Interview

Isabel Allende: 'Ik heb geen tijd meer te verliezen'

Isabel Allende: 'Schrijven geeft me de kans ervaringen en emoties te ordenen, de betekenis ervan te onderzoeken en ze daardoor beter te begrijpen, zodat ik ze uiteindelijk kan accepteren.' Beeld Mark Kohn

Het leven van schrijfster Isabel Allende was altijd al bewogen. Het afgelopen jaar kwam daar nog een scheiding bij en een nieuw boek. Een gesprek over ouder worden en de blijvende behoefte aan liefde.

De trappen in haar Amsterdamse hotel vindt ze een beetje eng, bekent Isabel Allende. "Vroeger zou ik ze op en af zijn gerend, maar nu ben ik banger om te vallen." Dat hoort erbij als je ouder wordt, beseft ze. Maar we moeten niet overdrijven. Haar moeder van 95, die is zo langzamerhand écht oud. Zelf is ze op haar 73ste fysiek nog altijd ijzersterk en geestelijk niet minder. Daarvan getuigt alleen al haar aanhoudende literaire productie, nu alweer 33 jaar na haar doorbraak met het magisch-realistische 'Het huis met de geesten'.

Het succes van haar laatste boek 'De Japanse minnaar' was aanleiding voor de wereldtournee die haar afgelopen weekend ook naar Nederland voerde. Zoals we van Allende gewend zijn, is het een kleurrijke, meeslepende vertelling waarin levens en gebeurtenissen ingenieus in elkaar grijpen. Hoofdpersoon is Alma, een bejaarde Joodse vrouw van Poolse afkomst die als meisje van 10, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, wordt ondergebracht bij rijke familieleden in de omgeving van San Francisco. Ze raakt er bevriend met Ishimei, de tuinmanszoon die later haar minnaar zal worden.

Uw nieuwste boek bevat nog wel een vleugje magisch realisme, maar veel meer licht ironische observaties over de werkelijkheid. Is er nog iets buiten de tastbare wereld waarin u gelooft?
"Heel veel zelfs. Ik denk dat wij mensen maar weinig weten, op weinig dingen vat hebben. Daarom sta ik voor alles open, in mijn schrijverschap, maar ook in het leven. Niet dat ik geesten zie, maar ik ben er heilig van overtuigd dat de werkelijkheid een spirituele dimensie heeft."

Die dimensie ervaart u ook in uw eigen leven?
"O ja, constant. Ik voel bijvoorbeeld de aanwezigheid van mijn dochter Paula, die meer dan twintig jaar geleden overleed (aan de genetische ziekte porphyria, red.). Voor mij is zij net zo dichtbij als mijn moeder, die in Chili woont. Ik kan niet voortdurend bij mijn moeder zijn, maar er is wel altijd contact, en voor mijn dochter geldt hetzelfde. Nogmaals: het gaat niet om waanbeelden. Het is eerder een training van het geheugen, een oefening in liefde vooral."

In uw boek komen allerlei onderwerpen uit de moderne geschiedenis voorbij, zoals de concentratiekampen in Europa, maar ook de concentratiekampen voor Japanners in Amerika. Een minder bekend trauma.
"Omdat niemand er ooit over praatte, maar het feit ligt daar. Na het bombardement op Pearl Harbor, in december 1941, waren de Amerikanen bang dat Japan het vasteland zou aanvallen vanuit de Pacific. De regering besloot toen de hele kuststreek tot militaire zone te verklaren en alle mensen van Japanse origine, ook degenen die de Amerikaanse nationaliteit hadden, in kampen op te sluiten. Die internering duurde tot de capitulatie in augustus 1945. Na de oorlog was het onderwerp volstrekt taboe in Japanse kringen. Te vernederend. Nu pas zijn het de kleinkinderen van de toenmalige geïnterneerden die hun mond opendoen."

Uw boek heeft iets weemoedigs doordat de levens van de personages - in het bijzonder die van Alma en Ishimei - in terugblikken worden verteld. Het confronteert je ook met ouder worden. Houdt dat u bezig?
"Zeker, vooral in combinatie met liefde. Kun je later in je leven nog een romantische, gepassioneerde verhouding hebben? Kan liefde blijvend zijn, en wat is liefde eigenlijk? Die vragen zaten voorin mijn hoofd omdat ik het boek schreef toen mijn huwelijk op zijn eind liep, na meer dan 25 jaar."

Liefde en een scheiding lijken nogal in tegenspraak met elkaar.
"Mijn man Willie (misdaadauteur en voormalig advocaat Willie Gordon, red.) en ik zijn niet van de ene dag op de andere uit elkaar gegaan. Ons huwelijk ging geleidelijk achteruit, ook al hebben we van alles geprobeerd - ook therapie - om het te redden. Ik hou ook nog steeds heel veel van Willie. We zijn goede vrienden nu. Maar de afgelopen jaren heeft de liefde dus continu bovenaan mijn prioriteitenlijstje gestaan, en dat is nog steeds zo. Niet dat ik terug wil naar wat ik had, maar ik realiseer me wel dat ik liefde nodig heb in mijn leven. Ik wil graag weer een partner hebben, zo simpel is het."

Biedt schrijven u troost?
"Nee, behalve toen ik mijn boek 'Paula' schreef na het overlijden van mijn dochter. Dat boek heeft me geholpen alle pijn te verdragen. Maar verder is er niets veranderd. Ik ben nog steeds dol op schrijven en zie in elk boek weer een nieuwe uitdaging. Inmiddels weet ik dat ik kan schrijven, maar ik weet nooit of dát boek me gaat lukken. Dus heb ik elke keer weer diezelfde kriebel in mijn maag die ik had toen ik begon, dat gevoel dat ik zonder enig houvast een onbekend gebied betreed."

U begint altijd aan een nieuw boek op 8 januari. Is dat om de goden gunstig te stemmen?
"Aan mijn eerste boek Het huis met de geesten begon ik op 8 januari, dus ik denk inderdaad dat dat voor mij een geluksdag is. Maar het heeft ook te maken met discipline want mijn leven is gecompliceerd. Ik moet reizen om mijn boeken te promoten, ik heb een zoon, een schoondochter, kleinkinderen en ik moet regelmatig naar Chili omdat mijn moeder en stiefvader allebei nog leven. Dus moet ik elk jaar een paar maanden vrij houden waarin ik in alle rust kan schrijven. In die periode maak ik geen afspraken en neem ik geen telefoon op. Ik ben gewoon niet beschikbaar."

Uw moeder schrijft u elke dag, begreep ik.
"En ik schrijf haar. Dat gesprek gaat gewoon door, inmiddels via de mail. Al die mailtjes print ik en stop ik in dozen, net als vroeger de brieven. Inmiddels heb ik een kast vol dozen. Binnenkort wil ik alles digitaal opslaan, want de oudste brieven dreigen uit elkaar te vallen. Ik ben er zuinig op, want het is mijn hele leven. Als ik ooit weer een autobiografisch boek wil schrijven, ligt het eigenlijk al voor me klaar."

U zei net dat schrijven voor u nog steeds hetzelfde betekent, maar bent u dezelfde schrijver gebleven?
"Alles verandert in de loop der tijd. Ik ben niet meer degene die ik 35 jaar geleden was toen ik Het huis met de geesten schreef. De wereld is veranderd, de literatuur is veranderd, dus ook mijn schrijverschap is veranderd. Ik heb niet meer de barokke stijl uit mijn beginjaren. Ik woon in de Verenigde Staten en hoewel ik nog steeds in het Spaans schrijf, spreek ik hoofdzakelijk Engels. Die taal is directer, doelgerichter, met veel minder voorzetsels. Dat klinkt door in mijn huidige woordkeus, en ongetwijfeld ook in de manier waarop ik denk.'

In uw boek laat u Alma opmerken dat ouder worden mensen niet wijzer of beter maakt, maar vooral benadrukt hoe ze altijd al waren.
"Dat is geen gulden regel, maar ik zie het om me heen. Als mensen geen enkele emotionele, psychologische of spirituele groei doormaken, dan worden ze er natuurlijk niet wijzer op. Ik vind dat je je moet voorbereiden op de ouderdom, en dat betekent: je hoofd helder houden, je hart open en je lichaam zo gezond mogelijk. Dan heb je tenminste een kans dat je straks iets bent opgeschoten."

Dat laatste geldt ook voor u?
"Ik hoop van wel. Ik doe in elk geval mijn best."

Hoe gaat dat precies, uw hoofd helder houden?
"Ik blijf nieuwsgierig. Ik lees, doe onderzoek voor mijn boeken en zorg dat ik geïnformeerd blijf. Wat ik in elk geval niet doe, is mijn hoofd volstoppen met ballast. Daardoor blijft er plaats voor nieuwe ervaringen, of die nu goed of slecht zijn. Ik ben niet bang om te lijden, dus ik kan risico's nemen."

Wat moeten we ons voorstellen bij die geestelijke ballast?
"Allerhande rommel. Ik vertelde al over mijn scheiding. Willie en ik woonden in een mooi, groot huis. Toen we uit elkaar gingen, vertrok Willie naar een kleiner huis. Ik bleef alleen achter en voelde het gewicht van het huis op me drukken, met alle meubels, kleden, schilderijen enzovoort. Na een paar maanden ben ik ook verhuisd, naar een heel klein huis waar al die spullen niet in pasten. Binnen drie dagen wist ik dat ik nooit meer terug wilde omdat ik me bevrijd voelde. Geestelijk werkt dat net zo. Je moet jezelf verlossen van de rommel die in je hersens rondhangt, vooral van alle negativiteit. Dan leef je veel lichter."

Schrijven helpt u bij dit reinigingsproces?
"Absoluut. Het geeft me de kans ervaringen en emoties te ordenen, de betekenis ervan te onderzoeken en ze daardoor beter te begrijpen, zodat ik ze uiteindelijk kan accepteren. Als ik iets eenmaal heb opgeschreven, is het geen ballast meer."

U had het net over liefde als hoogste prioriteit. Zijn uw verdere prioriteiten door de jaren heen veranderd?
"Ik ben vooral duidelijker geworden. Dingen die ik niet wil doen, doe ik ook niet meer. Grote feesten bezoeken bijvoorbeeld, of meedoen aan groepsdiscussies die nergens over gaan. Ik praat alleen nog in kleine kring, met mensen die me interesseren. Als een film in de bioscoop me niet bevalt, stap ik op, terwijl ik vroeger gebleven zou zijn. Boeken waar ik niet in kom, leg ik weg, en eten dat ik niet lekker vind, laat ik staan. Ik heb geen tijd te verliezen."

Bent u lastiger geworden in de omgang?
"Welnee, want ik speel het nooit hard. Als ik word uitgenodigd voor een feest, zeg ik niet: 'Ik haat feesten!' Ik meld alleen beleefd dat de datum me helaas niet schikt."

Het is alweer bijna november. Begint u straks weer aan een nieuw boek?
"Ik hoop het. Dit jaar heb ik niet kunnen schrijven. Mijn manager ging dood, mijn hond ging dood, mijn moeder viel en brak haar heup. En dan nog de scheiding, die de meeste pijn heeft veroorzaakt. Ik heb nog steeds moeite om me aan te passen aan de veranderde omstandigheden, maar ik verwacht dat ik volgend jaar weer vol energie aan de slag ga. Inspiratie is normaal het punt niet. Zodra ik mijn neus buiten de deur steek, krijg ik de mooiste verhalen te horen. Iedereen zou een boek kunnen zijn."

60 miljoen exemplaren

Isabel Allende (1942) maakte aanvankelijk carrière als journaliste. Nadat een militaire junta in 1973 de regering van haar oom Salvador Allende ten val had gebracht, vluchtte ze - inmiddels moeder van twee kinderen - uit Chili naar Venezuela. Hier schreef ze 'Het huis met de geesten' (1982), dat haar op slag beroemd maakte. Inmiddels verschenen 21 boeken, vertaald in 30 talen, waarvan ruim 60 miljoen exemplaren werden verkocht. De talloze literaire prijzen die ze kreeg, boeien haar steeds minder. 'Ik zoek geen baan, dus wat moet ik met een lang cv?'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden