Jan van der Heyden was here

Stefan Kuiper en Auke Hulst reizen door Nederland op zoek naar plekken die schilders afbeeldden op hun meesterwerken. Aflevering 5: Jan van der Heydens 'Gezicht op de Dam met het stadhuis in Amsterdam'. Van der Heyden was niet alleen schilder, hij was ook ondernemer en uitvinder en schathemeltje rijk.

Wat niet meer bestaat: de kunstenaar met nevenfuncties.

Stel: Henk is schilder. Op een dag heeft hij een idee: hij bedenkt een manier om sterker, goedkoper en beter absorberend asfalt te produceren. Henk doet onderzoek, hij wordt een expert en na een jaar heeft hij zijn asfalt. Stopt hij zijn idee weg? Nee. Eerst vraagt Henk patent aan. Dan stuurt hij e-mails naar de minster van verkeer en waterstaat waarin hij zijn idee promoot. Die mails worden gelezen, er volgt zelfs een ontmoeting, en zie: een jaar of wat later wordt Henks nieuwe, beter absorberende asfalt in productie genomen. Automobilisten blij. Minister blij. Henk ook blij. De rest van z'n leven wijdt hij aan het schilderen van bloemstukken.

Zo'n scenario is niet alleen onrealistisch, het is ondenkbaar. Omdat geen enkele leek weet hoe je asfalt moet maken, maar ook omdat van een kunstenaar niet verwacht wordt dat hij zich met de wereld bezig houdt. Een schilder moet schilderen en een beeldhouwer moet beeldhouwen, en voor de rest moeten iedereen zich gewoon lekker koest houden. Buiten je eigen tuintje kijken, daar komen maar ongelukken van.

Raar, eigenlijk. Tot pakweg 1900 was de scheiding tussen kunst en wetenschap nog niet zo streng - wat mooi weerspiegeld wordt in een collectie als die van het Teylers Museum.

Kunstenaars bekleedden belangrijke maatschappelijke posities. Ze waren ingenieur zoals Da Vinci. Of architect zoals Michelangelo. Of amateur-diëtist zoals Marinetti, de futuristische voorman die pasta van de Italiaanse menukaart wilde schrappen ten faveure van in espresso gedrenkte salami gegarneerd met salsa verde van spinazie met bessen, weg te spoelen met spumante en cacaopoeder.

Eet smakelijk.

Een mooi voorbeeld van een vaderlandse homo universalis is de zeventiende eeuwse kunstenaar Jan van der Heyden (1637-1712). Kleinzoon van een meubelverkoper uit de Warmoesstraat. Gehaaide zakenman met een 'groot crediet bij de Amsterdamse heren'. Van der Heyden schilderde stadsgezichten. Hij was ook entrepreneur, uitvinder, vernieuwer van baggermolen, straatverlichting en, in het bijzonder, de brandslang én een bedreven beoefenaar van de kunst van het achterstevoren schilderen. Dat laatste deed hij op de achterkant van een glasplaat. Van voor- naar achtergrond. Blind.

Geloof me: Leonardo's spiegelschrift is er niks bij.

Zijn stadsgezichten vormden echter de core business. Het zijn gedetailleerd uitgewerkte min of meer topografische afbeeldingen van bekende en minder bekende locaties: de Oude Kerk van Delft, de Groote Kerk van Veere, de Waterpoort van Emmerich, de Grachtengordel. De Amsterdamse burgerij liep er mee weg, net als groothertog Cosimo de Medici. Toen Van der Heyden in 1712 stierf bezat hij 83.942 florijnen. Daarmee was hij waarschijnlijk de rijkste kunstenaar van de Gouden Eeuw.

Hier ziet u een van zijn beroemdste schilderijen: Gezicht op de Dam met het stadhuis in Amsterdam uit 1668, nu in de collectie van het Louvre, Parijs. Zoals veel stadsgezichten was het ceremonieel; het vierde de oplevering van het stadhuis van Amsterdam, volgens Constantijn Huygens 'het achtste wereldwonder'. Dat de bouw even haastig - het vorige stadhuis was, jawel, afgebrand - als rommelig was verlopen verzweeg hij. Rembrandt was opgetrommeld, maar moest het veld ruimen voor mindere goden. Jacob van Campen, de architect, tekende voor het Hollands classicistische ontwerp maar verliet nog voor de voltooiing met opgestoken veren de stad.

Ach, grote bouwprojecten in Amsterdam - was ik muzikant dan zou ik er een treurwalsje voor componeren.

Nu hoop ik dat ik niemand beledig als ik het Paleis op de Dam een onooglijke moloch noem. Tralies. Een trap van niks. ('Dat doen we in Italië beter', zei Cosimo naar verluidt tijdens een rondleiding). Meer gevangenis dan stadhuis. En ergens is het dat ook: het gebouw beschikte over cellen en in De Vierschaar werden doodvonnissen uitgesproken. Iets van die sfeer van angst en intimidatie is blijven hangen.

Andere stadhuizen zeggen: burgers, komt u vooral binnen. Het Amsterdamse stadhuis - sinds 1844 in functie als Koninklijk Paleis - zegt: blijft u vooral lekker buiten.

Maar op Van der Heydens schilderij oogt het fraai. De zon valt op de gevel, een paard sleept een vracht voort, mannen maken een hoofse buiging. De manier van schilderen is precies. 'Hy schilderde ider steentje in de gebouwen', noteerde kunstenaarsbiograaf Arnold Houbraken in zijn 'De Groote Schouburgh der Nederlantsche Konstschilders en Schilderessen', 'zoo wel die op de voorgrond [...], als die hy in de afstand vertoonde, zelfs zoo dat men de kalk tusschen de groeven der zelve duidelyk kon zien; en wel zoo dat het geen hinder aan het werk deed, of eenige hardigheid veroorzaakte, wanneer men de stukken met een generaal oog in wat afstant beschoude.'

Onder collega's is die rijkdom aan details altijd een bron van speculatie geweest; hoe kreeg Van der Heyden het in vredesnaam voor elkaar? Een tijdgenoot noemde het 'meer tovenarij dan schilderkunst'; volgens Van Houbraken was er sprake van een heus 'konstgehym'. Dat klinkt mysterieus; alsof Van der Heyden elfjes in zijn atelier gevangen hield. Met marterharen minipenseeltjes. En microscopische ogen.

De werkelijkheid is ongetwijfeld prozaïscher. Hier voor me op tafel ligt een catalogus over Van der Heyden, met daarin een doorwrocht stuk over zijn materiële technieken. Ik wilde het lezen, maar iets heeft me weerhouden. Angst voor ontnuchtering? Een is-dat-alles-gevoel? Een illusionist die zijn trucs verklapt is een vent met spiegels en raar wapperend haar. Sommige geheimen zijn te mooi om onthuld te worden.

Lezen: Peter C. Sutton, Jan van der Heyden (1637-1712), Yale University Press, pp. 250.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden