'Isis zal klein deel veroverd gebied vasthouden'

Militair historicus Klep ziet strijders in Irak operationele tempo niet volhouden. 'Je moet ze op hun eigen kracht pakken: op ze jagen, mobiel zijn'.

Hoe is het mogelijk dat een paar duizend fanatieke strijders in Irak een nationaal leger van honderdduizenden manschappen bijna fluitend opzij schuift? Gisteren namen de mannen van Isis volgens eigen zeggen de grootste raffinaderij van Irak in. Kan dat zo eindeloos doorgaan? "Nee", denkt militair historicus Christ Klep. "Isis kan dit operationele tempo nooit volhouden."

Beter dan dat de strijders vanzelf opbranden, zou natuurlijk zijn als het centrale gezag in Bagdad de beweging op eigen kracht stopt. Dat wordt echter een hele klus met een bewezen ongemotiveerd leger, dat in een paar weken volgens sommige tellingen 90.000 manschappen verloor omdat ze overliepen of het hazenpad kozen. "Een leger weerspiegelt de kracht van een land", zegt Klep. "Aan de staat van het leger kan je zien dat Irak een volslagen incompetente natie is."

Isis daarentegen heeft de wind op verschillende vlakken juist mee. "Zo'n opstandelingenleger drijft op motivatie en praktische zaken. Ze hebben bijvoorbeeld baat bij het goede wegennet in Irak. Ze kunnen zich razendsnel verplaatsen, tot wel 150 kilometer per dag. Dan kan je in een week het halve land door."

De radicalen hebben ook baat bij de medestanders die ze onderweg tegenkomen. "Een opstandelingenleger is een soort ballon. Je hebt een harde kern van gemotiveerde mannen, soms maar honderden, hooguit een paar duizend. Maar onderweg sluiten zich de zogenoemde 'weekendterroristen' aan, parttimers, opportunisten. In twee dagen kan een strijdmacht uitgroeien van honderd tot duizend man."

In het noordwesten van Irak is er de plaatselijke bevolking die een hekel heeft aan het centrale gezag in Bagdad. Makkelijk te rekruteren volk dus. En er zijn andere groepen waarmee Isis een alliantie aan kan gaan, zoals bijvoorbeeld milities van baathisten - aanhangers van voormalig dictator Saddam Hoessein. Klep: "Dat is een voordeel. Terwijl dat soort groepen in 'veroverd' gebied achterblijven, trekt de harde kern verder."

Toch is er een einde aan wat Isis op eigen kracht voor mekaar kan krijgen. Er kunnen conflicten uitbreken met 'bondgenoten', zoals nu al hier en daar gebeurt met de baathisten. Klep: "Dan moet Isis met geweld 'eigen' gebied gaan heroveren. Sowieso is het tempo dat Isis nu laat zien niet vol te houden, dat kan hoogstens weken, geen maanden. Mijn voorspelling is dat Isis uiteindelijk maar een klein deel van het veroverde gebied zal kunnen vasthouden."

Isis heeft volgens Klep zwakke plekken die een gemotiveerde en geoutilleerde tegenstander kan gebruiken. Dat de strijders in konvooien over de wegen racen maakt ze bijvoorbeeld kwetsbaar vanuit de lucht. "Luchtaanvallen kunnen op korte termijn heel effectief zijn", zegt Klep. "Als je zo'n konvooi in het vizier hebt, dan maken ze weinig kans. Het alternatief voor Isis is dat ze in kleine groepjes optrekken, maar dan verliezen ze hun kracht."

Vandaar dat de Irakezen de Amerikanen welhaast smeken om luchtsteun. Irak heeft ook een luchtmacht, maar die was deze week al door zijn raketten heen. Toch valt van de Amerikanen niet zomaar hulp te verwachten, zegt Klep. "Je hebt een hoop assets nodig - gevechtsvliegtuigen, helikopters, radar, drones, doelaangevers." Er zijn twee methodes: bombardementen met gevechtsvliegtuigen die een doel aangewezen krijgen vanaf de grond, en bombardementen op basis van spionagedrones. Informatievoorziening is cruciaal.

Doelaanwijzers - commando's die in vijandig gebied doordringen en met lasers doelen aangeven - geven het nauwkeurigst resultaat maar hun inzet is ook meteen risicovol. Klep: "De kans dat Amerikanen commando's inzetten lijkt me klein: Obama zal niet willen riskeren dat zijn mensen in handen vallen van Isis." De inzet van drones vergt de inzet van veel materiaal, omdat de onbemande vliegtuigjes al rondvliegend op zoek moeten naar doelwitten, en ze zijn niet zo nauwkeurig (met het risico op onschuldige slachtoffers).

Beide methodes zijn duur, en zelfs de Amerikanen kunnen zich niet alles meer veroorloven. "Om effectief te zijn, zijn minstens tien squadrons van vijftien of twintig vliegtuigen nodig. Dat is ook voor de Amerikanen een forse inzet. En als je alles eenmaal ter plaatse hebt dan zit je er wel een tijd aan vast. Feitelijk breng je je luchtmacht dan weer terug in Irak, en dat zullen de Amerikanen niet zo snel doen."

De driehonderd adviseurs die de VS nu naar Irak sturen, zijn ook precies dat, denkt Klep: mannen die de Irakezen een opfriscursus geven. Ze zullen wijzen op een andere methode dan de luchtaanval: de directe confrontatie. Daarvoor moeten de Irakezen wel eerst gemotiveerde troepen zien te vinden, mogelijk binnen de elite-eenheden van het leger. Klep: "Je ziet dat als je georganiseerde tegenstanders hebt, zoals de Koerdische pesjmerga's, Isis niet veel in de melk te brokkelen heeft."

Belangrijk is volgens Klep dat het leger Isis pakt op diens eigen kracht: "Je moet op ze jagen, mobiel zijn. Je moet niet proberen ze op een conventionele manier te verslaan, via een offensief - dan ben je veel te langzaam en kwetsbaar. Je moet Isis fysiek onschadelijk maken, niet verdrijven. Want anders zijn ze over een jaar weer terug."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden