Israël in een veranderende regio

Terwijl in de regio het ene na het andere regime omvalt of wankelt, blijven de meeste Israëliërs angstvallig stil. Onzekerheid is troef. "Natuurlijk zijn we voor democratie en tegen dictatuur en de politieke islam, maar nu kunnen we ons het beste stil houden en ons nergens mee bemoeien."

Het is druk bij de benzinepomp. De nieuwe werkweek staat voor de deur. Een man fluit tussen zijn tanden, terwijl de meter doortikt. "Niet te geloven die benzineprijs. Eerst verhoogde de regering de accijns en toen dat werd teruggedraaid, moesten die Libiërs zo nodig gaan vechten. En straks draait Egypte de gaskraan dicht. Wat koop ik voor al die revoluties?"

Dit gemopper is de meest uitgesproken reactie die in Israël te horen valt op de grote omwentelingen in de Arabische wereld. Iedereen volgt de ontwikkelingen, soms met een mond die openvalt van verbazing, maar een eenduidige mening heeft niemand. Dat is opmerkelijk in een land waar iedereen altijd over alles een opvatting heeft. En het geldt niet alleen voor de man en vrouw in de straat, maar ook voor politici en opinieleiders, en dat is nog opmerkelijker.

"Ik weet niet wat ik vind, want ik heb geen idee waar dit heen gaat", zegt Ben Dror Jemini, commentator van de rechtse krant Ma'ariv. "Natuurlijk zijn we voor democratie en tegen dictatuur en ook tegen de politieke islam, maar het beste wat we nu kunnen doen, is ons koest houden en ons nergens mee bemoeien."

"Eindelijk draait het in de Arabische wereld eens niet om Israël." En met een lach: "Normaal zijn wij het probleem, is alles de schuld van het zionisme en de bezetting en gaat men overal de straat op tégen Israël en vóór de Palestijnen. Dit keer staan wij er volledig buiten. De Arabische straat richt zich tegen de eigen machthebbers. Dat is winst. En misschien komt er iets goeds van, al ben ik er niet gerust op, gezien de nieuwe clashes in Egypte tussen moslims en Kopten."

Nachoem Barnea, de invloedrijke commentator van de krant Jediot Achronot had graag een positievere reactie gezien van de regering Netanjahoe. "Israël was lang de enige democratie in het Midden-Oosten en Netanjahoe klonk alsof hij dat zo had willen houden. Hij had, heel verstandig, iedereen opdracht gegeven low profile te reageren, maar zelf kon hij zijn mond niet houden."

In Netanjahoe's reactie op de betogingen op het Tahrirplein klonk sympathie door voor de wens tot democratisering, maar hij wees vooral ook op scenario's vergelijkbaar met de islamitische revolutie in Iran. Barnea: "Er is veel onzekerheid en daar is Israël a priori niet bij gebaat, maar we hadden best meer mogen juichen ten tijde van 'Tahrir' en onze goede wil kunnen tonen." Egypte is het leidende land in de regio en de ontwikkelingen daar zullen richtinggevend zijn.

De gevaren zijn volgens Barnea legio en variëren van ineenstorten van het vredesverdrag met Egypte (niet heel waarschijnlijk), tot het aan de macht komen in Egypte van de Islamitische Broederschap (mogelijk, maar niet per se dramatisch), een uitholling van de positie van de Jordaanse koning (mogelijk en niet gunstig) tot een verzwakking van de Palestijnse leider Abbas door het wegvallen van Moebarak, waardoor de kans op een Palestijns-Israëlische regeling nog kleiner wordt (zeer waarschijnlijk). En dan heeft Barnea het alleen nog maar over de korte tot middellange termijn.

Alleen al om Israëls groeiende isolement in de wereld te doorbreken zou een oplossing van het Palestijns-Israëlische conflict enorm nuttig zijn, maar Barnea ziet het er nog niet van komen: "Dit zou het moment zijn om die extra stap te zetten, geen millimeterwerk, maar een reuzenstap, maar met de huidige coalitie gaat dat niet gebeuren." Hij voegt daar wel aan toe dat een oplossing van het conflict tussen Israël en de Palestijnen, hoe nodig ook, niet gezien moet worden als een wondermiddel om alle problemen in de regio op te lossen. "De haat zal misschien afnemen, maar niet verdwijnen, de moslimwereld is niet blij met een Joodse soevereiniteit in hun midden."

In het koffiehuis ontspint zich een gesprek. De stamgasten zijn nog niet bekomen van de brute moord op een kolonistengezin met drie kinderen. "Het zijn beesten, wie doet zoiets nou? D'r op slaan, dat is het enige wat helpt. Arabieren begrijpen alleen de taal van geweld."

"En dan?"

"Hoezo wat dan? Niks dan. Ik wil best vrede, maar zij willen het niet en ze zullen nooit veranderen."

"Moet je niet zeggen: Had jij ooit gedacht dat de Egyptenaren de straat op zouden gaan voor democratie?"

"Da's waar, maar ik durf te wedden dat het niks wordt. Eén op de drie is analfabeet, die gaan gewoon stemmen wat de mollah voorschrijft. Nou en dan weet je het wel."

Jemini is vaak in Egypte geweest en ziet het land als sleutel tot de toekomst van het Midden-Oosten. "Nu is er geen centrale macht, niemand heeft enig idee wat Hamas de Gazastrook binnen smokkelt, wat gebeurt er met de gasleveranties aan ons? Wordt Egypte een Turkije-achtige democratie of een nieuw Somalië waar Al-Kaida kan infiltreren? Hoe loopt het af in Bahrein, Jemen, Saoedi-Arabië? Ik weet het niet en dus moeten we ons gedeisd houden."

Ari Sjavit, commentator van de liberale Ha'aretz, is nog steeds verbijsterd over de aardverschuivingen in de Arabische wereld. "We moeten diep ademhalen en alles opnieuw bekijken, de tijd nemen en heel goed nadenken. Niemand weet waar dit heen gaat."

Hij vreest dat de bestaande vredesverdragen, met Egypte en Jordanië, onder druk komen te staan en is niet gerust op de kansen van nieuwe. Als voorbeeld noemt hij Syrië, waarmee volgens hem allang vrede gesloten had kunnen worden. "We kennen de prijs en ik ben bereid hem te betalen, maar Assad (de Syrische president, red.) zal zich nu wel drie keer op zijn hoofd krabben. Het risico is te groot, ook een gematigd leider gaat nu geen grote stappen zetten en een volksopstand riskeren." Ook de manoeuvreerruimte van de Palestijnse president Abbas is volgens Sjavit kleiner geworden, omdat zijn legitimiteit, die al niet groot was, nog twijfelachtiger is geworden en hij nu de steun van Moebarak ontbeert.

"Aan de andere kant", zegt hij "juist nu zou Israël niet alleen maar bang moeten zijn, maar een hand moeten uitsteken naar de Arabische burgers en een dialoog moeten aangaan met leiders en volken in het Midden-Oosten. Het is jammer dat we dat (nog) niet hebben gedaan. Er liggen ook kansen voor een nieuw Midden-Oosten. Daartoe zouden we juist moeten praten met de gematigde krachten en hen moeten steunen."

Ter illustratie noemt hij de Palestijnse premier Fayyad, die hard op weg is een transparante maatschappij te bouwen met economische groei en perspectieven. "Hij zou een voorbeeld kunnen zijn voor de Arabische wereld."

Sjavit vindt het Israëls verantwoordelijkheid om juist nu met creatieve ideeën te komen en een dynamiek te creëren die oplossingen dichterbij brengt. Of Netanjahoe daartoe in staat is weet hij niet. "Ik had hoop toen hij zich twee jaar geleden in zijn Bar-Ilanspeech uitsprak voor een twee-statenoplossing, maar daarna is het proces weer hopeloos verwaterd." Netanjahoe beseft volgens Sjavit dat er iets moet gebeuren. Maar durft hij het ook? De stem van zijn vader, die deze maand 101 wordt en een overtuigd aanhanger is van een groot Israël, speelt door zijn hoofd. En onlangs nog heeft hij verklaard dat Israël om veiligheidsredenen niet zonder de Jordaan-vallei kan. Het is het één of het ander.

Sjavit: "Het ligt voor Bibi (Netanjahoe) heel moeilijk, politiek en ideologisch, maar dit is zijn laatste kans. Er wordt gewerkt aan een plan, hij moet een gewaagde en dappere stap zetten, zichzelf overwinnen en bewijzen dat hij een staatsman is. Anders is hij weg. Ik wacht het af met angst en beven."

Over straat dwarrelt een oude krant met daarin een advertentie van acht ministers van de Likoed-partij: "Bouw, Bibi, Bouw!"

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden