'Iraniër begint niet meer aan studie natuurkunde'

Nederlands-Iraanse hoogleraar kernfysica trok ten strijde tegen discriminerende maatregelen

Vanwege zijn Iraanse paspoort was de Nederlander Nassar Kalantar, hoogleraar kernfysica aan de Rijksuniversiteit Groningen, twee jaar lang niet welkom in de kerncentrale van Petten, waar hij af en toe kwam voor zijn werk. 'Petten' stond in 2008 op de lijst van verboden locaties en studierichtingen voor Iraniërs. Dit verbod was de Nederlandse uitwerking van een resolutie van de Verenigde Naties, die het Iran moet bemoeilijken om aan kennis over nucleaire wapens te komen.

Stigmatiserend en discriminerend, vond Kalantar, en met hem tientallen wetenschappers uit binnen- en buitenland. Een individu weigeren om veiligheidsredenen is voorstelbaar, maar een bevolkingsgroep categoraal uitsluiten gaat in tegen allerlei verdragen en is in strijd met het belang van de vrije wetenschapsbeoefening, was het standpunt van onder meer de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen.

Hoogleraar Kalantar, Behnam Taebi (universitair docent aan de TU Delft) en een student spanden dus een rechtszaak aan tegen de Nederlandse overheid, met support van 'Actiegroep Iraanse studenten'. De drie hebben naast de Nederlandse nationaliteit ook een Iraans paspoort, dat niet kan worden opgezegd. Bovendien, zo voerden ze aan, treft de maatregel vaak vluchtelingen en die hebben niets met het Iraanse regime van doen. "Als je atoomgeheimen niet goed genoeg beveiligd zijn, beveilig ze dan beter tegen een ieder, niet enkel tegen mensen van een bevolkingsgroep", aldus hun advocaat Jelle Klaas.

Ze kregen gelijk: de Nederlandse overheid had de drie niet mogen beperken in hun werk en carrièremogelijkheden. Na de uitspraak van de rechtbank in 2010 werd de regeling weliswaar aangepast (zo zijn locaties als Petten na de gebruikelijke screening weer voor iedereen toegankelijk), maar nog altijd moeten studenten met een Iraans paspoort die een masterstudie willen volgen in natuurwetenschappen en techniek een ontheffing aanvragen.

In december vorig jaar oordeelde de Hoge Raad fel over deze zogenoemde 'Sanctieregeling Iran'. Die is discriminerend. Het is, zo zegt de Hoge Raad, niet nodig dat Nederland bij de uitvoering van de VN-resolutie onderscheid maakt tussen Iraanse en andere Nederlanders. Dat onderscheid is strijdig met het discriminatieverbod dat is vastgelegd in het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens.

Het verweer van de Nederlandse overheid dat ze de resolutie niet anders kon uitvoeren, overtuigt de Hoge Raad niet. Andere landen houden het bij visabeperkingen of individuele screening voor iedereen die toegang wil tot bepaalde vakgebieden.

Iraniërs kunnen toegang krijgen tot alle studies, werpt de overheid tegen. Ze moeten alleen ontheffing aanvragen. "Maar Iraanse studenten beginnen er niet eens meer aan", zegt Kalantar. "Ze zoeken een andere studierichting of vertrekken naar het buitenland." Bovendien worden sinds januari door verscherpte sancties alle visumaanvragen voor Iraanse promovendi en arbeidsmigranten die in negen genoemde vakgebieden willen werken, afgewezen.

De impact van de regeling gaat nog verder, zegt Kalantar. "Ik hoor op universiteiten dat Iraanse sollicitanten argwanend worden aangekeken. Hun sollicitaties worden soms niet eens in behandeling genomen." Behnam Taebi: "Ik maak me vooral zorgen over de reputatieschade voor de Nederlandse wetenschap."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden