Jacob van Rijswijk 1919-2008

Oprichter Joop van Rijswijk van sportfabriek Rucanor (van ru-bber, can-vas en het Franse ’or’, goud) was een diepgelovige wereldreiziger.

Guido Goudsmit

In de oorlogsjaren reed Joop van Rijswijk met een bakfiets langs de boeren om voedsel op te halen voor de hongerigen. Hij stond in de buurt van Waddinxveen bekend als ’illegale Japie’. Op een boerderij dook Van Rijswijk onder om te ontsnappen aan de Arbeitseinsatz, maar toen de Duitsers onverwachts aanklopten, deed de jongeling open en zei: „Er is hier verder niemand.” Hij was een waaghals.

Joop van Rijswijk zou na de oorlog sportartikelenhandel Rucanor oprichten, want hij had geen zin meer voor een baas te werken. Het was eigenlijk toeval dat hij in de sportspullen terechtkwam. Hij was bij een handelsmaatschappijtje in Rotterdam beland, dat slangen van rubber en canvas invoerde uit Japan. „Daar zat toen een partij rubber en canvas schoenen bij, doodgewone gympies”, zegt zoon en opvolger Cees van Rijswijk. „Mijn vader zei toen: deze ga ik zelf aan de man brengen.” Dat was een slimme zet, want sneakers met rubber zolen waren net populair aan het worden in Nederland. Het was 1956, Van Rijswijk had eigenlijk bar weinig op met zoiets frivools als sport. Hij was met boksen opgehouden toen hij zijn entree in het zakenleven maakte, bang zijn neus te breken.

Het was van jongs af aan Van Rijswijks roeping geweest voor zichzelf te beginnen. Hij was handig, een knutselaar, met een neus voor zaken. Hij had een detailhandelsdiploma, was fietsenmaker geweest, stond in het kruidenierswinkeltje van zijn schoonouders en was als inkoper voor een technische firma uit Boskoop heel Europa doorgereisd. Opleiding had hij nauwelijks, maar slim was hij wel.

De canvas gympen waren een buitenkans voor iemand met de pioniersgeest van Joop van Rijswijk. Het was hard werken en die eerste jaren van Rucanor (van ru-bber, can-vas en van ’or’, het Franse woord voor goud) moest zijn grote gezin wel armoe lijden. Iedere cent die werd verdiend, werd in die reizen gestoken; zijn vrouw moest het maar slikken.

„Het mooiste was dat mijn vader zijn kennis van de oosterse denkwijze kon benutten op zijn zakenreizen”, zegt zijn jongste dochter Antoinette. Van Rijswijk was in Nederlands-Indië opgegroeid, waar zijn vader bij de marine had gediend. Joop van Rijswijk trok de wijde wereld in. Als een van de eerste Nederlandse zakenlieden ging hij naar China. Het was de tijd dat hij de inkoop zelf deed, en voor hockeysticks, judopakken of pingpongballetjes de binnenlanden van Pakistan en India opzocht. „Wij zijn opgevoed door mijn moeder”, zegt Cees.

Antoinette heeft, als het nakomertje van vijf kinderen, haar vader misschien wel het beste gekend, denkt ze. Voor haar drie broers en haar zus was hun vader vooral de man die ’s zondags het vlees kwam snijden, als hij tenminste niet in het buitenland verbleef. Want daar was hij in de jaren vijftig en zestig zeker de helft van het jaar. Met de opkomst van hockey en tennis in Nederland kwam de faam van Rucanor, dat ook sticks en rackets verkocht. Het was een knus bedrijf, een grote familie. De personeelsuitjes van Rucanor waren legendarisch.

De kinderen Van Rijswijk misten hun vader. Het gezinsleven kwam voor Joop van Rijswijk op de tweede plaats. „Dat wist hij, maar er was niks aan te doen”, zegt Antoinette. Was hij wel thuis, dan rezen er spanningen. „Vaders wil was wet.” Van Rijswijk leefde ’in het geloof’ en had er verdriet van dat zijn kinderen slechts met de grootste mogelijke moeite tot kerkgang waren te bewegen.

Aan Joop van Rijswijk, bij wie de bijbel op het nachtkastje lag, is misschien een zendeling verloren gegaan. Voor hem kon zijn bedrijf alleen, ook toen het langzaam begon te floreren, nooit zaligmakend zijn. Van Rijswijk vond het mooi als hij op tv atleten in Rucanor-uitrusting zag, maar echt genieten kon hij niet van zijn levenswerk. „Hij was op de penning voor zichzelf, en liet in het Verre Oosten zo goedkoop mogelijk pakken maken”, zegt Cees. Het geloof maakte Joop van Rijswijk zwaar op de hand. Diep in zijn hart vond hij dat een gewetensvol zakenman meer moest doen dan geld verdienen.

Niemand keek er van op dat Van Rijswijk in de jaren zeventig een kerkelijke onderneming hielp opzetten in India. Op een zakenreis had hij een methodistische dominee ontmoet, wiens opbouwwerk hij graag steunde. Het was in Hyderabad, waar mede dankzij Van Rijswijks sponsoring tot op de dag van vandaag wezen en kinderen van arme ouders een opleiding kunnen volgen. „Het werd zijn tweede passie”, zegt Cees. Videobeelden uit India werden vorige week bij de uitvaartplechtigheid van Joop van Rijswijk in de Boskoopse gereformeerde kerk vertoond.

Alleen ogenschijnlijk was het vreemd dat Van Rijswijk zijn eerste liefde, Rucanor, zo gemakkelijk kon loslaten. Sterker nog, op zijn 65ste emigreerde Joop met zijn vrouw naar Canada – ver van zijn kinderen. Hoewel hij lang grootaandeelhouder bleef, werd Cees al gauw de drijvende kracht van het bedrijf. Waar Joop erom bekend stond soms lichtzinnig zaken te doen – hij was erg goed van vertrouwen – werd Rucanor onder de nieuwe leiding zakelijker en „ging het meer met de vraag van de markt mee”, zegt Cees. De sfeer verhardde. „Mijn vader had daar moeite mee”, zegt Antoinette. Het botste tussen zoon en vader. „We hebben een keer gezamenlijk een zakenreis gemaakt, en toen wist ik zeker: dat doe ik nooit meer”, zegt Cees.

De laatste jaren woonden Joop en zijn vrouw weer in Boskoop. „Op zijn 81ste heeft vader voor het eerst in zijn leven zijn koffer uitgepakt”, zegt Cees van Rijswijk. Na een lichte beroerte belandde hij in het verpleeghuis. „’t Is goed zo”, placht hij te zeggen. In de gereformeerde kerk speelden zijn kinderen het lied ’Ik heb een steen verlegd’ van Paul de Leeuw.

Jacob (Joop) van Rijswijk werd op 15 maart 1919 in Ridderkerk geboren. Hij overleed in Boskoop op 21 januari 2008.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden