Is een auto in brand steken zo makkelijk?

Zeven auto's gingen in korte tijd in vlammen op in Utrecht. De stad scoort al jaren hoog met autobranden. Een auto in brand steken is helemaal niet zo moeilijk, zegt forensisch psycholoog Ernst Ameling.

Het is een hardnekkig probleem in Utrecht. Gemiddeld vliegen er zes auto's per maand in brand in de Domstad. Vorig jaar waren er in totaal 106 autobranden, waarvan bijna de helft tijdens de jaarwisseling. Tot oktober van dit jaar werden al 78 auto's in de as gelegd. De zeven die daar deze week bij kwamen, noemde een woordvoerder van de Utrechtse brandweer in het AD 'gebruikelijk voor deze tijd van het jaar'.


Wat het lastig maakt een dader in de kraag te vatten, zegt de politie, is dat het bewijs vaak ter plekke verbrandt. De dader is moeilijk op te sporen doordat die zich vermomt met capuchon of sjaal. En omwonenden zien vaak pas wat er aan de hand is als de brand al is uitgebroken en de dader is gevlogen.


Want een auto in brand heb je eigenlijk zo gedaan, zegt forensisch psycholoog Ernst Ameling. "Je trekt een lange jas met capuchon aan, zoekt een auto uit die niet onder een lantaarnpaal staat", legt Ameling uit. "Dan steek je een aanmaakblokje aan, en legt die in de grille. In 90 procent van de gevallen staat een auto dan binnen drie minuten in brand; de oliën vatten op die manier snel vlam."


Naar het motief van de dader(s) is het veelal gissen, zegt Ameling. Want wanneer heb je te maken met een vandaal die een auto in brand steekt uit 'rebellie of ongenoegen', en wanneer is sprake van bijvoorbeeld een vergeldingsactie of zelfs pyromanie?


Volgens Ameling neigen de autobranden in Utrecht op het eerste gezicht naar vandalisme, doordat er niet meteen een patroon te ontwaren valt. "Een pyromaan laat vaak een handtekening achter, bijvoorbeeld door één type auto in brand te steken. Zijn motief is miskenning; hij wil aandacht. Het zijn vaak jonge, laagopgeleide mannen met een laag IQ."


Vandalen daarentegen acteren vaak in groepjes, zegt Ameling. De een heeft het bedacht, de ander doet het en de derde staat op de uitkijk. "Ze legitimeren elkaar. Het zijn vaak adolescenten uit minder kansrijke milieus. Ze doen het vaak vanuit rebellie of ideologie, maar ook om stoer te doen bijvoorbeeld, of uit een soort basale boosheid. Ze voelen zich slachtoffer, of hebben het idee er niet bij te horen."


Maar, benadrukt de forensisch psycholoog, het blijft natte vingerwerk totdat een dader is gepakt of er genoeg informatie is om een patroon uit te tekenen. Zo'n patroon kan zijn dat er gericht auto's van rijke mensen of allochtonen in brand worden gestoken, of juist op een bepaald tijdstip.


Dat de autobranden nu oplaaien in aanloop naar Oud en Nieuw - zoals de afgelopen jaren altijd het geval was - is volgens Ameling geen toeval. "Vuurwerk heeft een stimulerende werking."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden