzame Saab, hij is al veertien jaar oud, en hij stinkt af en toe verschrikkelijk. Hij is slecht voor het milieu, maar we zijn erg aan hem gehecht, we hebben al zoveel met hem meegemaakt. Bovendien hebben wij, jaren geleden al, besloten om in ruil voor het mogen rijden in die stinkwagen zoveel mogelijk biologisch verantwoorde producten te kopen.

Er is vandaag een biologische kerstmarkt op de Charlottehoeve. Het is gezellig weer: wind en regen. Bing Crosby zingt, begeleid door de kraaien. Maar een witte kerst, die zit er dit jaar niet in, misschien krijgen we die wel nooit meer, als wij zo met de aarde blijven omgaan als we nu doen.

In de stal is het lekker warm. Het ruikt er naar koeien, eerlijke melkkoeien, die hier vroeger op het stro stonden, en naar erwtensoep, appeltaart en chocolademelk. Je kunt hier lieve dingen doen. Engeltjes maken van watten bijvoorbeeld. Of figuurtjes maken voor in de boom, van brooddeeg, of eco-sjoelen met een biologische sjoelbak. Net als ik plaats wil nemen in de levende kerststal komt boer Toon op ons af. Hij is de eigenaar van de Charlottehoeve. Hij neemt ons mee naar zijn kantoor, even weg uit de herrie, straks, na ons gesprek, mag ik even in de kerststal zitten en engeltjes maken en sjoelen.

Toon is, zo blijkt al snel, een pionier. Als kind al wist hij het, ik word boer. Het duurde een tijd voordat het daarvan kwam. Maar in 1987 was het dan zover, hij kocht de Charlottehoeve, in eerste instantie nog zonder grond. Hij begon met het houden van geiten, die zijn namelijk niet 'grondgebonden'. Ik leer een boel nieuwe termen vandaag, zoals 'gangbaren', 'onkruiddruk', 'witrik' en 'ontsmet zaad'. Ik ben niet zo goed ingevoerd in het boerenbedrijf. Ik ben geen echte leek, zoals het jongetje dat we laatst te logeren hadden, dat dacht dat Big Macs aan de boom groeien. Ik weet er wel iets van, ik weet dat melk uit een koe komt, dat je brood bakt van graan, maar het echte jargon is mij vreemd. Maar boer Toon licht graag voor, daar is hij tenslotte voor. Hij is er, zegt hij, om de mensen te informeren over de landbouw en de veeteelt, de biologische landbouw en veeteelt, niet de gangbare. 'Gangbaar' is alles wat niet biologisch is.

Maar die geiten waar hij mee begon, die zijn dus niet grondgebonden. Je dondert ergens wat hooi en stro neer, en dan is de geit al tevreden. Maar Toon wilde meer, geiten zijn tenslotte een beetje saai. Wel lekker eigenwijs, wel lekker humeurig, maar hij wilde runderen, die kunnen tegen een stootje, daar kun je meer mee doen. Na drie jaar geiten begon hij met melkkoeien, en toen begon ook langzaam zijn grote ideaal vorm te krijgen. Hij wilde een volledig zelfvoorzienende boerderij. Hij ging zijn eigen voedergewassen voor de koeien verbouwen, maïs en bieten en triticale, een prachtig gewas, een kruising tussen tarwe en rogge die weinig onkruiddruk heeft, omdat het gewas snel kiemt, vlot en groeit. Het is bovendien ideaal voor stro, het heeft een aarhoogte van 1 meter 20.

Maar helaas, het ging mis.

Buiten krassen de kraaien vals ,,O dennenboom.''

,,Het komt door hun,'' zegt Toon. Hij zucht. Ik begrijp hem niet. ,,Ik gebruikte niet-ontsmet zaad,'' zegt hij, ,,dat hadden ze door. Niet meteen hoor, het eerste jaar ging alles erg goed. Maar het tweede jaar begonnen ze het in de gaten te krijgen en het derde jaar zag het hier zwart van de kraaien, die alles opaten.''

Toon ziet dat ik hem niet begrijp. ,,De gangbaren,'' zegt hij, ,,gebruiken ontsmet zaad. Dat is giftig, en dat weten kraaien, die eten dat niet.''

Wat een verstandige beesten, waren wij mensen maar zover. Toch zijn het de kraaien geweest die Toon hebben genoodzaakt een andere weg in te slaan. Ze zijn beschermd, je mag ze niet vangen of doden, er is geen vraag naar, niemand eet kraai, zelfs niet met kerst. Maar ja, je bent pionier of je bent het niet, Toon ging door. Hij stopte met het verbouwen van maïs en triticale. De bieten bleef hij wel verbouwen, kraaien hebben een enorme hekel aan bieten. Voortaan betrok hij zijn voedergewassen van biologische boeren uit de polder, daar kunnen ze wel niet-ontsmet zaad gebruiken, in de polder wonen stukken minder kraaien. Hij begon een kaasmakerij, bouwde een eco-supermarkt op zijn terrein, ging kippen doen en alles ging goed, tot het noodlot opnieuw toesloeg, in de vorm van de mkz, de mond- en klauwzeer. Op zijn bedrijf kwamen geen ziektegevallen voor, en aanvankelijk leek het of de epidemie de omslag in het denken van de consument over duurzame landbouw zou zijn. Opeens ontstond er een enorme vraag naar ecologische producten. Het aanbod nam toe, nam snel toe. Te snel, zo bleek. Het geheugen van de consument is kort. Al gauw, na de epidemie, was alles weer bij het oude, en kocht iedereen zijn producten weer bij ,,de gangbaren.'' Er ontstond een enorm overschot aan ecologische producten, Toon moest zijn kaasmakerij sluiten, en onlangs heeft hij zelfs het pijnlijke besluit moeten nemen om zijn melkkoeien de deur uit te doen.

Maar ja, je bent pionier of je bent het niet. Hij blijft opgewekt, zijn winkel draait goed, dankzij zijn vrouw, die draait ook heel goed, 's zomers hebben ze een groot terras, waar alles wat je er kan bestellen biologisch geteeld is, hij heeft een kinderboerderij, en de kippen zijn gebleven. Hij is begonnen met een museum van oude werktuigen en met een fokkerij voor zeldzame koeienrassen, Witriks, Lakervelders en Roodbrande runderen. Hij ziet zichzelf als een marketeer, een propagandist van het goede, het zuivere, als iemand die handelt met respect voor plant en dier. Zeker niet als een geitenwollensokkenman, maar als iemand die zich bewust is dat het zo niet langer kan.

We lopen naar de winkel, we kopen kaas, oude, nog van de eigen kaasmakerij. We kopen een kerststol, verse paksoi, ecobiefstuk, kerstkransjes van Het Molenaartje en echte melk. Het is niet goedkoop maar het is duurzaam, en de smaak is echt beter. Dat zit niet tussen mijn oren, dat is gewoon zo.

We sjoelen nog wat, maken een engeltje. Dat van mij lijkt meer op een reuzenwattenstaaf, je zou er goed de oren van een Lakervelder mee schoon kunnen maken. Ik neem nog even plaats in de kerststal, maar ik ontdek al gauw dat de rol van kindeke niet op mijn lijf geschreven is. We drinken een kopje Max Havelaarchocolademelk en spreken met een duurzame Roemeen. Hij maakt zich zorgen over de toetreding van zijn land tot de EU, omdat hij denkt dat de landbouw bij hem net zo gangbaar zal worden als hier. Hij loopt stage in Nederland, om het ecologisch boeren onder de knie te krijgen. Ik wens hem succes, en hoop dat de Roemeense kraaien hem met rust zullen laten. Dan rijden we in de stinkSaab naar huis. We zijn op de goede weg, we zijn eco-okee. We zetten dit jaar de kerstboom na gebruik binnenshuis terug in de tuin, spreken we af, dan kunnen we hem volgend jaar weer gebruiken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden