Is negatieve inflatie een zegen of een vloek?

Als de huidige ontwikkeling aanhoudt, draait de economie in de prut, zegt de theorie. Zo ver is het nog niet.

Het leven in de maand juli was 0,3 procent goedkoper dan in juli 2015. Zo'n prijsdaling van goederen en diensten is in geen dertig jaar voorgekomen in Nederland. Kan de vlag uit, of is er reden voor zorg?

Dat ligt eraan. Wie veel belt, een dorstige auto rijdt én net een vakantie naar de Canarische Eilanden heeft geboekt, is minder geld kwijt dan vorige zomer. Energie, vakanties en telefoontarieven zijn in prijs gedaald, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Wie zijn slag dacht te slaan door in de uitverkoop een goed pak of mooie jurk te kopen, heeft van de negatieve inflatie weinig gemerkt. De afprijzingen in kledingwinkels waren dit jaar een stuk minder uitbundig dan in 2015.

Nu daalt de energieprijs al sinds 2013 stevig. En de prijs van goederen stijgt - gemiddeld - al niet meer sinds begin 2014; dankzij de lage energieprijs is het immers goedkoper om ze te produceren en te transporteren. Wat maakt dan dat de inflatie nu onder de 0 procent duikt?

Een belangrijke oorzaak, zegt het CBS, zijn de huurprijzen. Die tellen stevig mee in het inflatiecijfer en zijn dit jaar met 1,8 procent aanzienlijk minder gestegen dan in 2015. Toen betaalden huurders 2,4 procent extra. Dat betekent dat huren de inflatie minder opstuwen.

Een maand negatieve inflatie heeft geen vergaande gevolgen. Dat kan anders zijn als goederen en diensten maanden op rij in prijs dalen. De laatste keer dat dat gebeurde was in 1986-87, toen de inflatie zo'n anderhalf jaar onder nul bleef.

In die jaren maakte men zich er niet zo druk om. Of daar nu wel aanleiding toe is, is afwachten. In een toelichting benadrukt CBS-econoom Peter Hein van Mulligen dat de negatieve inflatie die we nu zien iets anders is dan deflatie. Bij deflatie daalt er veel meer: ook bijvoorbeeld lonen en huizenprijzen. Dat gebeurt nu niet: lonen gingen in juni met 2 procent omhoog en de huizenprijzen 'stijgen zelfs het sterkst in jaren', aldus Van Mulligen.

De economische theorie zegt dat het gevaar bestaat dat bij aanhoudende prijsdalingen de economie de prut indraait, omdat de consument vooral grote uitgaven zal uitstellen. Waarom zou je vandaag een bankstel kopen, als dat de volgende maand goedkoper is? Het CBS, en eerder het Centraal Planbureau, denken dat het zo'n vaart niet zal lopen.

Dan zijn er de schulden. Is er inflatie, dan vreet geldontwaarding aan hun waarde. Die verdampt een beetje ieder jaar dat er inflatie overheen gaat. Voor negatieve inflatie geldt het omgekeerde: die drijft de waarde van schulden op. Dat kan, als de inflatie lang onder nul blijft, lastig zijn voor huizenbezitters met een hypotheek. Maar de giftige cocktail van schulden die in waarde stijgen terwijl de huizenprijzen dalen - zoals bij deflatie - wordt nu niet opgediend.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden