jazz

Nog in Middelburg (Kloveniersdoelen, 24-1), Amsterdam (Stedelijk Museum, 22-2), Arnhem (Gemeentemuseum, 16-3) en Amersfoort (Lieve Vrouwe, 21-3). De VPRO maakte opnamen voor uitzending op een later te bepalen tijdstip. In december volgt een voortzetting van dit bluesproject met nieuwe bluescomposities van onder meer Willem Breuker, Franky Douglas, Ig Henneman en Maarten van Norden.

KEES POLLING

Op deze vragen poogde Marcel Worms in zijn programma 'Blues voor piano - van W. C. Handy tot Andriessen en Mengelberg' een antwoord te geven. Op zich lijkt bluesmuziek niet zo moeilijk. Ze is direct herkenbaar aan het basis-akkoordenschema van twaalf maten en de geladen, emotionele sfeer. Over het algemeen speelt de blues een essentiële rol in jazz- en geïmproviseerde muziek. Er wordt wel gesteld dat iemand die niet 'de blues heeft', eigenlijk geen jazz kan spelen; zo belangrijk is deze rond 1880 door zwarte slaven in de Verenigde Staten ontwikkelde muziek.

Afstandelijk

Tijdens de première van het programma, zaterdag in het Amsterdamse BIM-huis, liet Worms horen een meer dan begenadigd pianist te zijn, maar tevens dat hij toch niet echt de blues heeft. Het kan aan de gespeelde stukken (waaronder een flink aantal speciaal voor hem door een aantal Nederlandse componisten geschreven bluesjes) gelegen hebben, maar waarschijnlijker is dat juist zijn afstandelijke, academische aanpak afbreuk deed aan de ware, rauwe bluesfeeling. Waarom het concert in het BIM-huis plaatshad - overigens voor een barstensvolle zaal - was dan ook een raadsel. Aan het begin van het concert mochten mensen alleen de zaal in of uit tijdens het applaus. De concentratie van de pianist mocht eens verstoord worden. In De IJsbreker had het concert niet misstaan - en was de muziek waarschijnlijk ook beter overgekomen.

Natuurlijk waren er ook momenten, waarop er zeker wel het een en ander te genieten was. Helaas moesten we daarvoor wachten tot na de pauze. In de eerste helft behoorden Maurice Horsthuis' bewerking van zijn in 1984 geschreven 'Kamermuziek' (met een fijne Satie-achtige verstildheid) en Chiel Meyerings speciaal voor Worms geschreven, met wild door de pianist geschreeuwde krachttermen doorspekte 'Chiel de la Tourette Syndrome' tot de hoogtepunten. Later waren dat Louis Andriessens' voor de linkerhand geschreven 'Base' en Guus Janssens 'Blauwbrug' - het prototype van wat een blues in de 'kunstmuziek' zou kunnen zijn. De leukste bijdrage was Misha Mengelbergs vrolijke 'Wat Volgt'.

Maar of deze stukken nou 'de blues hadden'? Niet vergeleken bij oude blueswerkjes van cracks als Jimmy Yancey, W. C. Handy, Charlie Parker en Art Tatum. Zelfs Conlon Nancarrows in 1935 gecomponeerde 'Blues' had meer 'blues' dan die van de Nederlanders.

Overigens toonde het publiek zich het meest enthousiast voor het door Huub van der Lubbe van de popgroep De Dijk gecomponeerde en gezongen nummer 'Juli lijkt verdomme wel april'. Dat het stuk muzikaal erg weinig met de blues te maken had, mocht niet deren; inhoudelijk had het lied daar alles mee te maken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden