Is er bij formaties een probleem dan?

Het is vaak veel te leuk om te speculeren over het geheim van Huis ten Bosch dan om nuchter te analyseren wat nu precies die vermeende macht is van de met, ook al vermeende, linkse sympathieën behepte koningin. Als het staatshoofd dan ook nog eens, zoals afgelopen zomer, niet onmiddellijk doet wat een meerderheid in de Kamer wenst, zijn de poppen aan het dansen. Een koningin, die zich niet onmiddellijk neerlegt bij de rechtse omwenteling, kan niet deugen. Die gaat haar boekje te buiten en dat zal dan wel zijn, omdat ze zich niet terstond wenst neer te leggen bij de 'wil van het volk'.

Vicevoorzitter Herman Tjeenk Willink is zo'n man, die - als de wolven in het bos huilen - eerst eens grondig na wil denken voor hij begint mee te huilen. Een onhebbelijke eigenschap in dit tijdsgewricht. Mensen in de wereld van politiek en bestuur die vraagtekens zetten bij de procedurele zuiverheid tijdens het omzetten van de volkswil in regeringsmacht, maken zich onmogelijk. Zij zijn de representanten van de linkse regentenkliek, die ook nog eens het staatshoofd voor hun beklagenswaardige karretje weten te spannen.

De discussie sinds deze zomer over de positie van het staatshoofd in formaties heeft surrealistische aspecten. VVD'ers vroegen zich af, toen Tjeenk Willink opnieuw tot informateur benoemd werd, sinds wanneer de koningin en haar adviseurs bij de verkiezingen ook Kamerzetels veroverd hadden. Diezelfde partij verzet zich echter sinds jaar en dag, samen met het CDA, tegen pogingen de Kamer zelf rechtstreeks verantwoordelijk te maken voor de procedures in de formatie.

Welk probleem vraagt er nu eigenlijk in deze discussie om een oplossing, was de tegenvraag van Tjeenk Willink toen hem vorige week gevraagd werd of het beter zou zijn als het staatshoofd niet meer als bewaker van de zuivere procedures in de formatie betrokken zou blijven.

Het is nog niet zo eenvoudig die vraag scherp te beantwoorden. Het probleem zal wel ongeveer liggen bij de geheimzinnigheid waarmee het proces om te komen tot de aanwijzing van een of meerder informateurs omgeven is. Het gaat dan alleen wel om die korte periode zelf. De Kamer kan na de informatieperiode de terugtredende informateur immers het hemd van het lijf vragen.

Sinds de eerste formatie na de oorlog wint het staatshoofd advies in bij alle fractievoorzitters, later werden die adviezen ook openbaar. Sinds de jaren zestig onderhandelen Kamerfracties over het te voeren regeringsbeleid en sinds de jaren zeventig kan de Kamer als dat gewenst wordt de informateur aanwijzen. En, tenslotte, sinds de jaren negentig is het gewoonte dat de informateur niet alleen het staatshoofd, maar ook de Kamer verslag uitbrengt.

Wat wil de Kamer nog meer? Ervan uitgaande dat het goed is als een onafhankelijke buitenstaander de procedures bewaakt. Een formatie is immers een felle strijd om de macht.

Vandaag wordt op een bijeenkomst in de Kamer opnieuw de vraag gesteld of de rol van het staatshoofd in de formatie niet beëindigd kan worden. Zou er nu wel aangegeven kunnen worden welk probleem daarmee dan opgelost kan worden? Met de constatering dat het, zoals het nu gaat, nu eenmaal niet transparant genoeg is, komen we er niet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden