'Islam-universiteit in Nederland moet Turks zijn'

AMSTERDAM - Officieel streeft de grootste Turkse moslimorganisatie TICF/ISN naar verdere integratie van moslims in Nederland, maar blijkens een onder Turkse moskeeen verspreide brandbrief probeert ze dit juist uit alle macht te voorkomen. In de brief verklaart de aan de Turkse overheidsinstantie Diyanet gelieerde TICF/ISN de oorlog aan het initiatief van de concurrerende Nederlands Islamitische Raad (Nir) voor een liberale islamitische universiteit in Rotterdam.

De TICF/ISN bezit 120 moskeeën in Nederland en heeft op kosten van de Turkse overheid 90 in Turkije opgeleide imams in dienst. In de brandbrief aan de moskeeën waarschuwt voorman Emin Ates voor het Rotterdamse plan. Ates bespeurt in het initiatief “geheime bedoelingen” om de Turkse moslims in Nederland “in de rug te raken”.

Ook de Nederlandse overheid zit in het complot, aldus de brief, die alleen voor intern gebruik bedoeld is. “Officiële Nederlandse functionarissen proberen momenteel met geweldige ijver een imamopleiding op poten te zetten. De bedoeling hiervan is niet de Turkse moslimgemeenschap hulp te bieden. Ze willen alleen de deur sluiten voor de uit Turkije afkomstige functionarissen van Diyanet.”

Ates is niet tegen een imamopleiding in Nederland, maar die moet dan wel Turks zijn. Als uit onderzoek blijkt dat zo'n opleiding nodig is, schrijft hij, dan moet die net zo zijn als die momenteel in Turkije bestaat. “De Turkse theologische opleiding moet de basis zijn.” De door de Turkse overheid gecontroleerde theologie-opleidingen in Turkije staan ver af van het culturele klimaat in Nederland. Ze zijn niet fundamentalistisch, maar wel mainstream orthodox en vooral nationalistisch.

Ates is ook voorzitter van de grootste Nederlandse moslimorganisatie IRN, een koepel van Turkse, Marokkaanse en Surinaamse organisaties. Het IRN werkt al geruime tijd aan een eigen opleiding onder de naam Stichting islamitisch hoger onderwijs (Siho). Deze organisatie streeft naar subsidie van de Nederlandse overheid, en is in onderhandeling met de Universiteit van Utrecht en de Vrije Universiteit in Amsterdam over samenwerking. Het uitlekken van de brief van voorman Ates aan de Turkse moskeeën komt voor de Siho daarom ongelegen.

De door Ates bestreden islamitische universiteit in Rotterdam propageert een liberale uitleg van de islam. Zo is ook de Turkse hoogleraar M. Aydin bij de opleiding betrokken, die stelt dat de sharia, de islamitische wet, geen vaststaand goddelijk gegeven is, maar voor het grootste deel mensenwerk. Initiatiefnemer S. Damra, van de dit jaar opgerichte Nederlandse islamitische raad Nir: “Wij streven naar een liberale opleiding, die aansluit bij de Nederlandse culturele context. Wij keuren daarom inmenging door buitenlandse overheden af.”

Dit is tegen het zere been van Ates die getuige de brandbrief de invloed van de Turkse overheid in stand wil houden. Voor de Nederlandse markt heeft Ates andere noten op zijn zang. In de Volkskrant van gisteren beschuldigde hij de initiatiefnemers van de Rotterdamse islamitische universiteit ervan dat ze meer dan een miljoen gulden van de Saoedi-Arabische overheid hebben ontvangen. Bewijzen geeft hij niet. Volgens islamdeskundigen echter geeft de Saoedische overheid tegenwoordig alleen nog maar geld aan moslim-initiatieven in het westen als ze overtuigd is van het streng-orthodoxe gehalte van de aanvragers.

De bedreiging van de Nir is voor de andere koepelorganisaties kennelijk zo groot dat oude vijandschappen worden vergeten. Maandag maakte de Nederlandse moslimraad NMR bekend zich aan te sluiten bij een initiatief van aartsrivaal IRN voor de universitaire imamopleiding van de Siho. Ook voorzitter Maddoe van de NMR zegt te weten dat het Rotterdamse initiatief door Saoedi-Arabië financieel wordt ondersteund. Op de hoogte van Ates brief is hij kennelijk niet als hij zijn verzet tegen de Nir motiveert als verzet tegen Turks nationalisme.

A. Karagül van het Siho is op de hoogte van de brief die Ates rondstuurde. “De opleiding van het Siho moet helemaal onafhankelijk van buitenlandse overheden worden. Ik ben het dus niet met Ates eens. Behoefte me ervan te distantiëren heb ik echter niet.” Karagül wil niet ingaan op de vraag welke gevolgen Ates brief kan hebben voor de geloofwaardigheid van de Siho. “Ates' brief is niet mijn probleem.”

Inmiddels heeft ook Damra's werkgever, het Amsterdams Centrum Buitenlanders (ACB) zich gedistantieerd van het Rotterdamse initiatief. Vooral de uitnodiging van een geleerde van de Egyptische Al Azhar-universiteit, het prestigieuze bolwerk van de orthodoxie, valt daar slecht. De Al Azhar heeft in Egypte veel macht en zorgt ervoor dat boeken van liberale moslims verboden worden.

Damra ontkent dat er Al Azhar-geleerden uitgenodigd zijn. “Er is alleen maar sprake van geweest omdat we niet eenzijdig liberaal wilden overkomen bij de moslim-achterban in Nederland.”

Terwijl Damra zijn plannen gisteren nog telefonisch met verve toelichtte, zond het ACB een persbericht rond dat stelde dat Damra zich uit het initiatief voor de islamitische universiteit in Rotterdam heeft teruggetrokken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden