Is de vermiste atoombom eindelijk opgedoken?

Replica van de vermiste kernbom in het Western Canada Aviation Museum.Beeld Flickr

Na uren tevergeefs naar zeekomkommers duiken voor de kust van Canada, vond Sean Smyrichinsky het vorige week wel mooi geweest. Zijn dag onderwater zat erop. Toch pakte hij nog even zijn zeescooter, want hij had vis voor de volgende dag nodig. Smyrichinsky was vrij ver bij zijn boot vandaan toen hij ineens een metalen gevaarte op de bodem van de oceaan zag liggen.

"Het was enorm, groter dan een kingsize bed, en leek op een soort bagel", vertelt hij aan de krant Vancouver Sun en aan The Guardian. "Rond, maar plat aan de bovenkant met een gat in het midden. Het was het vreemdste ding dat ik ooit heb gezien."

Eenmaal weer op de boot, die voor anker lag bij de eilandengroep Haida Gwaii, tachtig kilometer uit de kust van Brits-Columbia, beschreef hij aan zijn mededuikers wat hij had ontdekt. "Ik heb een ufo gevonden", grapte hij en tekende het mysterieuze object op een servetje.

Aan wal vroeg hij rond wat het zou kunnen zijn. Niemand had een idee, totdat een van zijn vrienden, een oude rot, zei: "Oh, misschien heb je die bom wel gevonden". De vriend refereerde aan het mysterie rond de B-36 bommenwerper van de Amerikaanse luchtmacht.

Van de radar

De B-36 maakte op 13 februari 1950 een geheime testvlucht van Alaska naar een luchtmachtbasis in Texas om een nucleaire aanval te oefenen. Met aan boord een echte Mark IV, een vijf ton wegende kernbom in de vorm van een luchtschip. Zo wilden de Amerikanen testen of de bommenwerper het gewicht kon dragen.

Maar een paar uur na het opstijgen, vlogen drie van de zes motoren in brand. De bemanning zou de Mark IV boven de Stille Oceaan hebben laten vallen en daarna met een parachute uit het brandende vliegtuig gesprongen zijn.

Vlak voor middernacht verdween de bommenwerper, die op de automatische piloot was gezet, van de radar en stortte vervolgens neer in de besneeuwde bergen van noordelijk Brits-Columbia. Pas drie dagen later werden twaalf van de zeventien bemanningsleden levend teruggevonden. Het Amerikaanse leger zei toen dat de vermiste bom een dummy was: de Mark IV zou gevuld zijn met lood, uranium en explosieven en niet met plutonium, dat nodig was voor een nucleaire explosie.

Tegen de BBC zegt Dirk Septer, een Canadese luchtvaarthistoricus, dat de Amerikaanse overheid op zoek ging naar de wrakstukken, maar het kernwapen niet kon vinden. "Het was een raadsel. Op het hoogtepunt van de Koude Oorlog waren de Amerikanen als de dood dat de Russen de bom in handen zouden krijgen."

Canada doet onderzoek

Toen duiker Smyrichinsky dit verhaal hoorde zocht hij op internet naar informatie. Hij kwam een foto van de kernbom tegen en herkende wat hij op de zeebodem had zien liggen. In een email aan het Canadese ministerie van defensie maakte hij zijn vondst bekend, waarop het ministerie liet weten de zaak met grote belangstelling te zullen onderzoeken.

Amerikaanse collega's bevestigden dat het de bewuste bom zou kunnen zijn, zegt een woordvoerder van het Canadese ministerie van defensie tegen de BBC. Het Amerikaanse leger denkt dat de bom niet actief is of een bedreiging vormt. Toch stuurt de Canadese marine er de komende weken voor de zekerheid schepen op af. Om te kijken of het echt om 'the lost nuke', de vermiste atoombom, gaat.

Volgens de BBC zijn er meerdere gevallen bekend van kernwapens die tijdens de Koude Oorlog zoek zijn geraakt. Vaak duurde het jaren voordat het volledige verhaal duidelijk werd. Betrokken landen deden erg geheimzinnig over het ontwerp van hun kernwapens, maar ook omdat ze bang waren voor de reacties van de lokale bewoners.

Zo stortte in 1968 een Amerikaanse bommenwerper neer vlak voordat deze luchtmachtbasis Thule op Groenland bereikte. Meerdere onderdelen van een kernwapen zonken tot diep onder het poolijs. Speciale onderzeeërs konden sommige delen weer boven water krijgen, maar niet alles werd geborgen.

Twee jaar daarvoor crashte een Amerikaanse bommenwerper bij het Spaanse kustplaatsje Palomares. Drie waterstofbommen uit de B-52 werden toen direct in de omgeving teruggevonden; twee intact, de derde lekkend. Maar de vierde werd pas twee maanden later in de Middellandse Zee opgespoord. Pas in 2015 tekenden de Verenigde Staten een overeenkomst met Spanje over het opruimen van het radioactieve materiaal dat nog steeds op de plaats van de crash lag.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden