Naschrift

Jan Schut (1937-2017): Van landbouwpionier tot overlever

Jan Schut Beeld Jeanette Vos001

Sober, efficiënt, met geduld en een vooruitziende blik loodste hij zijn boerenbedrijf door decennia van ingrijpende veranderingen. Die karaktertrekken waren op zijn verzorgde akkers zichtbaar. Als collega’s aan het poten of zaaien waren, werd op De Bosserhof nog even afgewacht. Dan was het te warm of te koud, de grond te nat, of juist te droog.

De kasteelheer van wie hij zijn boerderij in Lottum pachtte, zei eens: als Jan Schut een paal in de grond slaat, denkt hij eerst lang na over de plek waarop dat moet gebeuren, en hoe diep hij erin moet.

Vele malen liever had Jan die paal in de kleigrond van de IJsselmeerpolders geslagen. Hoezeer hij zich daar als pionier ook voor in het zweet had gewerkt, die maagdelijke grond in het ‘beloofde land’ was niet voor hem weggelegd. Na een lange zoektocht werd het Limburg, ver weg van zijn wortels in de Achterhoek, waar het aanvankelijk voelde alsof hij in een zandbak speelde.

Boer worden was zijn droom, daarin had hij in zijn vrouw Riky een evenknie. Beiden kwamen uit grote roomse boerengezinnen en zagen niet op tegen de problemen die ze met een eigen bedrijf voorzagen. Sterker nog, ondanks het harde werken vonden ze veel tijd voor sociaal en maatschappelijke werk.

Dat sociale zat er al vroeg in. Jan was amper elf toen hij op het bedrijf van zijn vader in Baak zijn verantwoordelijkheid al nam. Vanwege kostenbesparing nam hij het werk van de knecht over.

‘Broer’, zoals zijn bijnaam luidde, stond vader Jan bij. Dat betekende soms periodes van ’s morgens vroeg melken, een retourtje fietsen van ruim 40 kilometer voor de middelbare landbouwschool in Didam, en weer melken. Daarnaast hielp hij zijn door polio verlamde buurman en kwam zijn leergierigheid tot uiting in bijscholingen op landbouwgebied.

Jan groeide op met soberheid en gevoel voor rechtvaardigheid. Op de door zijn vader in crisistijd aangekochte boerderij was geen elektriciteit en stromend water. Door de geïsoleerde ligging, herinnerde Jan zich later goed, was het in de oorlog een ideale plek voor het illegaal slachten van koeien en onderdak bieden aan onderduikers. Wanhopige families uit het westen die voedsel kwamen zoeken, kregen een maaltijd voorgezet.

Daar ontwikkelde Jan zich als een kritische gelovige. Hij was misdienaar, maar verzette zich in zijn puberteit tegen het verplichte kerkbezoek. Zeker als in de vastentijd de paters van de redemptoristen kwamen preken: “Ik laat me toch zeker geen schuld en angst aanpraten door die donderpreken van de paters!”

Midden in de maatschappij

Met Riky zocht hij naar geloofsgemeenschappen die midden in de maatschappij stonden. Daar hadden ze in hun eerste huwelijksjaren goede ervaringen mee opgedaan in Biddinghuizen, waar tijdens de opbouw katholieken en protestanten samen een kerkgebouw deelden.

Tekst loopt door onder afbeelding. 

Jan Schut Beeld rv

In de polder ging hun droom echter niet in vervulling. Jan was de oudste zoon, zijn vader was te jong om het bedrijf van hem over te nemen. Hij besloot in het voorjaar van 1963 met andere boerenzonen het nieuwe land te ontginnen. Als pioniers in loondienst van de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders zouden ze daarmee een voorkeursrecht verwerven bij de verdeling van de pachtbedrijven.

Het was een hard, eenzaam bestaan op die drooggevallen vlakte ver van de bewoonde wereld. Ondergebracht in kampen met houten barakken, waar op dagen van te lang doorwerken soms koud eten wachtte. En waar in 1970 na zes mislukte inschrijvingen de desillusie wachtte. Het voorkeursrecht was afgeschaft, bij het trekken van een leeftijdsgrens bleek Jan drie maanden te jong voor toewijzing van een bedrijf.

Dat misgrijpen was het gevolg van de eerste grote veranderingen in de boerensector, die door Jan met zijn vooruitziende blik deels was voorzien: schaalvergroting en ruilverkaveling. Hij zag ook in dat in loondienst werken bij een boer met de voortschrijdende mechanisering geen toekomst had.

Hij wilde zelf boeren. In Lottum werd tussen de rozenkwekers een accommodatie gevonden met een prachtige ligging, redelijke pachtprijs maar beperkingen. Het loon voor zijn werk thuis was in het ouderlijk bedrijf blijven zitten. Met spaargeld moest, meest eigenhandig, het woonhuis worden gerenoveerd, stallen ver- en gebouwd en machines aangeschaft.

De 21 hectare grond lag over 12 percelen verspreid en was uitgemergeld. Jan werkte zuinig en efficiënt. Hij speurde voor trekkers en machines altijd de tweedehands markt af en deed het onderhoud zelf. Hij was een meester in het efficiënt gebruik van mest en chemicaliën.

In die periode van hoogspanning kregen de in Biddinghuizen geboren Johan en Cecile er met Sophie en Christa tweelingzussen bij. Nog was er in het huis en hart van het echtpaar Schut ruimte, voor pleegdochter Anja die drieënhalf jaar bij hen woonde.

Jan Schut Beeld Jeanette Vos001

Jan, akkerbouwer in hart en nieren, sloeg alle adviezen van de landbouwvoorlichting over monoculturen en schaalvergroting in de wind. Hij koos voor een middengroot gemengd bedrijf met varkens, zoogkoeien, aardappelen, suikerbieten, mais, tarwe, gerst. En later als hobby fokpaarden. Hij hield de balans tussen grond en mest nauwgezet in de gaten en bestudeerde in vakbladen minutieus alle ontwikkelingen. Met zijn geloof in coöperaties onder boeren nam hij zitting in verschillende besturen.

Tegenslagen

Zo laveerde hij langs soms grote tegenslagen. Zoals het verlies in 1987 door halverende varkensprijzen. En de vier overstromingen van de Maas, waarvan die in de zomer van 1980 de suikerbieten en mais onder water zette.

De zwartste dag in zijn boerenbestaan was 28 juni 1997, toen ’s middags 500 varkens werden afgevoerd naar de lopende band ter elektrocutie. Lottum viel buiten het door varkenspest besmette gebied, maar stallen en inderhaast opgetrokken noodgebouwen raakten door het vervoersverbod overvol. Drie weken later kwam de dierenarts met dodelijke injecties voor de pasgeboren biggetjes. Een volgende veldslag weigerde de zwaar aangeslagen Jan. Troost vond hij in die periode tussen zijn gewassen.

Ondanks zijn zware beroep, vele nevenactiviteiten en politieke betrokkenheid (penningmeester voor de lokale CDA-afdeling) was hij er altijd voor zijn kinderen. Hij vergezelde ze op schoolreisjes, zorgde jaarlijks voor een week vakantie en loste zijn belofte na een goede oogst in: een kleurentelevisie. Van werk op de boerderij waren de kinderen gevrijwaard, ze hadden recht op ontspanning en plezier. Alle vier studeerden ze af op de universiteit, daar was hij trots op.

Naast financiële zorgen was er in 1989 de vrees voor arbeidsongeschiktheid. Jan raakte vermoeid en kreeg pijn in zijn gewrichten. Bij de diagnose reuma gaf de specialist hem in overweging met zijn bedrijf te stoppen. Verdriet en verontwaardiging streden om voorrang, de strijdbaarheid won: “Ik laat me niet buiten de maatschappij zetten.”

Tekst loopt door onder afbeelding. 

Jan Schut Beeld Jeanette Vos001

De medicijnen sloegen aan, aanpassingen volgden in het bedrijf en van de uitkering voor zijn gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid werd hulp ingehuurd. Jan ging met Riky een bedrijfsmaatschap aan. Dat was voor zijn vrouw een belangrijke emancipatoire stap, haar werk in het boerenbedrijf werd duidelijker zichtbaar. Daardoor kon ze zich bij haar werk op sociaal gebied (Steunpunt Landelijke Boerinnenbelangen en Werkgoep Landbouw en Armoede) beter profileren.

Pas op zijn 68ste ging Jan met pensioen. Een paar jaar later dan hij had gewenst. Hij was eigenlijk op, maar werd gehouden aan zijn pachtcontract. Maar ach, het werk was altijd mooi geweest, boer Schut had niet anders gewild dan in de buitenlucht genieten van de jaargetijden.

Met zijn sores had hij anderen nooit willen belasten, andersom waren zijn schouders sterk en was zijn luisterend oor groot. Zelfs toen hij vanwege zijn ziekte een zware operatie had ondergaan, bleef hij als vrijwilliger werkzaam bij de telefonische hulpdienst. Ook dat was bij tijd en wijle zwaar emotioneel werk, waarbij een beroep werd gedaan op zijn rekbare relativeringsvermogen.

Met zuinigheid overleefde hij met zijn bedrijf, nooit stelde hij eisen voor zichzelf. Zo vertrok hij ook, in een bij de Stichting Emmaus door daklozen getimmerde kist van pallethout. Als symbool van zijn soberheid, robuustheid en sociale inslag.

Johannes Hermanus Jozefus Schut werd op 1 maart 1937 geboren in Baak en overleed op 17 januari 2017 in Venlo.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden