Jan Weissenbruch

Stefan Kuiper en Auke Hulst reizen door Nederland en België op zoek naar plekken die kunstenaars afbeeldden op hun meesterwerken. Aflevering 2: Jan Weissenbruch, Aan de lek bij Elshout.

Niets is frustrerender voor een schilder dan een schilderend familielid - of het moet een talentvol schilderend familielid zijn. De situatie is bekend: je ploetert je je hele leven suf om nooit verder te komen dan de Jordi Cruijf van de beeldende kunst. Toch heeft dit familieleden van beroemde kunstenaars er nooit van weerhouden hun geluk te beproeven; de depots en familiezolders barsten van de oeuvres van zonen, dochters, broers en zussen-van: Dirck Hals, Pieter Bruegel de Jonge, Gesina ter Borch en Beint Mankes - ach, Beint Mankes. Zij werkten en glorieerden - maar altijd in de schaduw van een succesvol familielid. Niet hun talent, maar hun naam was hun tragiek.

Aardige testcasus: Jan Weissenbruch (1822-1880), de negentiende eeuwse landschapschilder. Er is weinig over hem bekend, en wat bekend is, is niet bijzonder spectaculair. Zoon van een bediende. Opgeleid door Antonie Waldorp en S.L. Verveer - wie dat ook mogen zijn geweest. Het liefst trok Jan Weissenbruch erop uit met zijn kunstmaat, Cornelis Springer, plaatsjes bezoeken langs de Lek, schilderen: Wageningen, Wijk bij Duurstede, Vreeswijk, Vianen, Schoonhoven. Hij kreeg medailles en werd officier in de orde van de Eikenkroon. De laatste jaren van zijn leven leed hij aan pleinvrees.

Dat zijn roem snel daalde, had echter een andere reden: namelijk zijn twee jaar jongere neef, Jan Hendrik Weissenbruch, ook schilder, talentvol bovendien; wat heet: de meest veelzijdige en begaafde van alle Haagse Scholers. Jan en Jan Hendrik werden altijd met elkaar vergeleken, en altijd trok Jan aan het kortste eind. De eminente kunsthistoricus Jos de Gruyter noemde hem misprijzend een 'mooi weerschilder' wiens 'schoonschrift' geen partij was voor het 'temperamentvol karakterschrift' van zijn neef. De verdeling was duidelijk: wilde je een vrolijk schildersbeest dan ging je naar Hendrik; zocht je een suffe dradenteller dan nam je Jan.

Hoe onterecht die reputatie is, zie je aan een schilderij als 'Aan de Lek bij Elshout' (1850-54); sinds jaar en dag onderdeel van de vaste opstelling van Teylers Museum in Haarlem. De titel is misleidend. Die verwijst namelijk niet naar het gelijknamige plaatsje in Noord-Brabant, maar naar een lintdorp in de Alblasserwaard, in het verleden bekend als Elshout, tegenwoordig: Kinderdijk. Het is een populair plaatsje; zij het op een Keukenhof-achtige manier. Er zijn molens. Er zijn slootjes. Er is een luxe cruiseschip met internet en cocktailbar. Bent u een Japanner in het bezit van een deugdelijke camera dan kunt u hier uw lol op. Bent u een Weissenbruch-liefhebber op kunstbedevaart dan heeft u het moeilijker. Dan ziet u opgehoogde dijken, een onherkenbaar verbouwd Waardhuis en een ratjetoe aan bewegwijzering, verkeersborden, reclame, hoogspanningskabels. Een rommelige aangelegenheid, kortom. Zie daar als fotograaf maar eens een pakkend beeld van te maken.

Dan is het bij Weissenbruch toch allemaal een stuk rustieker. Schapenwolken drijven voorbij, zonlicht valt op een witgepleisterde muur (een van zijn specialiteiten); men wandelt wat, men licht een hoed, men gaat op de kade zitten kijken naar de bootjes; zelfs de rommel - stenen, een balk, gekapte boomstammetjes - op de voorgrond maakt een opgeruimde indruk. Eigenlijk, bedenk je je, was Jan Weissenbruch precies dat: een 'mooi weerschilder'. In de zin van: aangenaam. Genoegelijk. Hij maakte doeken waarin je wilt pauzeren en uitblazen - al is het maar voor een kwartiertje.

Natuurlijk ging daar wel het één en ander aan vooraf. Het is vaker opgemerkt: achter de eenvoud en het realisme van Weissenbruchs voorstellingen gaat een Mondriaan-achtige ordening van vlakken, patronen, paralellen, spiegelingen, afsnijdingen en kleurtegenstellingen schuil met de fijnzinnigheid van een Zwitsers uurwerk. Een mooie stijl, maar een gevaarlijke stijl: voer het een tikje te ver door en het wordt steriel, een invuloefening, dan heb je dus De Gruyters 'schoonschrift'. Vandaar waarschijnlijk de rommel die Weissenbruch op de voorgrond schilderde. Die maakt de voorstelling nonchalanter. En dus sterker.

Doen: bezoek het 18e eeuwse windmolenpark in Kinderdijk. Werk van Weissenbruch bevindt zich o.a. in collecties van Rijksmuseum Twenthe in Enschede, het Groninger Museum in Groningen, Museum Het Valkhof in Nijmegen en het Noordbrabants Museum in Den Bosch.

Lezen: antiquarisch: Willem Laanstra, Weissenbruch: schilder-graficus, 1822-1880, Amsterdam.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden