Islamitisch foster-parents plan in Amsterdam

AMSTERDAM - Er wordt weleens geld opgehaald voor de armen, vertelt een toegewijde moslim die regelmatig naar de moskee gaat. “Maar dat gebeurt toch zelden. Ik heb het één keer meegemaakt dat de imam vroeg om geld te geven voor een familie die haar overleden vader in Turkije wilde begraven maar de overtocht niet kon betalen.”

Het is niet eenvoudig te achterhalen wat de islamitische gemeenschap in Nederland aan armenzorg doet. De regels zijn duidelijk. Een goede moslim moet zich aan de vijf pilaren van de islam houden. Zuil drie schrijft voor dat de moslim een deel van zijn bezit afstaat aan hen 'die het nodig hebben', de zakaat. Er staat zelfs precies beschreven hoeveel geld er moet worden afgedragen. Een moslim die 85 gram goud bezit of een gelijk bedrag aan geld, dient 2,5 procent af te dragen aan het ledigen van de nood van de medemens. En dan zijn er nog de offers die tijdens religieuze hoogtijdagen als de ramadan moeten worden gepleegd. Een woordvoerster van de islamitische vrouwenorganisatie Al Niza vermoedt dat veel moslims hun zakaat overmaken aan hulporganisaties die in het buitenland werken. “Ze vinden dat er in Nederland geen arme mensen wonen. Een bijstandsmoeder leeft hier in vergelijking met Turkije toch in een paradijs? Er zijn zelfs moslims die voor het slachtfeest een schaap in Tsjechië kopen, omdat ze daar goedkoop zijn. Vervolgens laten ze het beest daar conserveren en in blikjes naar een arm land als Pakistan sturen. Hier weten ze niet aan wie ze het vlees kunnen geven.”

Toch voelen ook de moslims in Nederland dat het paradijs dorre plekken begint te vertonen. Onder migranten is het percentage langdurig werklozen het hoogst en de maandelijkse lasten drukken zwaar op het dagelijks bestaan. De busjes die iedere zomer weer richting huis vertrekken, worden leger. De familie kan niet meer steunen op de geëmigreerde 'rijke' broer of zoon in het Westen, er is geen geld meer om de elektronische apparaten aan te slepen. De islamitische vrouwenorganisatie Al Niza doet niet aan liefdadigheid zoals het inzamelen van kleren of het bezoeken van armen.

Een islamitisch Leger des Heils bestaat niet in Nederland. De woordvoerster kent ook geen islamitische organisatie die wel hulp verstrekt in Nederland. Misschien Islamic Relief, een internationale hulporganisatie die een kantoor heeft in Amsterdam-Noord. Geregeld vallen er brochures op haar deurmat met acties van deze organisatie.

In een afgelegen straat, midden tussen de bedrijven, is het kantoor van Islamic Relief te vinden. Een klein, bescheiden bordje verwijst naar de hulporganisatie. Binnen wordt de bezoeker onmiddellijk geconfronteerd met het leed van de wereld. Verminkte lichamen in Tsjetsjenië, moslimvluchtelingen in Bosnië. Medewerker A. Essa leest de post van die dag. Hij lacht tevreden. Foto's van Palestijnse kinderen in Jordanië, voor hun adoptieouders in Nederland. Want Islamic Relief heeft ook een foster-parents plan. De directe hulp, zoals goederentransporten, gaan naar de moslims in nood, maar Essa zegt dat zijn organisatie geen onderscheid maakt naar'godsdienst, ras of geslacht'. “Een goede moslim hoort iedereen te helpen, zelfs dieren als dat nodig is.” Maar op de acht Europese kantoren van de door de Verenigde Naties erkende organisatie wordt nauwelijks iets gedaan voor de arme moslims in het tweede vaderland. De zakaat schrijft duidelijk voor eerst de armen in de naaste omgeving te helpen en pas daarna de anderen op de wereld. “Menig moslim in Nederland vindt dat de overheid maar voor de armen moet zorgen. Ze dragen ieder jaar al genoeg zakaat af, redeneren zij, belasting, geld voor de gemeenschap en dus ook voor de armen.”

Islamic Relief in Parijs is, voorzover Essa weet, de enige instantie die aan een soort Leger des Heils liefdadigheid doet. “In de winter delen vrijwilligers couscous uit onder de zwervers die bij de metro rondhangen. Hier in Amsterdam geven we wel eens wat aan illegalen die aankloppen. Zo helpen we nu een illegaal die van drie hoog uit een raam is gevallen. Hij brak zijn rug en ligt in een ziekenhuis. We steunen de man financieel om te voorkomen dat hij het ziekenhuis wordt uitgezet.”

De beste tijd om geld in te zamelen is het voorjaar, om precies te zijn aan het einde van de ramadan. Vrijwilligers van Islamic Relief trekken dan met de collectebus langs de moskeeen. “Zestig procent van wat we in een jaar ophalen komt tijdens de ramadan binnen.” En dat is aardig wat, want de organisatie haalt jaarlijks zo'n 500 000 gulden op. In een folder wordt de gelovige op zijn religieuze plicht gewezen. “Hij die de vastende voedt zodat die zijn vasten kan breken zal dezelfde beloning krijgen als de vastende”, zo heeft de profeet Mohammed het gezegd, gevolgd door het vastgestelde bedrag van zeven gulden per persoon. Het staat de moslim vrij aan wie hij het offer brengt. “Er zijn moskeeën waar illegalen of moslims met hoge schulden zich op een lijst kunnen intekenen. De giften gaan in een grote pot en aan het einde van de ramadan, op de ochtend van het suikerfeest, wordt het geld geteld en verdeeld onder de behoeftigen.”

Offers willen de moslims nog wel brengen, maar de jaarlijkse afdracht van de zakaat is minder populair. Dat de belasting graag als zakaat wordt gezien, is niet ver gezocht. “Vroeger”, Essa heeft het nu over het begin van de christelijke jaartelling, “brachten moslims hun zakaat naar het huis van de overheid. Ze kregen een bonnetje voor wat zij hadden afgedragen.” De oosterse vorsten gebruikten het geld voor sociale voorzieningen, het afbetalen van schulden en het aanleggen van wegen. Tenminste, als de kalief en zijn gevolg zich netjes gedroegen en het niet in eigen zak staken.

Een huis vol zakaat, daar droomt Essa van. En niet alleen voor zijn projecten in de Derde Wereld. Er mag dan belasting geheven worden, maar daarvan gaat in de ogen van de islamitische hulpverlener veel te weinig naar de armen. Zijn organisatie voelt dat de armoede ook in Nederland zijn tol eist: “We moeten ook hier iets gaan doen. Heel voorzichtig zijn we begonnen. Met het opzetten van een opvanghuis voor verslaafde jongeren. We denken aan een programma om jongeren van het criminele pad te halen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden