Islam niet forceren tot Verlichting

Het is nog te vroeg om imams aan te stellen in het Nederlandse leger engevangenis. Maar het is ook weer niet nodig om de islam een geforceerdeVerlichting te laten doormaken, waarbij cruciale begrippen worden verlaten.

In Trouw van 22 augustus stelt Mohamed Ajouaou dat de Nederlandse islamniet rijp is om imams te leveren voor de gevangenis en het leger. Dat iseen forse aanklacht tegen de polderislam en ik zal niet beweren dat Ajouaouhelemaal ongelijk heeft. Volgens hem moeten de kernbegrippen van de islamgeherinterpreteerd worden. De 'Oemma' moet niet langer staan voor degeloofsgemeenschap maar verstaan worden als de samenleving in een algemenezin. Gelovig is ieder die een (ik veronderstel fatsoenlijke)levensbeschouwing aanhangt. Martelaren zijn allen die voor een goede zaakstrijden, bijvoorbeeld de pacificatie van Irak. Pas als deze 'nieuwe,islamitische kijk' er is, is de Nederlandse islam volgens Ajouaou in staatom imams te leveren voor leger en gevangenis. Want dan pas is het duidelijkdat Nederlandse moslims loyaal zijn aan Nederlandse instituten.

Ik interpreteer deze oproep als een uitnodiging om over te gaan tot eenandere religie en wel tot de religie van de Verlichting. Ajouaou ontdoet de kernbegrippen van de islam van hun wezenlijke inhoud en vult ze opnieuwin. De vraag is of 'Allah is groot en Mohammed is zijn profeet' zogemakkelijk met 'Vrijheid, gelijkheid en broederschap' te verbinden is alshier gewenst wordt. Van moslims wordt gevraagd om het wezenlijke dat hensamenbindt niet langer te zien in het geloof in de ene God en zijn profeetMohammed, maar in het goede gedrag dat mensen van goede wil samenbindt.Geloof en ongeloof worden niet langer vanuit de Koran bepaald, maar dooreen geseculariseerde, humanistische theologie ingevuld. Ook Allah wordtgeacht in deze herinterpretatie mee te gaan als Hij na onze dood de prijzenvan het martelaarschap uitdeelt: niet langer alleen degenen die in destrijd voor de islam hebben gestreden worden beloond, maar alle mensen diegesneuveld zijn voor de goede zaak, waarbij wat goed is uiteraard breedmoet worden opgevat.

Ik betwist niemand het recht om een ander uit te nodigen om tot zijneigen religie over te gaan. Daarvoor leven we in Nederland. Ook hetchristendom is een missionaire godsdienst die graag anderen uitnodigt omde woorden van de Bijbel ter harte te nemen en Jezus als Heer te erkennen.

Maar het lijkt me dat er vanuit de positie van Ajouaou nog andere vragenaan de Nederlandse islam te stellen zijn. Het lijkt me ook niet waar datalleen een geseculariseerde islam als partner geloofwaardig zou zijn in deNederlandse samenleving. Als dat zo zou zijn, zou ook alleen eengeseculariseerd christendom geloofwaardig zijn. Daarmee zou ik mezelfgediscrimineerd voelen. Dit Verlichtings-christendom bestaat wel, niet hetminst onder theologen, en waarschijnlijk ook onder leger- engevangenispastores, maar daarnaast is er ook een authentiek christendom,waar het geloof in Jezus Christus van een laatste, beslissende relevantieis en waar gelovigen binnen de gemeente van deze Heer een verbondenheidervaren die ze elders niet vinden.

Daarom zou ik Nederlandse moslims andere vragen willen stellen, vragendie te maken hebben met de verhouding van 'kerk' en staat. Vanuit westersekaders geïnterpreteerd is de islam een 'kerk', die steeds weer probeertom het gezag en het geweld die bij de staat horen, aan zich te trekken.Natuurlijk ten behoeve van het goede doel, maar met het feitelijk gevolgdat dit gezag en geweld steeds weer de 'kerk' en de staat corrumperen.Christenen hebben van huis uit geleerd dat de keizer moet hebben wat vande keizer is en God wat van God is. Daar hebben ze het in de praktijkmoeilijk genoeg mee, maar het concept als zodanig is waardevol en kan ookde Europese islam verder helpen.

Ten diepste kiest Ajouaou, evenmin als zijn strenge moslim-broeders,niet voor deze boedelscheiding, maar voor de ene, in dit gevalgeseculariseerde 'Oemma'. De religie levert de gewenste ideologie. Detheologie sluit naadloos aan op de ideale samenleving.

In die zin blijft Ajouaou volgens traditioneel islamitische lijnendenken. Ook hier is de dubbelheid, het tegenover van 'kerk' en staatverdwenen.

Wat ik aan mijn islamitische medelanders vraag, is iets anders. Erkendat de staat een eigen instelling is met eigen verantwoordelijkheden enmachtsmiddelen. Erken dat het gezag van een geloofsgemeenschap niet anderskan zijn dan geestelijk, en wel door het woord dat ze spreekt en delevensstijl die ze zichtbaar maakt. Erken dat een geloofsgemeenschap afmoet zien van wapens en andere machtsmiddelen om haar geloof te verbreiden,niet alleen uit pragmatisch oogpunt (zoals in West-Europa door de meestemoslims wordt voorgestaan), maar ook uit principiële overwegingen (dusanders dan in de meeste overwegend islamitische landen wordtgepraktiseerd).

Als defensie en justitie in het vizier komen, lijkt me deze vraagrelevant: Kent u ook nog andere loyaliteiten dan die tegenover de 'Oemma'?Ik vraag het omdat naar mijn indruk de meeste moslims hard schreeuwen alshun broeders onrecht aangedaan wordt en even hard zwijgen als hun broederszelf onrecht doen. Dit is het punt van Ajouaou. Met zo'n levenshouding kanniet in ons leger en in onze gevangenissen worden gewerkt.

Dus voor de goede orde: ik vraag geen religieus relativisme maar puurfysieke ruimte voor andersdenkenden, en dat van harte. Dus, anders danAjouaou, begrijp ik dat moslims de 'Oemma' beleven als de gemeenschap waarze het meest wezenlijke van hun leven met elkaar delen maar vraag ik hunniettemin om loyaal zijn tegenover de Nederlandse samenleving zoals dieonder andere in leger en gevangenis vorm krijgt.

Snelle geruststellende antwoorden op deze vragen wantrouw ik. Degeschiedenis van de islam en de huidige situatie in de landen waar de islamdominant is, wijzen namelijk in een andere richting. Maar dit lijken me welde vragen die echt relevant zijn om imams in de polder het vertrouwen tegeven dat ze nodig hebben om in de gevangenis en in het leger te werken.Dit lijkt me meer ter zake dan de geforceerde shortcut to enlightenmentdie Ajouaou van hen vraagt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden