Is kritiek op de eigen traditie goed of slecht?

’Veel christenen dragen een kruis om hun nek en willen zo hun geloof uitdragen. In de architectuur van kerken komt de vorm vaak terug, en centraal in een kerk is de figuur van de lijdende Jezus aan het kruis genageld, schrijft Maaike Graaff in Intensief, van het Studentenplatform voor levensbeschouwing. Zo stelt de Evangelische Omroep op haar website: ’In Zijn dood aan het kruis heeft Hij dus plaatsvervangend onze straf ondergaan. Het kruis is daarom een symbool van vergeving, genade en leven’. Graaff vindt het maar niks. „Het kruis is een gewelddadig symbool en hoort niet in het christendom thuis. Door het kruis als symbool te nemen, wordt de dood belangrijker dan het leven. Het kruis verdraait in die zin de betekenis van het christelijk geloof. Het is een misplaatst symbool.”

Jezus heeft geleden, dat wil Graaff niet ontkennen. „Maar waarom moeten we de nadruk leggen op de gruwelijke vernedering? Het zou passender zijn om de nadruk te leggen op de liefde waarmee dat lijden voor ons ondergaan is. Een hart bijvoorbeeld zou daar veel mooier naar verwijzen dan een kruis.”

Laat het de Dalai Lama maar niet horen. In Zens, tijdschrift voor zingeving en spiritualiteit, zegt hij: ,,Voor mij is boeddhisme de enige waarheid en de enige religie. Maar mijn christelijke broeders en zusters zeggen dat evengoed over het christendom. Gevolg: verschillende waarheden en verschillende religies. Dan wordt het moeilijk. Daarom: probeer uit te gaan van één religie of waarheid.”

’Een ietwat vreemde uitspraak misschien’, constateert interviewer Geert de Weyer terecht. Het boegbeeld van tolerantie blijkt wars van relativisme en vindt dat een boeddhist een boeddhist moet blijven, en een christen een christen. Verandering of vermenging van religieuze beelden is voor hem uit den bozen. ,,Je hebt als Europeaan je eigen cultuur. Die cultuur is erg beïnvloed door het christendom. Om die reden is het gezonder die traditie in ere te houden. Anders leidt dat tot frustratie. Ik hoop dat je je eigen traditie niet bekritiseert. Je moet respect blijven tonen, want geloof is heilzaam en een bron van inspiratie voor een hele hoop anderen.” Die kan Graaff, die het christelijke kruis bekritiseert, in de zak steken.

Net als zijn orthodoxe katholieke en protestantse collega’s heeft de Dalai Lama veel verstand van seks, en de ideeën erover van deze celibatair levende monnik zijn zo uitgesproken dat het de onvoorbereide lezer onthutst. ’En homoseksualiteit’, vraagt De Weyer. „Hoho, alle vormen van seksualiteit worden voor monniken en nonnen beschouwd als ongewenst gedrag. (Hij wijst naar de mond.) Het gebruik van de mond valt daar ook onder. (Hij wijst naar zijn achterwerk.) Net als using your other hole. Waarom? (Hij lacht hard.) Het doel is voortplanting. Dit (hij wijst opnieuw naar zijn mond) heeft niets te maken met voortplanting, toch?!”

,,Op mijn opmerking dat het misschien wel leuk is om te doen, volgt een scherpe, giechelende lach. Zijn gezelschap giechelt mee, zij het een beetje onthutst. De Dalai Lama zelf buigt zich samenzweerderig naar voren, grijpt me bijna sussend bij mijn onderarm. ’Waar het in wezen om draait, is dat wanneer je besluit je religie of traditie serieus te nemen, je de principes ervan zou moeten volgen.” En die zijn voor de Dalai Lama onveranderbaar. Wat ongelovigen doen, zal hem een zorg zijn. ,,Als je er niet veel interesse voor toont, is het allemaal aan jou om te beslissen wat je wilt.”

Wat de Dalai Lama zelf ten diepste van zo iemand vindt, zegt hij niet. Gezien zijn geloof dat hij in de absolute waarheid gelooft, is het hogere acrobatiek om desondanks niet hooghartig te zijn.Speling, tijdschrift voor bezinning, zoekt zich een weg door de verschillende waarheidsopvattingen en de consequenties daarvan. Grofweg bestaan er twee opvattingen over ’de waarheid van het zelf’, schrijft psychotherapeut Arthur Gerritsen. Descartes ging uit van een autonoom zelf. Met zijn bekende uitspraak ’Ik denk dus ik ben’, centreerde hij het denken in het zelf los van de ander. Tegenwoordig gaan velen uit van het bestaan van een dialogisch zelf. „Dit dialogisch zelf is als een samenleving bevolkt door anderen die afkomstig zijn van allerlei tijden en plaatsen. Het is meerstemmig, heeft verschillende ik-posities.” In zijn praktijk ontmoet Gerritsen veel mensen die verlangen naar een innerlijk kompas, een innerlijke kern die oriëntatie geeft, een waar dus goddelijk Zelf. ,,In ons zelf blijkt echter geen eenduidigheid te bestaan, het is meerstemmig. Dit blijkt voor velen belastend en angstwekkend.” Pas als iemand werkelijk kan openstaan voor anderen, kan hij onzekerheid toelaten en is dit geen hindernis maar hulp bij zijn persoonlijke groei. En daar past ook traditiekritiek goed bij.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden