Is het typisch links: niets doen voor bedreigden?

Ooit vluchtte Descartes naar Nederland. Nu vlucht Hirsi Ali naar vrijstaat Frankrijk.

In het artikel ’De linkse Franse vrienden van Hirsi Ali’ (Trouw van gisteren) schrijft Marijn Kruk dat het voornamelijk ’linkse intellectuelen’ zijn die Ayaan Hirsi Ali omarmen. „Het rijtje toont een opvallend verschil met de Nederlandse ’vrienden van Ayaan’. Anders dan mensen als Paul Cliteur of Leon de Winter zijn haar Franse vrienden zonder uitzondering afkomstig van links.”

Het eerste wat mij trof, is de irrelevante invalshoek van het stuk. Is het interessantste wat je kunt opmerken over de spectaculaire wending die de discussie over de veiligheid van Hirsi Ali heeft genomen, dat haar Nederlandse ’vrienden’ ’rechts’ en haar Franse ’links’ zouden zijn? Dat kan alleen in een land waarin het onbenulligste tot de kern van de zaak wordt gedefinieerd. Omdat ik denk dat deze berichtgeving zich nog vele malen zal herhalen in andere media, wil ik het volgende onder de aandacht brengen.

Ik heb mij vanaf de eerste bedreiging aan het adres van Hirsi Ali tot aan de situatie van vandaag op het standpunt gesteld dat de staat als primaire verantwoordelijkheid heeft het beveiligen van haar burgers tegen geweld. Dat is niet links of rechts, maar gezonde staatstheorie. De staat bestaat primair ter beveiliging van burgers. Als de staat daarin nalatig is, hebben alle andere staatsfuncties geen enkele betekenis.

Het heeft bijvoorbeeld helemaal geen zin om de taliban in Afghanistan te gaan bestrijden als je een van je eigen staatsburgers niet tegen terrorismebedreiging wilt beschermen. Het is zinloos om, zoals premier Balkenende onlangs deed, te protesteren tegen een terdoodveroordeling in Afghanistan als je tegelijkertijd de beveiliging aftrekt van een prominent staatsburger waarvan je eigen inlichtingendienst aangeeft dat zij groot gevaar loopt.

Is het soms typisch ’links’ om niets te doen als mensen worden bedreigd? Minister Plasterk heeft in zijn vorige leven als columnist tot driemaal toe voor de televisie herhaald dat Ayaan Hirsi Ali op een ongeldige titel in Nederland verbleef. Toen haar paspoort afgepakt dreigde te worden, kreeg hij spijt, maar dat berouw brengt hem niet tot een voortvarender opstelling in de kwestie rond de bedreigde Iraanse kunstenares Sooreh Hera.

De regering-Balkenende realiseert zich niet dat men met de weigerachtige opstelling in de kwestie-Hirsi Ali aan Nederland zware imagoschade berokkent in het buitenland. Eerst is in de Verenigde Staten het beeld gevestigd van Nederland als een land dat zijn burgers aan terreurnetwerken uitlevert. Nu zal in Frankrijk bericht op bericht verschijnen dat terwijl Descartes, Bayle en John Locke eens naar de vrijplaats Nederland konden vluchten om hun werk in Amsterdam te publiceren, nu Frankrijk de protectie biedt aan vervolgde intellectuelen. Op dit moment wordt geschiedenis geschreven en de regering slaapwandelt voort.

Waar we aan moeten wennen, is dat we nu geconfronteerd worden met wat ik ’nieuwe nomaden’ wil noemen. Het gaat om mensen als Ayaan Hirsi Ali en Taslima Nasreen. Zij worden overal op de wereld bedreigd met terroristisch geweld. Maar hun eigen staten onttrekken zich aan de verantwoordelijkheid voor hun beveiliging (India in het geval van Nasreen). Vervolgens melden zich dan weer nieuwe staten aan als vrijplaatsen. Die nieuwe staten (bijvoorbeeld Denemarken dat ook voor Hirsi Ali in de bres wilde springen) verdienen onze bewondering en lof, de staten die hun eigen burgers niet willen beschermen ons misprijzen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden