'IS richt opnieuw verwoestingen aan in Palmyra'

De graftomben in Palmyra op archiefbeeld.Beeld REUTERS

Strijders van Islamitische Staat (IS) hebben in de ruïnes van Palmyra opnieuw verwoestingen aangericht. Volgens Maamoun Abdelkarim, het hoofd van de oudheidkundige dienst in Damascus, zijn drie torens opgeblazen die als graftombes dienden.

Volgens Abdelkarim vonden de verwoestingen tien dagen geleden al plaats. Een van de drie verwoeste graftorens is de van Elahbel uit 103 na Christus, die vier verdiepingen hoog was en een ondergrondse ruimte had.

De graftorens, die net buiten de stad werden gebouwd, waren bedoeld om sarcofagen in onder te brengen. De torens waren voor de burgeroorlog in 2011 in Syrië uitbrak een belangrijke toeristische trekpleister in de archeologische woestijnstad.

Tempel van Bel
Afgelopen zondag blies IS ook al de tempel van Bel op, de grootste tempel van Palmyra. Het heiligdom was in de eerste eeuw na Christus een van de belangrijkste religieuze gebouwen in het Midden-Oosten. Onlangs werd ook de tempel van Baal Shamin vernietigd.

IS blies kort geleden ook twee oude tombes op. Eén is de zevende-eeuwse tombe van Mohammed bin Ali, een zoon van Ali (de neef van de islamitische profeet Mohammed), ten noorden van Palmyra. IS beschouwt graftombes als heiligschennis en afgoderij. De beweging heeft in Syrië en Irak inmiddels tientallen grafmonumenten opgeblazen.

De tempel van Bel.Beeld reuters

Ruïnestad
De ruïnestad Palmyra ligt naast de moderne stad Tadmur. IS nam beide plaatsen, die in een oase ruim 200 kilometer ten noordoosten van Damascus liggen, in mei in. Direct werd gevreesd dat IS verwoestingen zou aanrichten aan de ruïnes, maar de terreurgroep liet de historische monumenten in Palmyra aanvankelijk ongemoeid. Langzaam maar zeker vallen de Romeinse tempels, antieke grafmonumenten, standbeelden en nu ook de graftorens toch ten prooi aan de vernielzucht van de extremisten.

Inmiddels heeft IS een spoor van vernielingen aangericht onder oudheden in zowel Syrië als Irak. Vorige maand onthoofdde IS ook een 82-jarige archeoloog die zich meer dan de helft van zijn leven had gewijd aan het behoud van Palmyra.

Pamyra, de Stad van de Palmbomen, staat op de Unesco-werelderfgoedlijst. De stad was 2000 jaar geleden een oase op de zijderoute en werd schatrijk doordat bewoners de handelaren bescherming boden tegen de rovende bedoeïnen.

De Tempel van Bel is zondag opgeblazen door terreurbeweging Islamitische Staat. Archeoloog dr. Olivier Nieuwenhuijse legt in dit artikel uit wat er verloren is gegaan.

Beeldenstorm
Een beeldenstorm in Palmyra kan van een heel andere orde zijn dan eerdere sloopsessies, zei de Leidse archeoloog Olivier Nieuwenhuijse in mei in Trouw. "Die stad is uniek. Omdat ze zo groot is, maar ook omdat de kunst die er te vinden is, afwijkt van die in andere Syrische en Iraakse plaatsen. Palmyra was ten tijde van het Romeinse Rijk een stadsstaatje, een op zichzelf staande cultuur. Als IS flink huishoudt, kan die cultuur bijna helemaal verloren gaan."

Lang niet alle kunstschatten in Palmyra hebben een religieus karakter. Een deel bestaat uit seculiere werken, zoals beelden van voorname en welgestelde personen, en uit metershoge zuilen. Nieuwenhuijse verwacht echter dat IS zich daar weinig van zal aantrekken. "Die beeldenstormers zullen denken: het hoort allemaal bij die blasfemische cultuur. Het moet allemaal kapot."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden