IS-kalifaat na een jaar: wanbeleid en geldgebrek

Strijders van Islamitische Staat paraderen door Raqqa. Beeld reuters
Strijders van Islamitische Staat paraderen door Raqqa.Beeld reuters

Andersgelovigen moeten het ontgelden, net als hun heiligdommen. Maar wie zich schikt naar de wetten van Islamitische Staat kan in het kalifaat leven, min of meer. Ware het niet dat Islamitische Staat last krijgt van dalende inkomsten.

De Amerikaanse terrorisme-expert Walter Laqueur merkte ooit op dat het succes van terrorisme wordt bepaald door de publiciteit die het krijgt. Wie zijn redenering doortrekt naar het heden, kan niet anders concluderen dan dat Islamitische Staat (IS) kampioen is onder de terroristen.

Geen organisatie ter wereld staat tegenwoordig zo in de belangstelling als IS. Verbrandingen, kruisigingen, amputaties, homoseksuelen van gebouwen gooien: elke dag domineert IS het nieuws. Maar de belangstelling nam pas echt een hoge vlucht op 10 juni 2014, vandaag een jaar geleden. Dat was de dag dat Mosul, de een na grootste stad van Irak, op spectaculaire wijze in handen viel van IS en de wereld in verbijstering achterliet.

Verlammend effect
In zes dagen tijd overrompelden een paar honderd jihadisten de complete Iraakse troepenmacht in de miljoenenstad. Kort daarop vielen andere steden, waaronder Tikrit. Het Iraakse leger spatte uiteen, voor het oog van de wereld, en de Irakezen keken mee. Het tempo van de opmars had een verlammend effect op de militairen.

Dit gevoel werd nog eens versterkt door de gruwelijke beelden die IS verspreidde: iedere verovering werd gevierd met een slachtpartij, en de beweging legde deze nauwkeurig vast op camera.

Voor zo'n 1500 militairen, die nabij Tikrit gestationeerd waren, kwam de opmars van IS zelfs zo onverwacht, dat ze het nieuws vernamen van hun beulen. Zij zouden later allen opduiken op een van IS' gruwelijke video's.

Door al het geweld en de media-aandacht voor zijn gruweldaden, zou men bijna vergeten dat er leven is in het islamitische kalifaat. Want dat is mogelijk, ondanks alle moeilijkheden, zo tonen de inwoners van de Iraakse miljoenenstad Mosul en die van het Syrische Raqqa.

Hoeveel mensen er precies wonen in het kalifaat, weet niemand. Hoe het leven de inwoners bevalt, evenmin. Heel af en toe lukt het een journalist het gebied te bezoeken, maar direct contact met de inwoners is nauwelijks mogelijk.

Strengst
Wel is er genoeg bekend over het bestuur van IS. De inwoners van het kalifaat zijn onderworpen aan de strengste religieuze wetgeving in de islamitische wereld. Het enige land dat een soortgelijke wetgeving kent, is Saudi-Arabië.

Wie wordt betrapt op het beoefenen van 'zwarte magie', verliest zijn hoofd. Wie steelt, verliest zijn hand. Wie betrapt wordt op overspel, vindt de dood door steniging. Op spionage staat de doodstraf én kruisiging: na onthoofding wordt het lichaam tentoongesteld aan een kruis.

Zware overtreding is het aanhangen van een verkeerd geloof, of nog erger: ongelovigheid. Hele bevolkingsgroepen zijn daarom gevlucht uit het kalifaat. Duizenden sjiieten, alawieten en atheïsten zijn in het afgelopen jaar ter dood gebracht vanwege hun geloof of overtuiging. De yezidi's, een geloofsgroep die de jihadisten beschouwen als 'duivelaanbidders', werden vogelvrij verklaard - de meisjes en vrouwen werden verhandeld op de (seks)slavenmarkt.

De Iraakse en Syrische christenen, die al voor de komst van de islam het gebied bewoonden, moeten dit jaar voor het eerst sinds 1856 weer 'jizya' betalen, een belasting voor niet-moslims. In ruil daarvoor krijgen ze 'bescherming' en hoeven ze zich niet te bekeren tot de islam. Daar staat tegenover dat christelijke vrouwen alleen gesluierd over straat mogen. Christenen mogen geen afbeeldingen vereren, omdat dit in strijd is met de islam.

Jezusbeelden kapot
Dat betekent dat alle iconen, die onlosmakelijk zijn verbonden met de oosterse kerken, zijn verboden (merkwaardig genoeg houdt IS zich niet aan zijn eigen voorschriften, want de beweging publiceert dagelijks beeltenissen van omgekomen strijders).

In een video die IS in maart publiceerde, is te zien wat de regelgeving in de praktijk voor christenen betekent: een aantal jihadisten dringt een kerk binnen en slaat Maria- en Jezusbeelden kapot, evenals het kruis dat op de kerkgevel staat.

In het Libische deel van het kalifaat, waar IS begin dit jaar een nieuwe afdeling opende, gelden weer andere regels voor christenen. Zij hoeven geen jizya te betalen, noch hoeven zij zich te bekeren. Zij betalen de prijs voor hun 'verkeerde geloof' met hun leven. In februari en maart publiceerde IS video's van massa- executies van onder meer Egyptische en Ethiopische christenen op een strand, waarin de beul voor de camera de oorlog verklaarde aan alle christenen.

Yezidi's op de vlucht voor het geweld van IS. Beeld reuters
Yezidi's op de vlucht voor het geweld van IS.Beeld reuters

Naast minderheden en 'overtreders' van de islamitische regels, moesten ook religieuze gebouwen het het afgelopen jaar ontgelden. Internationaal is er veel aandacht voor het behoud van het erfgoed van de antieke Oudheid, maar de jihadisten hebben vooral de aanval geopend op levende culturen en religies, de spirituele islam in het bijzonder. In het afgelopen jaar gingen honderden islamitische heiligdommen tegen de vlakte. In de hele regio sneuvelden soefi-heiligdommen, die door IS als heidense bouwwerken worden bestempeld.

De gevolgen van deze vernietiging voor de regio zijn vele malen groter dan die van het Romeinse erfgoed. Opmerkelijk genoeg heeft IS het laatste grotendeels met rust gelaten. De beweging hoopt met de vernietiging van heiligdommen de spirituele islam de nek om te draaien, en de toekomstige generatie te beroven van een herinnering, die mede door de gebouwen in stand werd gehouden. IS lijkt een amorfe maatschappij te willen creëren, die, nadat ze is gezuiverd, gekneed kan worden tot iedere door de beweging gewenste vorm.

Oorlogsbuit
Toch is geweld niet overal in het kalifaat aanwezig. De Duits-Amerikaanse filosofe Hannah Arendt schreef eens dat waar macht absoluut heerst, geweld afwezig is en dus dat 'geweld verschijnt waar macht in gevaar verkeert'. Voor veel burgers die onder het islamistische juk leven in de gebieden waar de macht van IS niet wordt betwist, bestaat het leven niet louter uit geweld. Ze gaan naar de markt, brengen hun kinderen naar school en nemen de bus naar het werk.

Hun welzijn is echter voor een groot deel afhankelijk van oorlogsbuit en het leed van anderen. De belasting voor 'zuivere moslims' was aanvankelijk relatief laag, omdat IS inkomsten kon halen uit andere bronnen. De beweging had een aantal olievelden veroverd, en verkocht olie aan het buitenland.

Daarnaast harkte IS nog altijd geld binnen met de speciale belasting voor christenen. Bovendien mochten de leden van de organisatie de bezittingen die zij buitmaakten op de 'ongelovige' vijand houden. Daarmee creëerde IS een parasitaire roversmaatschappij.

Minder geld
Maar nu de olie-inkomsten dalen, mede door de lage olieprijs en nieuwe financiële restricties, heeft IS minder geld te besteden. Doordat de meeste christenen zijn vertrokken, lopen ook de inkomsten uit de jizya terug. Hun bezittingen zijn daarentegen geconfisqueerd.

Door de financiële problemen moet de beweging een beroep doen op de eigen gemeenschap. Inwoners van Mosul, die nog maandelijks een toelage ontvangen van de Iraakse staat, moeten daar nu een groot deel van afstaan.

Ondertussen is ook het economische leven in het kalifaat grotendeels tot stilstand gekomen. De in strijd begenadigde beweging, lijkt bijzonder slecht in besturen, zo blijkt uit beelden die de BBC deze week toonde van het dagelijkse leven in Mosul.

De video's waren gemaakt en ingestuurd door inwoners. Daarop is te zien hoe sommige burgers hout verzamelen voor brandstof, wegens het tekort aan olie. Anderen struinen de zwarte markt af voor diesel. Er is sprake van een watertekort, en in de straten stapelt het vuilnis zich op. Toegang tot internet is vrijwel onmogelijk, tenzij men bereid is een duur abonnement af te sluiten.

Keizersnede
In IS-hoofdstad Raqqa is het niet anders, stellen activisten. "Het is hier nu duur", vertelde een activist onlangs aan een Amerikaanse krant. "De kosten voor levensonderhoud zijn heel hoog." Zo betaalt een vrouw bij bevalling al gauw zo'n 70 euro voor een keizersnede. Voor een land waar het gemiddelde jaarinkomen vóór de oorlog lag op 1700 euro, is dat een bijna niet op te hoesten bedrag. Hoewel er in de regio genoeg graan is te vinden, is de broodprijs vervijfvoudigd.

IS bevindt zich, ondanks alle veroveringen, in een lastig parket. Om zich militair en financieel te handhaven heeft het de steun van de burgers nodig. Maar doordat het weinig inkomsten heeft, moet het steeds vaker een beroep doen op de burgers.

Nu steeds meer mensen ervoor kiezen om te vertrekken uit het kalifaat, nemen de lasten nog verder toe voor de overgebleven burgers, waardoor de economie in een vicieuze cirkel dreigt te belanden. Op den duur zijn er simpelweg te weinig belastingbetalers om IS overeind te houden.

Om die reden riep IS-leider Abu Bakr al-Bagdadi vorige maand alle soennitische moslims, die in het afgelopen jaar zijn uitgeweken naar sjiitische en Koerdische gebieden, op om terug te keren naar het kalifaat: "Onze harten blijven gebroken achter wanneer jullie huis en haard verlaten om beschutting te zoeken in het land van de sjiieten en de Koerdische atheisten, en jullie door het land moeten zwerven. Zelfs als jullie familieleden ongelovigen zijn en tegen ons vechten, zullen we jullie niet daarvoor verantwoordelijk stellen. Keer dus terug naar jullie land, blijf in jullie huizen en zoek beschutting bij jullie mensen van Islamitische Staat, want daar wacht jullie een warme omhelzing en een veilig heenkomen."

Met deze oproep lijkt Abu Bakr al-Bagdadi de stelling van Hannah Arendt goed te hebben begrepen: 'Zonder een volk of groep is er geen macht'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden