Isis maakt elke religie te schande

De extremistische strijdgroep Isis maakt in Irak niet alleen de islam te schande, maar ook religie in het algemeen. Hoe kunnen andere religies hun schade beperken?

ERIK BORGMAN

We moeten in ieder geval niet ons eigen christelijke straatje schoonvegen. In de eerste plaats zou een pr-campagne niet werken, maar dat is niet het voornaamste. We zijn verplicht critici serieus te nemen.

We moeten de vraag durven stellen of wat Isis nu doet in Irak ook iets over onszelf zegt. Als het onze religieuze taak is het kwaad te bestrijden, dan moeten we dat ook doen als het bij onszelf te vinden is. De waarheid is uiteindelijk meer in ons belang dan een betere pers, en inzicht maakt het misschien mogelijk iets te veranderen. Religie is een rem op al te strategisch denken, op het zien van de wereld in termen van eng opgevat eigen belang. Als er bij jou een probleem is, moet je dat willen toegeven.

Tegelijkertijd denk ik wel dat religie te snel wordt aangewezen als oorzaak van geweld. Geweld is een onderdeel van onze wereld. We hebben bijna zeventig jaar in Europa geen grote oorlog gehad en daardoor zijn we blijkbaar gaan denken dat geweldloosheid de regel is en geweld de uitzondering. Maar geweld is er altijd en overal. De gradaties kunnen aanzienlijk verschillen, per tijdperk en per regio, maar een gewelduitbarsting is altijd een mogelijkheid. Wie denkt dat geweld een uitzondering is, zoekt, als geweld zich toch voordoet, een oorzaak en sommigen wijzen dan naar religie. Maar een geweldsuitbarsting heeft altijd een veelheid aan oorzaken.

Isis presenteert zichzelf inderdaad als zeer religieus en zeer gewelddadig. Maar het feit dat zij zichzelf stileren als bron van het geweld, betekent niet dat zij het ook zijn. Dat er ook Irakezen blij zijn met Isis laat minstens zien dat de situatie voor hun komst ook gewelddadig

was en voor sommigen gevaarlijker dan de situatie nu. Is religie misschien toch een extra kruitvat, dat elk moment kan ontploffen? Ik denk vooral dat menselijke samenlevingen kruitvaten zijn. Neem Rwanda: mensen woonden op het oog vredig naast elkaar en ineens was daar die enorme genocide op vooral Tutsi's. Natuurlijk kunnen ook religieuze gevoelens geweld aanjagen.

De universele pretenties van religies kunnen mensen ertoe aanzetten andersdenkenden te bestrijden, minder waard te vinden en te verjagen of te doden. Maar religie kan ook een rem op geweld zijn, uitgerekend door diezelfde universele pretenties. Ze keren zich tegen de verabsolutering van groepsbelangen. Toen de Spanjaarden in de zestiende eeuw Zuid-Amerika veroverden en de Indianen onderwierpen, kwamen er tallozen om. Dat leidde tot protest: dat kon de bedoeling niet zijn, Indianen zijn toch ook schepselen van God! Anderen beweerden vervolgens dat Indianen geen echte mensen waren, maar er ontstond debat. Intern debat is belangrijk. Daarin is het zelfreinigend vermogen van religie te vinden.

Er zijn veel moslims die grote bezwaren hebben tegen wat Isis doet, die zich ervoor schamen. Kun je via een dialoog het interne debat bij de moslims hierover stimuleren? Ik denk het niet. Dialoog moet je bij voorkeur niet beginnen naar aanleiding van gemeenschappelijke afkeer. Dan wordt het snel een wedstrijd wie dat wat verschrikkelijk is het meest verschrikkelijk vindt. Een dialoog zou moeten gaan over wat we wél willen met religie en of daarbij de ene traditie iets van de andere kan leren. Dat is een zaak van lange termijn.

Erik Borgman is hoogleraar theologie aan de Universiteit van Tilburg

undefined

MATTHIAS SMALBRUGGE

De media stellen de strijd tussen soennieten en sjiieten vaak voor als een soort Hoekse en Kabeljauwse twisten. In die visie is de religie weinig meer dan de uiterlijke verpakking van grote machtsconflicten die een heel andere achtergrond zouden hebben. Onderhuids blijft wel degelijk een afkeer van religie een rol spelen. Onbewust wekt godsdienst weerzin en ook daarom verklaren we het maar al te graag weg.

Als we iets willen bereiken, zullen we moeten ophouden te doen alsof dit soort conflicten eigenlijk geen relatie met godsdienst zou hebben. Die jongen die vanuit Nederland naar Syrië of Irak reist om te vechten heeft een theologisch verhaal, waarvoor hij zelfs bereid is te sterven. Daarop zullen we een theologisch antwoord moeten geven, anders begrijpt hij het niet of neemt hij het niet serieus. Voor terreurbestrijding heb je dus niet alleen maar sociologen of arabisten nodig, maar ook theologen.

Het is moeilijk te voorspellen hoeveel schade niet alleen de islam maar religie in het algemeen zal oplopen door wat in Irak gebeurt. Onze samenleving is religie ontwend. Daardoor kunnen we ook niet meer adequaat reageren als religie ontspoort. Doorgaans zie je bij belangrijke menselijke drijfveren een mooie 'voorkant' en een lelijke 'achterkant'. Dat vinden we, als het om andere dingen gaat dan religie, heel gewoon. Liefde kan ontaarden in een ongeremd machtsspel en slaafse afhankelijkheid. Dat is een reëel risico. Toch blijven we trouwen of samenlevingscontracten sluiten.

Politiek is een mooi maatschappelijk samen- spel maar we kennen ook de lelijke achterkant. Hetzelfde geldt voor gezag, dat kan ontaarden in dwingelandij. En een overtuiging kan om

slaan in fanatisme. Het gaat erom het juiste evenwicht te zoeken tussen die mooie 'voorkant' en de lelijke 'achterkant'. Meestal beschikken we wel over het gereedschap om die balans te vinden. Half Nederland is in therapie om het gevoelsleven op orde te krijgen. De media houden de politiek en het gezag in de gaten. Net als al die andere innerlijke drijfveren van mensen heeft ook de religie haar 'lelijke achterkant'. Zij kan bijvoorbeeld ontaarden in een mechanisme van uitsluiting en diabolisering van andersgelovigen en ongelovigen.

Maar als het om religie gaat, ontbreekt het instrumentarium om met de schaduwzijden om te gaan, doordat we de omgang ermee zijn ontwend. Als we zien wat er in Irak gebeurt, of als er in Ierland achthonderd kinderlijkjes worden gevonden bij een kerkelijk opvangtehuis voor ongetrouwde jonge moeders, kunnen we dat niet duiden en blijft het bij angst en afschuw.

Zelfs als nu een hoofdstroom van onze samenleving religie afwijst, zijn er nog steeds groepen die godsdienst wel wezenlijk vinden. Hier, maar zeker in andere delen van de wereld. Die jongen die naar Syrië gaat, zullen alleen theologische tegenargumenten interesseren. Bovendien zal hij alleen luisteren naar iemand van zijn eigen godsdienst en van hetzelfde segment van die religie als waartoe hij behoort. Dat zijn enorme hindernissen. Je kunt alleen via kleine stappen bij die jongen 'binnenkomen'. Een goed begin zou een echte dialoog met de islam kunnen zijn. Niet over religieuze dogma's, want daarover word je het nooit eens, maar over zingeving kun je wel een goed gesprek voeren.

Matthias Smalbrugge is predikant in Aerdenhout en hoogleraar kerk en cultuur aan de Vrije Universiteit in Amsterdam

theologisch elftal

Smalbrugge De Korte - Jansen - Kalsky Leegte - Van Vlastuin - Klapheck Tollefsen - Van der Graaf Borgman - Nissen

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden