jazz

GRONINGEN - Jazz en dansen gaan zelden samen, maar fietsen en jazzmuziek is een uitstekend Nederlands alternatief. Het valt te leren tijdens de ZomerJazzFietstour, die zaterdag voor de negende keer door de Groninger weilanden slingerde.

Geen patat en plastic stoeltjes in een bedompte zaal, maar de frisse geur van gras en koeievlaai na een verfrissend buitje. Weidse wolkenluchten over de polders, slingerweggetjes die eindigen bij tussen bomen verscholen kerkjes op een vergeten terp.

En dan temidden van een rommelmarkt ineens de aanstekelijke kaseko van 'de heer' Carlo Jones (60-plus), die met zijn brassband Surinam Troubadours de buitenmuur van de kerk in Niehove als decor heeft gekozen. Harmonieuze latin-riffs tegen een soepelbewerkte skratji (basdrum op z'n kant); het gele koper schittert tegen het gras. Als de kerkklok vals door de feestmuziek begint te luiden, is dat voor Jones aanleiding om een stijlvolle spiritual in te zetten. Een nieuwe ploeg fietsers arriveert, anderen happen al in een sappige 'Niehoofster gehakbal' om kracht op te doen voor de volgende rit.

De 40 kilometer lange tour voerde dit jaar langs twaalf (volle) middeleeuwse kerkjes even ten Oosten van Groningen-stad, waar de plaatselijke culturele verenigingen klaar stonden met koffie en soep. Veel van de rond zevenhonderd fietsers leken weinig kaas te hebben gegeten van jazz, laat staan van de geïmproviseerde muziek die de hoofdmoot vormde. “We trekken geen typisch jazzpubliek, maar willen toch een grensverleggend programma blijven bieden”, had organisator Marcel Roelofs tevoren al verkondigd.

Grensverleggend waren tien van de veertien groepen zeker, zij het niet altijd in positieve zin. De nieuwe groep van altviolist Maurice Horsthuis klonk voor de pauze in Adorp als een vakantieworkshop, waarin zelfs trompettist Wouter van Bemmel, rietblazer/podiumprijswinnaar Jorrit Dijkstra en het cymbalom van Bokkie Vink (Tata Mirando) verzopen.

Wie er de vaart inzette, kon maar liefst vier bekende stem-improvisatoren bezig horen. In Oostum gorgelde, snoof, jankte en bromde de Engelse stemkunstenaar Phil Minton begeleid door cello en slagwerk zo geconcentreerd en overtuigd, dat het verbaasde publiek zich zowaar liet meeslepen in een hoorspelachtig, woordeloos geluidssprookje waaraan niet te ontsnappen viel. In de prachtige Cisterciënzerkerk in Aduard wist Jodi Gilbert met zoetgevooisde, modern-klassiek klinkende improvisaties op onverstaanbare gedichten geen energie over te brengen, en Michael Moore (klarinet) mocht van haar niet echt opstijgen. Vocalist Jaap Blonk was helaas net uitgezongen toen we op de terp in Franssum arriveerden, wat tegen het eind van de rit werd goedgemaakt door een wel zeer ongewone combinatie in de kerk van Garnwerd: Greetje Bijma (zang), Allan Laurillard (saxen en synthesizer) en Klaas Hoek (kerkorgel). Hoek liet horen wat een klein barokorgel zoal vermag als het gaat om suizende balgen en klapwiekende kleppen. De bomvolle kerk hing aan de lippen van Bijma, die slechts bij vlagen iets van haar duizelingwekkende kunnen liet horen. Jazz, madrigalen, exuberante kippevel-aria's, ze kan álles.

Trombonist Johannes Bauer werkte zich met dolle capriolen in Den Ham in het zweet. In Feerwerd kwamen we zijn rode hoofd nog eens tegen, ditmaal onvoorbereid improviserend met de bekende Engelse bassist Barry Guy, die precies bleek te begrijpen wat Bauer bedoelde. En er was de even virtuoze als mobiele cellosolo van Ernst Reijseger in Oldehove. Tijdens een strijkkwartet van Ig Henneman raakte hij in de kerk verdwaald. De galm van de door hem eigenhandig dichtgetrapte kerkdeur bracht het rozige publiek weer geheel bij de les.

Het kan eigenlijk niet beter. Je geniet van het landschap en het (dit jaar gelukkig doorgaans droge) weer, krijgt via het festivalboekje een inleiding in het ontstaan van de dorpen en kerkjes ten oosten van Groningen-stad, en maakt daar kennis met de meest uiteenlopende muziek precies zo lang je er zin in hebt. Zelfs een Gronings echtpaar dat liever naar Pim Jacobs luistert, bezat na afloop in de festivaltent in Garnwerd 'happy new ears'.

Nadat de nasi rames was uitverkocht, breide saxofonist Sean Bergin er een eind aan met zijn trio San Francisco en het workshop-orkest Moeniewarrinie. Die Zuidafrikaanse term betekent 'geen kopzorgen' en is, behalve de zadelpijn, volledig van toepassing op het origineelste jazzfestival van Nederland.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden