Opvoedvraag

Is een virtuoos te kweken?

Kinderen uit de Utrechtse wijk Overvecht tijdens een optreden in de Tivoli afgelopen mei. Het concert maakte onderdeel uit van de MuziekRoute om muziekonderwijs op basisscholen te bevorderen.  Beeld ANP JEROEN JUMELET
Kinderen uit de Utrechtse wijk Overvecht tijdens een optreden in de Tivoli afgelopen mei. Het concert maakte onderdeel uit van de MuziekRoute om muziekonderwijs op basisscholen te bevorderen.Beeld ANP JEROEN JUMELET

Bestaat er zoiets als muzikale genen, of kan iedereen zich naar een podium oefenen?

Maaike Bezemer

Een lezer zag laatst kinderfoto's van een dertiger die zijn sporen op muziekgebied al ruimschoots heeft verdiend. "Als tweejarige achter de piano. Als peuter met een mondharmonica voor al zijn knuffels, dat als publiek uitgestald was op de bank. Op een derde foto speelt hij plastic saxofoon, samen met een vriendje", beschrijft hij. "Kennelijk zat het er al vroeg in. Of is het een kwestie van opvoeden?"

Een klassieke vraag natuurlijk: is iets aangeboren of aangeleerd, nature of nurture? Wetenschappers kunnen er uren over discussiëren, zegt hoogleraar klinische neuropsychologie Erik Scherder. Voor zijn recente boek: 'Singing in the brain', verdiepte hij zich in allerlei muziekstudies. Lange tijd is onderzoek van de Zweedse psycholoog Anders Ericsson geciteerd: violisten die tot de grootste talenten werden gerekend, bleken het meest te hebben geoefend. Later koppelde auteur Malcolm Gladwell daar het magische getal van 10.000 uren aan: gedurende tien jaar, zeven dagen per week, elke dag drie uur oefenen, en je blinkt vanzelf uit. Niet alleen op een muziekinstrument, maar ook als voetballer of schaker.

Zo simpel is het in ieder geval niet, zegt Scherder. "Als je helemaal niet oefent, wordt het hoe dan ook niets. Maar aangeboren talent, algemene intelligentie en de leeftijd waarop iemand begint, hebben minstens zoveel invloed op prestaties. Wil je vervolgens optreden, dan moet je ook de spanning aankunnen en een performance durven geven."

Stimuleren

De neurowetenschapper weet vooral wat het effect is van muziek op het brein. In die zin is stimuleren zeker zinvol, zegt hij. Liefst van jongs af aan, want voor het zevende jaar zijn de hersenen extra sensitief. Muziek luisteren en maken verbindt beide hersenhelften, activeert veel verschillende gebieden in het brein, het geheugen, het bewegingscentrum, taalgebieden. "Het triggert zowel de motorische als de emotionele ontwikkeling, bevordert het empathisch vermogen." Er zijn ook studies die aantonen dat kinderen beter presteren met rekenen als ze intensief muziekles krijgen.

Scherder vindt concertpianist worden niet het belangrijkste doel. "Muziek kan verwarmen, verwarren, vertederen. Sociaal gezien is het bespelen van een instrument de beste manier om te netwerken. Muziek verbindt."

Volgens muziekpedagoog Margré van Gestel is elk mens muzikaal. In de buik leert een baby al betekenis geven aan geluiden. "Kun je geen toonhoogte onderscheiden, dan kun je geen taal leren."

Van Gestel geeft al meer dan dertig jaar muziekeducatie aan heel jonge kinderen. Ze is ervan overtuigd dat het al helpt als er thuis gezongen wordt. "Grote kans dat er bij een voorleeskampioen thuis veel wordt gelezen, zoals ouders ook de voetbalprestaties van hun kind volgen en daarmee stimuleren. Je kunt wel een piano neerzetten, maar een kind moet ook horen wat je daar voor leuks mee kunt." Later - als ie goed wordt - moeten de ouders halen en brengen naar muziekles, aanmoedigen, bladmuziek en instrumenten kopen. "Zonder stimulans thuis wordt het lastig."

Ukkepukconcerten

Van Gestel organiseert ook ukkepukconcerten, waar ook stukken van Sjostakovitsj zijn te horen. "Het moet niet te lang duren en na tien minuten stilzitten, willen peuters actief meedoen, maar zo voed je ze op."

Er zijn uitzonderlijke talenten zoals Wibi Soerjadi, beseft de muziekdocent. Die was pas elf toen hij piano leerde spelen. Zijn ouders draaiden thuis klassiek, hadden een piano staan. Maar pas na een concertbezoek werd muziek voor hem beleving in plaats van behang. Toen kon hij ook binnen een week noten lezen en 'Für Elise' spelen.

Volgens muziekdocent Ronald Spanjaardt kan iedereen in ieder geval genieten van muziek. Spanjaardt is muziekdocent op een basisschool, geeft gitaarles bij muziekschool Boudijn in Hoorn en ontvangt daar sinds kort ook kinderen van een buitenschoolse opvang.

Hij is er geen voorstander van dat ouders een instrument kiezen, zoals je vroeger begon met blokfluitles. "Geen kwaad woord over de blokfluit hoor: die kan betoverend mooi zijn, maar laat kinderen vooral zelf ervaren wat ze leuk vinden. Hij begint het liefst met zingen. "Tonen treffen met de eigen stem." Op school hebben ze nu boomwhackers, kleurige holle plastic buizen die elk een eigen toon voortbrengen. "Heel aantrekkelijk", zegt Spanjaardt. "Ze kunnen ritmes slaan en samen melodieën maken. Zeven buizen samen is een octaaf."

Boomwhackers Beeld RV
BoomwhackersBeeld RV

Een instrument vraagt een zekere handigheid. En je moet studeren; de beloning komt niet meteen. Een extra reden voor muziekonderwijs, vinden de experts: een kind leert doorzetten.

De overheid investeert miljoenen in muzieklessen op basisscholen en de pabo. De school van Spanjaardt maakt gebruik van die subsidie. Erik Scherder is ambassadeur van het programma 'Meer muziek in de klas', want "alleen via het onderwijs bereik je alle kinderen." Ook degenen die het van huis uit niet meekrijgen. "Het ene kind heeft misschien meer aanleg dan de ander, maar ze verdienen het allemaal te worden uitgedaagd," zegt de breinprofessor.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden