Je bent jong en je wilt helemaal niks

Er zijn al vele vermanende en boze woorden aan gewijd: musici, dirigenten, concertgebouwdirecties en gedisciplineerde bezoekers worden helemaal kriebelig van de hoestmaarraakmentaliteit van sommige concertgangers. Het wordt tijd dat ook theatermakers en schouwburgdirecteuren eens hun tanden laten zien. Want veel toneelbezoekers zijn geen haar beter.

De voorbeelden van onbeschaafd - nee, laat ik er geen doekjes om winden: onbeschoft - gedrag zijn legio. Een willekeurige greep. Eind jaren tachtig, Amsterdam, het Publiekstheater speelt 'Hamlet' onder regie van Gerardjan Rijnders. Als eenvoudig bezoeker zou je denken: de Stadsschouwburg plus een publieksfavoriet als dit Shakespeare-stuk plus een topbezetting (Hans Croiset, Petra Laseur, Pierre Bokma) plus een enscenering van de man die beschouwd wordt als de enige die het theater aan het Leidseplein zijn opwinding terug kan geven - die optelsom verdient toch op z'n minst welwillende aandacht. Dom dom. Het publiek dat op volle sterkte voor de premiere is uitgerukt, heeft geen boodschap aan de basisregels van fatsoen en blaft de voorstelling aan flarden. Als niet-hoester voel ik na afloop mee met de regisseur die, met trillende handen een shagje draaiend, zich laat ontvallen dat hij voorts van mening is dat het publiek moet worden afgeschaft.

Een paar jaar later, Den Haag. Het Nationale Toneel speelt de premiere van 'Hebriana', het nieuwste stuk van Lars Noren. Opnieuw staan er voortreffelijke acteurs op het podium (Guido de Moor, Hans Croiset, Anne-Wil Blankers, Josee Ruiter, Wil van Kralingen), die het Koninklijke Schouwburg-publiek een hoge school-voorstelling bieden. Weet dat publiek die inspanningen te waarderen? Welnee, dat publiek heeft het te druk met ritselen, knisperen, en hoesten, natuurlijk. Getergd maant een bezoekster, zelf actrice, haar medebezoekers tijdens een decorwisseling: 'En als we nu eens allemaal even uithoesten...'. Honend gemompel valt haar ten deel, een enkeling hoort in haar woorden zelfs een aansporing om de kuch nog eens extra volumineus een weg naar buiten te gunnen.

Wat bezielt die mensen? We kunnen - het is al eerder geschreven - ter verklaring natuurlijk wijzen op het hectische hedendaagse bestaan, waarin mensen doorhollen van drukke baan naar snelle hap naar theater om, eenmaal gezeten, met de gevolgen in hun maag te zitten. Maar dat kan nooit een excuus zijn voor de ergernis die ze veroorzaken. En toch, ondanks mijn woede jegens dat soort volk en mededogen met de uitvoerenden, geloofde ik tot voor kort dat een zachtaardig appel aan het schaamtegevoel van de rustverstoorders zijn effect niet zou missen. De verse kaakslag die de muziekredacteur van deze krant de eerstvolgende hoester (m/v) in het vooruitzicht stelde, vond ik wel erg krachtdadig. Maar zelfs de redelijkheid van een op harmonie ingesteld mens, vrouw bovendien, kent grenzen. En die werden onlangs in de Amsterdamse Brakke Grond haarscherp gemarkeerd tijdens 'Thyestes', de door de 64-jarige Dora van der Groen geregisseerde voorstelling bij Het Zuidelijk Toneel.

Omdat het hier ging om een heuse theaterhit, die vrijwel overal in het land volle zalen trok, had ik mij ver vantevoren verzekerd van twee kaartjes. Geen overbodige luxe, de vijf voorstellingen in Amsterdam waren geheel uitverkocht en al vanaf vijf uur 's middags zaten mensen met volgnummertjes te hopen op een niet afgehaalde kaart. Het was, kortom, een voorrecht, er deze avond bij te mogen horen. Veel bekende theatergezichten in de zaal, de Amsterdamse scene was te hoop gelopen voor deze voorstelling, die was omschreven als een 'fascinerende koortsdroom' (Trouw), in de regie van 'een dwarse meid' (elders). Achter ons werd een hele rij in beslag genomen door jonge mensen, zo rond de twintig. Leuk, dachten wij, hoe meer jeugdig publiek hoe beter.

Dom dom. Je bent jong en je wilt helemaal niks! Je wilt hoogstens zitten klieren, zacht giechelen, heen en weer schuiven, niet ter zake doend commentaar geven op wat de acteurs op de toneelvloer tot stand proberen te brengen. Het was om razend van te worden, dus dat werden we dan ook maar. Het haalde bitter weinig uit, waardoor ik de voorstelling het laatste half uur met een rood waas voor de ogen heb bekeken. 'Als jullie hier niet aan toe zijn, ga dan naar een Disney-film', spuwden wij onze gal na afloop. 'We moesten van school', verdedigde de jeugd zich. Alweer een idealistische leraar die meent jongeren cultureel te moeten opvoeden, dachten wij, en informeerden naar het type school. Het antwoord was verbijsterend: de theateropleiding van De Nieuw Amsterdam, de multi-culturele groep van Rufus Collins. Weer bij zinnen vroegen wij ons af hoe deze toneelspelers-in-spe dachten ooit het acteren onder de knie te krijgen. Ze konden zich niet eens negentig minuten lang concentreren, maar hadden wel een vak gekozen waarbij concentratie van essentieel belang is.

En dan praten we nog niet eens over collegialiteit jegens de spelers van Het Zuidelijk Toneel. In de wandelgangen namen een paar jongeren wraak: 'Ach, die mensen begrijpen ons niet. Die zijn niet jong meer.' Dat klopt, wij zijn volwassen en houden rekening met anderen. En heel volwassen pleiten wij ervoor dat elke bezoeker voor het betreden van de zaal te horen krijgt: wie tijdens de voorstelling op welke manier ook het luisteren kijkplezier van anderen verstoort, kan na afloop rekenen op een forse hindertoeslag. De maat is vol! Actie!

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden