Is klimaatbeleid te duur voor arme landen?

Inkomensverbetering voor arme landen helpt het milieu niet. Hoe meer er verdiend wordt, hoe meer geconsumeerd en vervuild.

Het is een wijdverbreid misverstand dat klimaatbeleid veel geld kost en dat arme landen zich geen klimaatbeleid kunnen veroorloven. Marco Visscher legde dit argument weer op tafel (Trouw, 7 december). Onze aandacht moet niet uitgaan naar een vermindering van uitstoot van broeikasgassen, betoogt hij, maar naar economische groei. Arme landen zouden inkomen nodig hebben om de gevolgen van klimaatveranderingen op te kunnen vangen. In dit argument schuilt een gevaarlijk tweede misverstand, namelijk dat we ons met kostbare maatregelen kunnen verdedigen tegen de schade die klimaatveranderingen veroorzaken.

Klimaatbeleid kost veel geld en arme landen kunnen zich dat niet veroorloven. Dit idee berust op het wereldbeeld dat het inkomen gegeven is en maar één keer kan worden uitgegeven. Als we het uitgeven aan milieumaatregelen, kunnen we het niet meer uitgeven aan consumptiegoederen. Arme landen hebben het inkomen nodig voor voedsel en kunnen het dus niet uitgeven aan klimaatbeleid.

Wie inkomen in een bredere context bekijkt, bijvoorbeeld door 200 jaar in het verleden en 50 jaar in de toekomst te kijken, ontdekt dat de kosten van klimaatbeleid verwaarloosbaar zijn ten opzichte van de inkomensgroei die de wereld aan technologische ontwikkelingen te danken heeft. Als de wereld twee procent van het inkomen besteedt aan schone energie kan de aarde binnen 50 jaar klimaatneutraal zijn. Dat lijken hoge kosten, maar het is vergelijkbaar met één jaar economische groei.

Een vergelijkbaar argument geldt voor ontwikkelingslanden. De vraag of een land investeringen kan aantrekken is voor arme landen veel belangrijker dan de hoogte van de kosten van klimaatbeleid. Het blijkt dat investeringskapitaal en inkomen bijna een-op-een gekoppeld zijn. Welvaart of klimaatbeleid is een vals dilemma. Het lijkt aantrekkelijk voor een bedrijf om te investeren in een land waar geen premie hoeft te worden betaald voor milieugebruik. Uit empirisch onderzoek blijkt echter dat goed bestuur, degelijk milieubeleid en het aantrekken van investeringen hand in hand gaan.

Het tweede misverstand is dat investeren in bijvoorbeeld dijken en dammen de schade van klimaatveranderingen belangrijk kan beperken. De overheid werkt dit misverstand in de hand door in haar rapporten te vermelden dat zelfs bij extreme zeespiegelstijging Nederland niets hoeft te vrezen.

Als we de uitstoot van CO2 niet binnen 50 jaar sterk laten dalen, is de kans groter dat Groenland in de komende duizend jaar zal smelten, waardoor de zeespiegel met zeven meter extra stijgt. Dijken en dammen zijn dan zinloos, niet alleen voor Rotterdam, maar ook voor Bangladesh, Caïro en New York.

Daarnaast: het belangrijkste probleem is niet economisch, maar biologisch. Wereldwijd staan ecosystemen onder druk. Een grote klimaatwijziging kan tot een ineenstorting van ecosystemen leiden. Mogelijk wordt de Amazone een savanne.

Het klimaatprobleem oplossen met versnelde inkomensgroei, zoals Marco Visscher voorstelt, betekent dat de wal het schip zal keren. De ’natuurlijke’ economische tendens is dat energiegebruik en CO2-emissies stijgen met het inkomen. Hoe meer inkomen, hoe meer klimaatveranderingen. De schade aan ecosystemen zal onherstelbaar zijn. Deze koppeling kan eenvoudig verbroken worden, zonder veel kosten, als je de brede context ziet. Daar is wel moed voor nodig.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden