Jarryd doet in zijn eentje goede zaken

ROTTERDAM - Ieder evenement krijgt de winnaar die het verdient. Dus won Anders Jarryd, de reeds afgeschreven 31-jarige Zweedse dubbelspelspecialist en nummer 156 van de wereld, de twintigste editie van het tennistoernooi van Rotterdam.

De naam van Jarryd kwam niet voor op de lange lijst met favorieten voor de eindzege in Ahoy'. De Scandinavier had zich een reisje Rotterdam kunnen besparen, wanneer toernooi-directeur Wim Buitendijk hem geen wild card had gegeven. Gezien Jarryds verleden in de Maasstad (tweemaal was hij verliezend finalist) gunde Buitendijk hem dat buitenkansje wel. De Zweed bleek tot een wederdienst bereid, maar of de toernooi-baas daar zo blij mee was? Op weg naar de finale versloeg Jarryd een lokale favoriet (Paul Haarhuis) en drie geplaatste spelers: Wayne Ferreira, Goran Ivanisevic en Alexander Volkow.

Eenmaal zo dicht gevorderd bij zijn eerste titel in drie jaar liet Jarryd zich ook in de eindstrijd niet verrassen door Karel Novacek, de nummer negentien van de wereld en als zevende geplaatst. Wat de Tsjech ook deed, hij werd voortdurend afgetroefd door Jarryd, die indruk maakte met zijn service-returns. "Ik serveerde op zijn fore-hand, op zijn backhand, op zijn lichaam, hard, zacht, maar steeds sloeg hij een voortreffelijke return" , zei Novacek, die in de tweede set zelfs een buiging voor zijn opponent maakte. Die verdiende Jarryd, net als de winst (6-3, 7-5), de cheque (82 000 dollar) en de punten voor de mondiale ranglijst (280).

Tussen 1982 en 1986 schreef Jarryd zes toernooien op zijn naam, met als uitschieter de winst in de WCT-finales in Dallas op Boris Becker. De afgelopen zeven jaar werd hij volledig in beslag genomen door zijn dubbelspel-besognes. Eerst met zijn landgenoot Stefan Edberg en later met de Australier John Fitzgerald groeide hij uit tot de beste partner die iedereen zich maar kon wensen. Zijn dubbel-kwaliteiten onderstreepte hij gisteren nog eens ten overvloede in Rotterdam. Na zijn winst op Novacek greep Jarryd samen met zijn Davis Cup-maatje Henrik Holm ook de dubbeltitel.

In zijn bloei-periode als dubbelaar scoorde hij slechts af en toe incidentele succesjes in het enkelspel. Zoals in het najaar van 1990 toen hij won in Wenen en zoals exact een jaar geleden toen hij de finale haalde in Kopenhagen. Maar voor de rest hield het niet over als Jarryd, uit wiens ogen een vreemd soort verbazing straalt, zonder partner op de baan stond. Voor het eerst sinds 1980 duikelde de in Londen woonachtige Zweed vorig jaar zelfs uit de top honderd van de wereldranglijst. En dat was niet verwonderlijk. In 1990 speelde Jarryd maar 29 singles, waarvan hij er elf won. Ter vergelijking: Novacek speelde er 68 en won er 42.

Dit jaar besloot Jarryd een laatste serieuze poging te doen om in het enkelspel nog enige furore te maken. Met zijn eerste de beste partij, haalde hij direct de wereldpers. Op Flinders Park in Melbourne beroofde hij het eerste Grand Slam van het jaar van Becker, op dat moment de hottest player in het circuit. Die stunt, die Jarryd moest bekopen met een kuitbeen-blessure, leek een succesje voor een dag, want aansluitend verloor hij zowel in Dubai (van Javier Sanchez) als in Stuttgart (van Cedric Pioline) alweer in de eerste ronde. Tot de dobbelsteen in Rotterdam plotseling wel met zes stippen omhoog kwam te liggen.

"Deze titel betekent erg veel voor mij" , erkende Jarryd na zijn 'droomweek' in de Maasstad. "De overwinning op Becker was al een eerste signaal dat ik terug kon komen als enkelspeler. Hier heb ik bewezen dat ik op deze ondergrond (Supreme Court) alle toppers kan verslaan. Twee keer had ik hier in de finale verloren, nu moest ik bewijzen dat ik in Rotterdam kon winnen. Ik ben erg blij dat dat is gelukt." In de komende maanden richt Jarryd zijn blik niet alleen op het dubbelspel. Volgende week wil hij weer in zijn eentje goede zaken doen in Kopenhagen. "Dat wordt zwaar. De week na een overwinning is altijd een moeilijke week."

In de halve eindstrijd behoedde Karel Novacek toernooi-baas Buitendijk voor een finale tussen twee spelers die niet tot de top honderd van de wereld behoorden. De Tsjech, regerend kampioen van het Melkhuisje, stopte in twee sets de opmars van de Italiaan Diego Nargiso, die dit jaar nog niet een partij winnend had afgesloten en in Ahoy' terug werd verwezen naar het kwalificatie-toernooi! Met het bereiken van de laatste vier benadrukte de nummer 107 van de wereld nog eens hoezeer de zaken in Rotterdam de afgelopen week op zijn kop waren gezet. De outsiders profiteerden gretig van de grillen van de heren vedetten.

In Rotterdam ging alles mis wat er mis kon gaan. Zoals in 1990 op het Melkhuisje, toen de Hilversumse toernooi-baas Piet van Eijsden trots aankondigde dat zijn evenement nog nooit zo sterk was bezet. Met drie spelers uit de top tien (Andrez Gomez, Emilio Sanchez en Martin Jaite) en andere trekkers als Henri Leconte en Jim Courier (!). Helaas. Gomez, Leconte en Courier trokken zich terug, de overige favorieten verloren roemloos en de finale ging tussen de lucky loser Francisco Clavet en de qualifier Eduardo Masso. NB: winnaar Clavet stond toen wel hoger op de wereldranglijst dan Jarryd nu.

Uiteraard realiseerde Buitendijk zich dat de twintigste editie van het toernooi niet die Oscar verdiende, waarvoor het een week terug nog in aanmerking kwam. De afmelding van Becker en Ivan Lendl en de matige prestaties van de Nederlanders en in het bijzonder Richard Krajicek waren hem koud op het dak gevallen. "De aanwezigheid van toppers geeft status aan het toernooi" , erkende Buitendijk, "maar hun aanwezigheid biedt geen garantie voor een sportief goed toernooi. Ik heb deze week mooie partijen gezien, maar de mensen zien liever een slechte partij van Becker dan een goede van Jarryd."

Buitendijk verwonderde zich er over dat hij in de drukke wandelgangen steeds weer had gehoord dat 'het altijd wel iets was met die toppers'. "Als ik dan vroeg: wanneer dan, dan kon niemand mij dat zeggen" , zei de Oud-Beijerlander. "In 1983 hebben we hier de afzeggingen gehad van Bjorn Borg en Jimmy Connors. Maar in andere jaren hebben we geen problemen gehad." Het optreden van Krajicek stemde Buitendijk droevig. "Krajicek was een van mijn vier toppers en als die zo roemloos verdwijnt is dat jammer."

De toernooi-directeur betreurde het dat de Nederlandse tennissers 'Rotterdam' niet als het podium beschouwden om iets moois te laten zien. "Afgezien van Tom Okker in het begin hebben we het twintig jaar lang niet van de Nederlanders moeten hebben, omdat ze er niet waren" , meende Buitendijk. "Nu zijn ze er wel en maken ze het niet waar. Als zij zeggen dat Rotterdam voor hen gewoon een van de dertig toernooien is, betreur ik dat. Als ik bondscoach was zou ik dat ook jammer vinden, maar ik denk dat Stanley Franker geen enkele invloed op hen heeft. En als ze hier niet willen spelen, komen ze maar niet. Ik zet ze heus niet het mes op de strot om naar Rotterdam te komen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden