Jannes van der Wal 1956-1996

“Nou ja, ik ben geboren en daar heb ik zelf niet aan meegewerkt. Of misschien wel. Na die geboorte keek ik om me heen en trof daar voedsel. Dat vond ik wel interessant.”

ROB VELTHUIS

Zes jaar na die gedenkwaardige dag was Jannes van der Wal al verslingerd aan puzzels en cryptogrammen; als elfjarige stortte hij zich vol overgave op dammen, de sport waarmee hij - in combinatie met zijn kleurrijke persoonlijkheid - grote bekendheid verwierf. De Fries werd bij verrassing in 1982 wereldkampioen en presenteerde zich aan het publiek als een warrige, wereldvreemde figuur. En dan ben je al snel bekende Nederlander. Was het scherts of was Jannes van der Wal gewoon gek? Het is nooit helemaal duidelijk geworden, wel staat vast dat hij een begaafd dammer was. Mits bevlogen en daar schortte het soms aan.

Van der Wal vond het wel best, als men hem een gek noemde. Een groter compliment, zei hij eens in een interview, kon hij zich niet indenken. “Het betekent namelijk dat men mij niet begrijpt. En een wereldkampioen denksporten moet dingen doen die een ander niet begrijpt.”

Vier maal veroverde Jannes van der Wal de Nederlandse damtitel, toen hij in 1982 in Sao Paulo wereldkampioen werd had hij de wind mee. Natuurlijk, zelf was de Nederlander in grootse vorm, maar de sterke Sovjet-dammers mochten Brazilië niet in, ze hadden geen visum gekregen. En zouden Van der Wal daarom nooit erkennen als de mondiale titelhouder.

Het grote publiek zag hem als het 25-jarige wonderkind dat in een weekblad stond afgebeeld, met het onschuldige gezicht gevleid tegen de blote, welgevormde borsten van een Braziliaanse nachtclub-danseres. Een foto die collega Harm Wiersma voor goed geld had verkocht. Mies Bouwman haalde Van der Wal in haar show, en vroeg als eerste hoe oud hij was. Jannes verzonk in gepeins; Mies kreeg hem niet meer aan de praat. Verkeerde opening.

In een ander programma moest hij te lang naar zijn zin wachten tot hij ondervraagd werd. “Sorry, nu moet ik pissen”, sprak de dammer toen het eindelijk zover was, en spoedde zich naar het toilet. In 1986 was hij voorpagina-nieuws toen hij - na een doorwaakte nacht in de kroeg - op weg naar het NK in de trein in slaap was gevallen. Zoals hij zich tijdens het WK van '90 voor een partij afmeldde wegens “de ziekte van Heineken”.

Een ongekamde haardos boven driedelig grijs. Dat was wel passend voor de speler die óók serieus kon zijn. Bij de terugkeer van damgrootheid Ton Sijbrands in 1988 merkte hij op: “Ik zal heel wat moeten ondernemen om de populairste dammer te blijven, me verslapen in de trein is nu geen voorpagina-nieuws meer.”

Zijn damcarrière zou toen nog vier jaar voortduren, ofschoon hij door twijfels werd gekweld. Vlak na zijn wereldtitel dat hij het eigenlijk al gezien. “Het is eigenlijk een kinderspel”, zei hij. Het kon hem niets nieuws meer bieden. Hij stond bekend om zijn fanatieke werklust, zijn toewijding. In zijn kamer in een bouwvallig pand in Groningen stond slechts een piano en een dambord. Hij leefde van wat hem kwam aanwaaien; zijn nachtleven in combinatie met de damstudie slokte hem vrijwel geheel op. Jannes van der Wal stond bekend als een wild aanvallende speler, die voortdurend op zoek was naar vernieuwing. Zelfs door deskundigen reeds lang weerlegde stellingen onderwierp hij aan nieuw onderzoek. Tot hij inderdaad van het spel “alles wist”, en zich in 1992 aan schaken en bridge ging wijden.

Binnen het dammen voelde hij zich in zekere zin miskend. Hij mocht dan de pias uithangen, hij maakte zich zorgen over de teloorgang van het spel. In 1990 stelde hij dat het dammen “ten dode is opgeschreven” wegens de vele remises. Van der Wal was van mening dat een jury aan het einde van een partij het voordeel in punten zou moeten uitdrukken. Of desnoods het aantal schijven tellen. Want elke topdammer kon in zijn ogen remise schuiven, als hij dat wil. Dat bewees hij bijna als wereldkampioen.

Zijn naam als clown was na Sao Paulo gevestigd, maar als dammer eindigde hij tijdens het eerst volgende NK als laatste. Dat stak. Om zijn wereldtitel te prolongeren had hij aan een gelijke stand na twintig partijen genoeg. Hij stapte af van zijn aanvallend geloof en trok voor Harm Wiersma een hechte muur op. “Elke remise is winst voor mij.” Dat werd hem niet in dank afgenomen. Pas tijdens de veertiende partij werd hij verslagen. Van der Wal: “Veel remises? Natuurlijk. Wiersma en ik zijn de beste spelers ter wereld. Wij spelen vlekkeloos, dus wordt het remise.” Dat was het grote probleem dat Jannes van der Wal in zijn leven met dammen had.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden